3.076
74

Vatan Hüzeir is socioloog, onderzoekt onder andere klimaatwetenschapscommunicatie, leidt de EURfossilfree campagne aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, en is mede-initiatiefnemer van de werkgroep ABPfossielvrij.

Met ons pensioengeld kunnen we klimaatverandering bevechten

Actief aandeelhouderschap is niet de meest succesvolle strategie om milieubelastende bedrijven te motiveren tot verduurzaming

Aan de vooravond van de People’s Climate March, de Climate Summit, en de publicatie van een belangrijk klimaatrapport van de Verenigde Naties, bestaat ook in Nederland een breed draagvlak om de transitie te maken naar een fossielvrije toekomst.

Zo werden wij als initiatiefnemers van ABPfossielvrij, een werkgroep van FossielvrijNL, onlangs door zeventien maatschappelijke organisaties gesteund in onze oproep aan het ABP om niet meer te beleggen in de kolen-, gas-, en olie-industrie.

Deze organisaties, met een achterban van ongeveer één miljoen mensen, eisen dat onze overheid- en onderwijspensioenen niet langer worden aangewend voor financiering van bedrijven die zo overduidelijk vastzitten in het fossiele regime. Hierdoor worden ABP pensioenhouders immers gedwongen medeverantwoordelijk te zijn voor verergering van de klimaatproblematiek en lopen ze bovendien financieel risico vanwege de zogenoemde koolstofbubbel.

Uit onze ABP-Duurzaam Stemwijzer bleek eerder dat ook leden van het medezeggenschapsorgaan van het pensioenfonds zich zorgen maken over deze fenomenen, en gister (tijdens een actie van FossielvrijNL bij het ABP hoofdkantoor in Amsterdam) leerden wij dat verschillende ABP werknemers soortgelijke zorgen hadden.

Afgelopen week hebben we daarom met ABP een gesprek gevoerd over welke rol het ABP voor zichzelf ziet weggelegd in de transitie naar een fossielvrije samenleving. Een positieve uitkomst van het gesprek was dat de aanwezige bestuurslid van ABP en senior sustainability specialist van uitvoeringsorganisatie APG erkenden dat antropogene klimaatverandering een probleem is dat in de toekomst kan leiden tot desastreuse gevolgen voor onze manier van leven. Toch behoeft de manier waarop zij hun verantwoordelijkheid hieromtrent nemen een kritische reflectie.

Als eerste zien ABP/APG niet divestering, maar juist actief aandeelhouderschap als meest succesvolle strategie om milieubelastende bedrijven te motiveren tot verduurzaming. Deze redenering lijkt ons niet steekhoudend in het licht van fossiele energiebedrijven, waarbij de core-business het probleem vormt. Op de vraag welke positieve bijdrage ten aanzien van het klimaatprobleem is bedongen via dat aandeelhouderschap, bleven de vertegenwoordigers van het pensioenfonds en uitvoeringsorganisatie ons een antwoord schuldig. Het gebrek aan succesverhalen is pijnlijk, maar niet verbazingwekkend.

Zo blijkt dat ABP tijdens aandeelhoudersvergaderingen van fossiele energiebedrijven bijna altijd netjes het door de verschillende besturen ‘aanbevolen’ stemgedrag opvolgt. Dat betekent vooral stemgedrag zonder veel veranderingspotentieel. En alhoewel tijdens die vergaderingen door de jaren heen vóór “tientallen klimaatresoluties” werd gestemd, erkenden ABP/APG tijdens het gesprek al dat hun jarenlange ‘progressieve’ stembeleid afgerond niets heeft opgebracht vanwege het stemgedrag van een veel grotere groep conservatievere aandeelhouders die er vooral op uit zijn op korte termijn zo veel mogelijk winst te boeken.

De gedachte dat ABP met haar minderheidsbelang kan bijdragen aan het radicaal veranderen van CO2-intensieve bedrijfsmodellen door die te injecteren met gigantische hoeveelheden kapitaal is zo bezien onzinnig. Natuurlijk weet ook ABP dat bedrijven zich gesteund voelen door aandeelhouderschap van beleggers als zijzelf. Precies vanwege deze reden divesteren zij uit bedrijven waarvan de producten of diensten niet voldoen aan de richtlijnen die ABP volgt (zoals bij clusterwapens).

Bij ons wekte het verder de verbazing te horen dat ABP/APG weinig vertrouwen hadden dat in plaats van aandeelhouderschap, juist divesteren kan leiden tot de beoogde omwenteling naar een duurzame toekomst. Divesteren zou vooral het effect hebben dat klimaat-apathische spelers de vrijgekomen aandelen opkopen en op die manier het klimaatprobleem dus niet helpen op te lossen. Dat is volgens ons een te pessimistische inschatting van het effect van divesteren.

Is het niet precies de mondiale divestering uit Zuid-Afrika geweest die eerder cruciaal was bij de overwinning op het apartheidsregime aldaar? Ok, dat succes was misschien niet direct te danken aan de financiële druk op de Zuid-Afrikaanse markten – die was volgens sommigen gering – maar er is wel overeenstemming dat het bredere publiek zich heftig begon te verzetten tegen het apartheidsregime, mede als gevolg van die divesteringscampagne. De publieke opinie, die zich door de campagne zo kenmerkte door het sentiment van moreel verzet tegen apartheid, werd uiteindelijk bediend door de politiek. De les hieruit (en uit andere divesteringscampagnes zoals die omtrent sweatshops, corruptie of de tabaksindustrie) is voor ABP dat juist nádat belangrijke aandeelhouders besloten te stoppen met beleggingen in bepaalde bedrijven de gezochte kanteling plaats kon vinden. Deze daadkracht is nu meer dan ooit nodig. En, waarom eigenlijk niet? Tot nu toe heeft aandeelhouderschap in ieder geval het verschil níet gemaakt.

Ondertussen toont onderzoek aan dat geen enkele soortgelijke campagne in de recente geschiedenis zo snel zo veel maatschappelijk draagvlak heeft kunnen ontwikkelen als de fossiele desinvesteringscampagne. Verschillende universiteiten, geloofsinstellingen, gemeenten, pensioenfondsen, en andere instituties hebben inmiddels begrepen dat dit de weg voorwaarts is en zich dus onttrokken aan financiële belangen in kolen, gas, en olie. De beweging groeit hard, en door af te zien van haar financiële belangen (van tientallen miljarden euro’s) in grijze energie kan ABP helpen deze kanteling door te zetten. Dan koersen we pas echt op winst.

Daarbij is het cruciaal dat ABP zichzelf begint te zien als een speler die impact kan hebben op een volwaardige transitie naar een duurzame toekomst. Op dit moment is dat niet zo, omdat het ABP zichzelf telkens uit die rol plaatst. Wij zeggen: “Jullie zijn de katalysator. Zie dat”. Als initatiefnemers van ABPfossielvrij zullen we die boodschap in de komende maanden steeds sterker naar voren te brengen. Samen met een groeiende groep ABP-deelnemers en met experts uit allerlei domeinen. Opdat ons pensioengeld het verschil gaat maken in het bevechten van klimaatverandering.

Vatan Hüzeir is socioloog, onderzoekt onder andere klimaatwetenschapscommunicatie, leidt de EURfossilfree campagne aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, en is mede-initiatiefnemer van de werkgroep ABPfossielvrij.

Geef een reactie

Laatste reacties (74)