5.726
76

Burgemeester van Arnhem

Ahmed Marcouch was tot 2017 Tweede Kamerlid voor de PvdA. Hij volgde het Individueel Technisch Onderwijs (ITO) en de mts. Na de middelbare school werkte hij tien jaar bij de Amsterdamse politie, waarvan de laatste vijf jaar als brigadier. Hij had een baan als leraar maatschappijleer aan het ROC en was procesmanager jeugdbeleid van de Gemeente Amsterdam. In april 2006 werd hij stadsdeelvoorzitter van Slotervaart. In maart 2010 werd hij met twaalfduizend voorkeur stemmen gekozen in de gemeenteraad. Toen hij op 17 juni bovendien gekozen werd als Tweede Kamerlid, moest hij op 8 september 2010 zijn zetel in de gemeenteraad opgeven.
Op 1 september 2017 werd Ahmed Marcouch geïnstalleerd als burgemeester van Arnhem.

Nationaal actieplan tegen discriminatie

Deze ziekte die de maatschappij ontwricht, dringt zich nu steeds brutaler op

Hoezo de nieuwkomer moet zich invechten en de overheid kijkt toe? In het Algemeen Overleg met de ministers Plasterk en Asscher bepleit ik vandaag een nationaal actieplan tegen discriminatie met minstens vier peilers door vier ministers.

Ten eerste door minister Plasterk met robuuste gemeentelijke meldpunten gelieerd aan de politie-eenheden waar ook burgerbewegingen tegen discriminatie terecht kunnen.
Ten tweede door minister Van der Steur met een politie die veel beter aangiften opneemt en opspoort.
Ten derde door minister Asscher bij werkgevers mystery sollicitanten; of andere toetsen die nagaan of de zakenpartners van de overheid het non-discriminatiebeding nakomen.  
En ten vierde door minister Bussemaker met maatregelen tegen discriminatie in de klas. Zo trekken persoonlijke inzet, moraal en wet zich aan elkaar op. 

Dit is wat ik vandaag in de Tweede Kamer vertelde:
Discriminatie is een ziekte die mensen vernedert en onze samenleving kapot maakt. Afgewezen worden doordat opleiding, vaardigheden of ervaring tekort schieten is beroerd, maar je kunt er iets aan doen – jezelf verbeteren. Afgewezen worden omdat werkgevers hun oren laat hangen naar klanten die geen hoofddoekjes, kleurtjes of vijftigers over de vloer willen, is onoverkomelijk; je geloof, herkomst of geaardheid verloochenen betekent innerlijk onveilig worden, je productiviteit verliezen. Moet de vernederde non-mainstreamer zich in zijn eentje invechten? Dat gaat dus niet. Ook in zijn of haar familie en vriendenkring ontstaat angst, wantrouwen en haat. Dát is wat discriminatie teweeg brengt. Dát is waar onze samenleving aan kapot gaat.

Nieuwkomer
Geen wonder dus dat hier in de Tweede Kamer zowel de ministers van Binnenlandse Zaken als van Sociale Zaken present zijn. En ook de minister van Veiligheid en Justitie heeft een taak, want discriminatie is strafbaar. En discriminatie is alom tegenwoordig, weet de minister van Onderwijs sinds het Anne Frankonderzoek naar discriminatie in het klaslokaal.

De nieuwkomer moet inderdaad invoegen op de snelweg. Maar de invoeger staat er niet alleen voor. Niet alleen zijn er verkeersregels die bescherming bieden, er zijn vooral ook rijders op de snelweg die hoffelijk genoeg zijn om ruimte te bieden aan de invoeger. Ziet de minister van Binnenlandse Zaken dat ook? Vangt hij de geluiden op uit de gemeenten en provincies van groeperingen en bewegingen die zich actief willen verzetten tegen discriminatie? Zijn de gemeentelijk meldpunten daar centra voor? Hoe gaat het eigenlijk met ze? Wil de minister met de gemeenten overleggen om de gemeentelijke meldpunten daar waar zij versnipperd en onderbezet zijn, opnieuw positie te geven? Kan de minister ze bijvoorbeeld liëren aan de tien politieregio’s?

Discriminatie een hoge prioriteit toekennen helpt, hebben wij geleerd van de aanpak huiselijk geweld, dat ooit ook gebagatelliseerd werd. Zijn onze ministers bereid om de energie die nu zo sterk op reeksen onderzoeken wordt gefixeerd, te verleggen richting concrete doelen tegen discriminatie, zoals ik eerder verzocht in een motie die te boek staat als motie-Marcouch? We hebben nu een handleiding voor aangifte, ook met de moskeebesturen zijn de ministers het eens geworden over het hoe en wat bij de aangifte van geweld, maar dat vinkje moet in de praktijk wél bij de code discriminatie gezet worden en niet bij codes voor baldadigheid of ‘eenvoudig’ geweld.

In de praktijk gaat het helaas nog steeds op veel fronten mis. Exemplarisch zijn mijn ervaringen met de Zeeuwse Leila Kallal die mij vorig jaar te hulp riep. Het uitzendbureau weigerde haar een stage omdat ze wellicht ooit een hoofddoek zou gaan dragen, haar school kwam niet voor haar op en het politiebureau poeierde haar af. Laten onze ministers juist bevorderen dat persoonlijke inzet, moraal en wet elkaar helpen bij het invoegen op de snelweg.

Mystery
De meldpunten die minister Plasterk kan versterken, kunnen heel goed de morele steun gebruiken van de werkgevers ‘van’ minister Asscher. Heel goed dat onze minister van Sociale Zaken bij zakenpartners van de overheid het discriminatieverbod bedingt. Het ministerie kan daar in eigen huis ook nog een flinke slinger aan geven door zelf ook nieuwkomers in dienst te nemen. En het is te toetsen zonder grote onderzoeken en ambitieuze streefcijfers. Het kan zoals de gemeente Gent dat doet, die checkt het discriminatieverbod voor zakenpartners door bij deze werkgevers mystery sollicitanten in te zetten. Nederlandse bedrijven kennen dat fenomeen als mystery shoppers, een geliefd bijbaantje voor studenten. Voelt de minister voor mystery sollicitanten, of heeft hij ander methoden op het oog?

Hoogste tijd voor een nationaal actieplan tegen discriminatie dat gericht is op handelen. Deze ontwrichtende ziekte dringt zich nu steeds brutaler op, in de straat, op klaarlichte dag. Gisteren was ik bij de vrouwen van Wittevrouwenveld, samen met Münire Manisa uit Amsterdam Nieuw-West, even van de oprichters van het nieuwe Turks-Nederlands Tegengeluid, dat eveneens pleit voor mijn inmiddels fameuze vinkje op het aangifteformulier – ‘zowel bij antisemitisme als bij moslimfobie’, schreven Münire en haar kompanen de Tweede Kamerleden. In Maastricht verhaalden de vrouwen hoe zij op straat worden toegesnauwd en bespuugd. Ik zag angst en verbittering.
Tot slot, hoort u overal waar ik moslima’s zeg, ook homo’s, joden, vrouwen,  etnische groepen en zelfs werkloze 50-+ ers en u begrijpt omvang, belang en urgentie van discriminatie als maatschappelijk probleem.

Geef een reactie

Laatste reacties (76)