2.283
60

Journalist

Brenda Stoter is geboren en getogen in Rotterdam. Sinds 2010 is ze als freelancer werkzaam in de journalistiek en schrijft ze voornamelijk voor het AD, stichtingen en bedrijven. Eerder schreef ze artikelen voor de Elsevier, Roest, HP/De Tijd, stichting Music Matters en werkte ze mee aan het Hoofdboek. Ze is gespecialiseerd in de multiculturele samenleving, jongerencultuur, Rotterdam, Egypte en Rwanda.

Nederland laat Syriërs stikken

Van een land waarin de politiek zich het drukst maakt om de reizen van jihadisten en de latere gevolgen voor Nederland, verwacht ik niets meer

De kans is klein dat Nederland Syrische vluchtelingen gaat opvangen, want het kabinet ziet er geen heil in. Frans Timmermans, minister van Buitenlandse Zaken, stelde eerder deze week in de Tweede Kamer dat de buurlanden de handen wat meer uit de mouwen moeten steken. En hiermee geven we het Syrische volk nog een trap na.

De discussie kwam op gang nadat Duitsland aankondigde dit jaar minstens 5000 Syrische vluchtelingen op te zullen nemen, waarvan de eersten al in juni aankomen. In vergelijking met het aantal vluchtelingen dat dagelijks het land ontvlucht, is het natuurlijk een peulenschil, maar desondanks blijft het een mooi gebaar. Duitsland doet tenminste iets. Het betekent dat je 5000 mensen uit de ellende haalt en hen een toekomst biedt.

Nee, dan Nederland. Het land dat niets met de vluchtelingen kan. “Wij zijn van oordeel dat vluchtelingen in de regio moeten worden geholpen,” stelde Timmermans. De buurlanden; dan spreken we over Irak, Turkije en Libanon, waar inmiddels meer dan een miljoen vluchtelingen zitten en de vluchtelingenstroom hen boven het hoofd groeit. Verwacht wordt dat -als de stroom aanhoudt- er eind 2013 wel tot 2 miljoen Syriërs gevlucht zijn. De kampen zitten vol, barstensvol.

Volgens Timmermans belooft de Arabische wereld veel, maar doen ze te weinig. Opvang in de regio is gewenst. De rijke Golfstaten misschien? Iedereen die zich in het Midden-Oosten verdiept, weet dat deze landen niet zitten te wachten op gevluchte Syriërs. “Dat zou wel eens een opstand in eigen land kunnen betekenen,” hoorde ik eerder. En Saoedi-Arabië was  één van de eersten die na de opstand Syriërs niet meer toeliet. In Egypte wonen nu ook veel Syriërs. Die komen van de ene in de andere puinhoop terecht.

Terug naar de kampen. Twee miljoen Syriërs in Jordanië, Turkije en Irak. Dat zijn compleet nieuwe steden, zie je het voor je? Met de huidige situatie in het achterhoofd is het vooruitzicht niet al te best. Mensen die doodgaan aan hun verwondingen of door de honger. Vrouwen en kinderen worden in de kampen verhandeld aan oude Saudiërs die een bruid zoeken, sommigen worden zelfs verkracht of ontvoerd. In de Turkse en Jordaanse kampen waren afgelopen week rellen als gevolg van de barre omstandigheden.

Het zijn schetsen van situaties die Syriërs nooit hadden kunnen voorspellen. We hebben het niet over een derdewereldland, maar over Syrië, een land waar mensen gewoon naar hun werk gingen, een dak boven hun hoofd hadden en hun kinderen te eten konden geven.

Mensonterend en uitzichtloos, maar bovenal vernederend is het lot van de Syriërs in kampen, vooral die van vrouwen en kinderen. “Eerder konden ze alleen maar dromen van Syrische vrouwen, maar nu is dit een goedkopere optie,” vertelde een Syrische vrouw (die andere Syrische vrouwen “koppelt” aan Saudiërs) in een laatstverschenen documentaire van Nora Saman. Vanwege de oorlog in Syrië zijn Syrische vrouwen “goedkoper” dan die in Saoedi-Arabië. Wij in het Westen, en dus ook in Nederland, weten hier nu van. Wij weten heel veel dingen. Je hoeft alleen maar naar het nieuws te kijken om te zien wat er allemaal in Syrië en in de kampen gebeurt.

Ook op microniveau doet Nederland weinig, trouwens. De afgelopen weken sprak ik meerdere Syrische gezinnen die al maanden bezig zijn om hun familieleden vanuit Damascus en Aleppo hiernaartoe te halen. Lukt niet: ze krijgen geen visum. Hartverscheurende verhalen van mensen die hun bejaarde ouders hier op willen vangen. “Geld van de regering hoeven we niet, natuurlijk niet,” vertelde een Syrische Nederlander. Die oude mensjes hebben alleen maar wat te eten en een dak boven hun hoofd nodig. Desondanks kan het niet, excuses, willen we het niet.

Het kost veel geld om vluchtelingen op te vangen, ongetwijfeld. Nederland heeft tot nu toe 32,5 miljoen euro aan hulp gegeven voor  Syrische vluchtelingen in buurlanden en hulpbehoevenden binnen Syrië. Geen idee wat ermee gebeurt. Waarschijnlijk is een deel in handen van Al-Assad terechtgekomen. Misschien hadden we dit geld beter op microniveau uit kunnen geven door een paar vrouwen en kinderen op te vangen.

Toen ik mijn gevluchte Syrische vriendin vertelde over het beleid van de Nederlandse regering, waarin familieleden van Syriërs niet eens worden toelaten, werd zij kwaad. “Ik kan niet geloven hoe wij tot op het bot toe vernederd worden. Niemand doet iets.” Ze vertegenwoordigt hiermee honderdduizenden Syriërs die het land op wat voor manier dan ook ontvluchtten en zich door de hele wereld in de steek gelaten voelen.

Geef ze eens ongelijk. Syriërs worden vernederd. Niet alleen door de Al-Assad, maar ook door de Arabische wereld en het Westen. Ik hoop dat Duitsland als één van de weinige westerse landen de opvang van Syriërs doorzet en hiermee een statement maakt. Misschien wil buurland België er ook wel een paar opvangen. Want van een land waarin de politiek zich het drukst maakt om de reizen van jihadisten en de latere gevolgen voor Nederland, verwacht ik niets meer.

Dit artikel verscheen eerder op de website van Brenda Stoter

Volg Brenda ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (60)