2.824
15

Feminist en socialist

Mylene Bolder (27) is afgestudeerd als creatief therapeut en daarna vooral werkzaam geweest in de kinderopvang als theatermaker jeugdcoach. Ze is feminist en socialist, lid van de internationale socialisten en redactielid van socialisme.nu

#MeToo: laat het niet wegebben, stel eisen

Vrouwen die slachtoffer worden moeten toegang hebben tot professionele hulp en de drempel hiervoor moet zo laag mogelijk zijn. Rutte III is daarin een obstakel

#MeToo heeft zichtbaarheid gecreëerd in de problematische grootte van seksueel geweld. Nu nog steeds popt MeToo op en lijkt er sneller -of überhaupt- aan de bel te worden getrokken bij seksisme of seksueel geweld. Maar nu #MeToo wat in de luwte lijkt te raken, zouden we het moeten hebben over de gevolgen van misbruik en hoe we het vangnet dat we digitaal hebben gecreëerd ook in de maatschappij kunnen vormgeven. Een soort van #Andnowwhat?

#metoo
cc-foto: Alter1fo

Dat roept bij mij de vraag op: waar kunnen slachtoffers, buiten #MeToo om, terecht met bijvoorbeeld psychische klachten door seksueel geweld? Mijn onderzoek daarnaar bracht schrikbarende cijfers en onderzoeken met betrekking tot geestelijke gezondheidszorg (ggz) met zich mee. Daar zouden we als #MeToo’ers eisen over moeten stellen.

Impact
Seksueel geweld betekent voor ieder slachtoffer dat eerdere onbezorgdheid verdwijnt en mogelijk enorme psychische gevolgen heeft. Het creëert bijvoorbeeld problemen met veiligheid en angst, door -soms zelfs in eigen huis- bang te zijn. Of door angst voor fysiek contact, ook met mensen die je wel vertrouwd zoals je partner. Een veelvoorkomend probleem is gebrek aan eigenwaarde, wat weer een grote factor is voor depressie en andere stoornissen. Maar ook moeite met vertrouwen en hechting, wat de band met familie, vrienden, collega’s of het opbouwen daarvan beïnvloed.

Dit leidt tot belemmeringen in allerlei normale dagelijkse zaken: van het huis uit gaan tot je werk uitvoeren tot ouderschap en partnerschap. Enkele voorbeelden die ik onlangs heb gehoord waren: met je sleutelbos of zakmes in je hand over straat fietsen of überhaupt het fietsen ‘s avonds uit de weg gaan; niet meer kunnen functioneren met een onbekende man in dezelfde ruimte; niet in een trein of bus durven zitten met de kans dat er iemand dicht naast je zit; niet kunnen slapen of zelfs moeten verhuizen na verkrachting door een buurman.

Als de schaamte en het schuldgevoel het toelaten, en je merkt beperkingen en klachten in je dagelijks leven door seksueel geweld, kan je naar de huisarts. Maar, psychologen, huisartsen en psychiaters luidden de noodklok.

GGZ is ontoegankelijk
Uit recente onderzoeken blijken de wachtlijsten bij GGZ-instellingen onacceptabel lang waardoor ook huisartsen die psychologische zorg bieden nu met wachtlijsten kampen. Dit heeft rechtstreeks te maken met de bezuinigingen en decentralisatie van de afgelopen jaren op geestelijk gezondheidszorg waardoor 1/3 van de plekken verdween.

Dat is problematisch, want slachtoffers van seksueel geweld hebben veelal snel psychische hulp nodig. Als therapeut zag ik verschillende casussen waar als gevolg van seksueel geweld in combinatie met gebrek aan behandeling persoonlijkheidsstoornissen en verslavingen ontstonden. Het Centrum Seksueel Geweld stelt dat 45% van de slachtoffers van verkrachting een posttraumatische stressstoornis (PTSS) ontwikkelt.

Geestelijke Gezondheidszorg
Begin dit jaar schreven psychiaters in een opiniestuk van de Volkskrant over wachtlijsten in de GGZ die zorgen voor een ‘onacceptabele lijdensweg’. Zij schrijven dat het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) rapporteerde dat er de afgelopen tien jaar een stijgend aantal zelfmoorden plaatsvond als gevolg hiervan. Zij deden onderzoek en concludeerden dat maar enkele GGZ-instellingen aan de wachtlijstnorm voldoen en de wachtlijsten veel langer zijn dan bijvoorbeeld op de website wordt genoemd. Het toenemend tekort aan behandelaren noemen zij door ‘de ondoordachte, onvoldoende voorbereide en toch doordenderende bezuinigingen in de geestelijke gezondheidszorg.

Dit statement wordt bevestigd door een onderzoek waarover het Algemeen Dagblad afgelopen juli publiceerde. Uit een studie, gedaan door vier Nederlandse universiteiten, GGZ-instelling InGeest en de Harvard universiteit blijkt dat ‘patiënten die zelf een paar honderd euro moeten neertellen’ voor psychiatrische hulp er niet aan beginnen of hun behandeling stoppen. Na de invoering van de eigen bijdrage voor psychiatrie in 2012, stopte 13 procent van de patiënten met behandelingen. Hierdoor steeg vervolgens het aantal crisisopnames en verdubbelde het aantal dwangopnames. Hoogleraar psychiatrie Aartjan Beekman van het VUmc in Amsterdam en behandelaar bij GGZ InGeest noemt in hetzelfde artikel dat, hoewel die eigen bijdrage voor psychische zorg in 2013 is teruggedraaid, het algemene eigen risico er voor is teruggekomen en dezelfde problemen geeft. Onderzoeker Ravesteijn in Harvard zegt: ‘het effect van de financiële drempels is nu heel duidelijk aangetoond.’

Begin november bracht ook de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) de schokkende uitslag van een peiling naar buiten:

‘86 procent van de huisartsen benoemt de wachttijden in de gespecialiseerde ggz als een probleem (…) In eerdere jaren was de generalistische basis-ggz nog redelijk goed beschikbaar. Nu signaleren we ook daar lange wachtlijsten (…) Deze problematiek heeft grote gevolgen voor de patiënten, die lang verstoken blijven van benodigde zorg, maar ook voor de huisartsen en hun praktijken. De wachtlijstproblematiek in de ggz leidt ertoe dat ook veel POH-GGZ (die werkzaam zijn in de huisartsenzorg) wachttijden kennen.

Het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) geeft aan dat de nieuwe plannen van Rutte III om opnieuw 1,9 miljard euro te bezuinigingen op de zorg de problemen nog verder zal vergroten. Daarbij komen dan ook nog de kosten voor het eigen risico die de afgelopen jaren zijn gestegen.

Eisen
De problemen van seksueel misbruik lossen we niet op door alle slachtoffers te behandelen en te voorkomen dat ze PTSS of andere psychische klachten ontwikkelen. Maar vrouwen die slachtoffer worden moeten toegang hebben tot professionele hulp bij traumaverwerking en de drempel hiervoor moet zo laag mogelijk zijn. Rutte III is daarin een obstakel.

#MeToo zou het begin moeten zijn van het serieus verbeteren van de toegankelijkheid van professionele hulp voor slachtoffers. Zorgkosten of een tekort aan behandelaren zouden hier nooit een belemmering voor moeten zijn. Zeker niet in een tijd dat zorgverzekeraars miljardenwinsten boeken.

Daarom zouden we de kracht van deze golf moeten gebruiken om structurele problemen, bijvoorbeeld rondom de psychische nazorg van seksueel geweld, op de kaart te moeten zetten en de strijd hierover aangaan. Stop het belonen van het bedrijfsleven, stop geld in het ontwikkelen van goede en gratis gezondheidszorg. Een ieder die de MeToo beweging toejuichte zou nu betere gezondheidszorg en afschaffing van het eigen risico moeten eisen.

Dit artikel verscheen eerder op socialisme.nu

Geef een reactie

Laatste reacties (15)