3.432
42

Coörd. Duurzaam Landgebruik Both Ends

Na haar studie 'tropisch landgebruik, irrigatie en waterbouw' aan Wageningen UR begon Nathalie haar loopbaan bij de vereniging 'Inzet'. Deze organisatie ging in 2003 over in Both ENDS, waar Nathalie ging werken in het team Strategische Samenwerking. Zij stortte zich op het verduurzamen van de wereldwijde bloemensector. Bovendien werd zij de eerste coördinator van het Joke Waller-Hunter initiative, dat beurzen verstrekt aan personen die - door organisaties uit ontwikkelingslanden - zijn genomineerd omdat hun individueel leiderschap een bijdrage levert aan de gehele duurzaamheidbeweging.

In 2008 trad Nathalie toe in het team Beleidsbeinvloeding, dat veranderingen probeert teweeg te brengen in het ontwikkelingsbeleid van de Nederlandse overheid. Omdat Nathalie is gespecialiseerd in tropisch landgebruik, landbouw en irrigatie, houdt zij zich vooral bezig met beleidsbeïnvloeding rond het thema 'duurzaam landgebruik'. Vanaf 1 januari 2011 is zij coördinator voor het gelijknamige cluster binnen de organisatie. Bovendien is zij vanaf die datum projectleider van de samenwerking die Both ENDS is aangegaan met Cordaid waarin kleine boeren en duurzaam produceren centraal staan

Nathalie vindt het IAASTD rapport Agriculture at a Crossroads, waarin mogelijkheden voor een gezonde, duurzame en rechtvaardige landbouwsector helder geformuleerd zijn, het meest belangwekkende rapport van de afgelopen 10 jaar. Zij zal telkens weer en bij iedere gelegenheid beleidsmakers hieraan helpen herinneren.
Specialisme: tropisch landgebruik, landbouw en irrigatie

Monsanto en de macht

Co-auteur Janneke Bruil: We keken nogal vreemd op van de plotselinge oproep van Louise Fresco van begin deze maand tot een 'genetische lente'

In de afgelopen weken ging er een zucht van verlichting op onder tegenstanders van gentechnologie in landbouw toen het beruchte agro-chemische bedrijf Monsanto besloot om alle Europese patentaanvragen voor genetisch gemanipuleerde gewassen in te trekken. Nog blijer werden die tegenstanders toen bekend werd dat hetzelfde bedrijf in India een gevoelige tik op de vingers van de regering inzake intellectueel eigendom.

Wereldwijd nemen de protesten toe, zoals de ‘mars tegen Monsanto’ die in mei ook in Nederland werd gelopen. Ook wij liepen daarin mee, omdat we de greep die agromultinationals hebben op ons voedsel, onze omgeving en op miljoenen boeren immoreel vinden.
We keken daarom nogal vreemd op van de plotselinge oproep van Louise Fresco van begin deze maand tot een ‘genetische lente’. Fresco, hoogleraar duurzaamheid aan de UvA, zit er behoorlijk naast. Als van iets gebleken is dat het niet duurzaam is, is het wel gentech-landbouw. Maar er is meer. Fresco gaat volkomen voorbij aan de factor Macht, die juist in het debat over gentech en industriële landbouw zo centraal staat.

Dure patenten houden kleine boeren van de markt
Zo spreekt ze over octrooi- en patentrechten op zaden. Ze beweert dat de kleine Afrikaanse boerin gewoon haar tomaten kan blijven oogsten. Maar met de zin “De Nederlandse zaadindustrie is er zo groot door geworden” zegt ze het zelf. Het internationale patentrecht is zo ingericht dat grote zaadveredelaars en gentechbedrijven beschermd worden. Een boerin uit Malawi is hierin geen partij. Wie kan er door dit patentbeleid haar/zijn kinderen naar een goede school sturen? De Malawiaanse boerin met een paar tomaten van dure zaden of de Nederlandse zaadveredelaar die een dochter is van Monsanto?

Prijs voor zaden dodelijk
Fresco stelt: “Boeren worden alleen afhankelijk van zaadbedrijven als zij commerciële boeren zijn.” Een onhoudbare stelling. In veel droge, arme landen worden gentechzaden tegen aanvankelijk zeer lage prijs aan de man/vrouw gebracht. Omdat die zaden steriel zijn, geven de planten geen nieuwe zaden en moet de boer ze ieder jaar opnieuw kopen, later tegen veel hogere prijzen. Bovendien stijgt het gebruik van pesticiden in sommige landen flink, zoals blijkt uit recent Nieuw-Zeelands vergelijkend onderzoek tussen de VS en Europa (waar gentech niet is toegestaan).

Ook na de introductie van genetisch gemanipuleerde katoen in India, steeg de verkoop van pesticiden omdat dit gewas extra gevoelig voor plagen is. Gentechnologie is economisch riskant voor boeren (ook omdat er dure kunstmest bij nodig is) en kan leiden tot armoede én wanhoop. De zelfmoordgolf onder Indiase katoentelers die geen uitweg meer zagen is vele malen gedocumenteerd. Dat Fresco dit wegzet als ‘mythe’ is onbegrijpelijk. Fresco denkt dat dat de Indiase milieubeweging sterk beïnvloed zou zijn door het westen maar ook daar slaat ze de plank volledig mis. Juist omdat dit thema in India al jarenlang speelt heeft de Indiase milieubeweging veel invloed op Europese geestverwanten.

Een betere weg

Honger in arme landen kan beter (en goedkoper) worden opgelost. Moderne wetenschap, lokale kennis van landbouw, de omgeving en het klimaat en opeenvolgende veldexperimenten hebben duidelijk gemaakt dat voedselproductie heel goed kan worden verbeterd. Helaas wordt er nauwelijks geïnvesteerd in het versterken van deze kennis, zoals agro-ecologische oplossingen, participatieve garantiesystemen, slimme zaaduitwisseling, toegang tot regionale markten. Er wordt te vaak voorbij gegaan aan de wensen en kennis van boerinnen en boeren zelf.

Wij, en de andere betogers tegen Monsanto van mei, willen weten wat we eten en hoe dat is geproduceerd. We willen een gezonder voedselsysteem en inperking van de macht van de grote agro-industriëlen. Dit protest sluit naadloos aan bij de strijd om autonomie van boeren wereldwijd. Louise Fresco weet dit, en het snijdt geen hout om het af te doen als ‘elitair’. Een eerlijk debat over gentechnologie kan niet alleen over gewasopbrengsten per hectare gaan, maar moet ook machtsverhoudingen bespreken. Dan heb je kans dat het in de globale agrarische sector nog eens zomer wordt.

Dit artikel is geschreven door Nathalie van Haren van Both Ends en Janneke Bruil van de stichting ILEIA. Beide organisaties zetten zich in voor een duurzame toekomst.

Geef een reactie

Laatste reacties (42)