2.022
41

Freelance journalist

Mercita Coronel is freelance journalist. Ze was hoofdredacteur van onder meer Contrast en Wereldjournalisten.nl. Auteur van 'Van Janmaat tot Jahjah. 20 jaar migranten en media'.

Nederlands individualisme nekt Oranje

Het individualisme maakt Nederland zo'n fijn land om in te wonen, maar betekent ook dat Nederland moeilijk EK of WK-voetbalkampioen zal worden

We zaten er weer helemaal klaar voor, gisteren. In de Walvis in de Spaarndammerbuurt in Amsterdam. Ik heb heel optimistisch op een gokformulier aangegeven dat Nederland Europees Kampioen 2012 zal worden; tegen beter weten in. Want Nederland teert nog altijd op die herinneringen van die paar wedstrijden waarin het elftal de goden, de Brazilianen, en (uiteindelijke) de harde werkers, de Duitsers, op briljante wijze van het veld wist te spelen. In 1974, 1978 en in 2010 een WK-finale plaats en in 1988 een Europees Kampioenschap. Het bewijs dat Nederland kan voetballen, toch?

‘Ze hebben het wederom slimmer aangepakt als (sic) wij’, zei Wesley Sneijder tegen Jack van Gelder na de wedstrijd tegen Duitsland, die met 2-1 verloren werd. Eerder verloor Nederland met 1-0 van Denemarken, na maar liefst 15 doelkansen. Geen van de spelers liep voor elkaar, niemand wilde in het laatste kwartier één op één spelen, ondanks het geschreeuw van de zijkant. De controleurs controleerden niets en er was niemand die het voortouw nam, zoals in de gouden jaren Cruijff, Gullit of zelfs keeper Van Breukelen deed.

Met ‘Parmezaanse kaas’ vergeleek Jack van Gelder de samenhang van het Nederlands elftal. Met andere woorden, het elftal zat als los zand aan elkaar. Iedereen speelde zijn eigen autistisch spel op zijn eigen vierkante meter. Een gemiddelde Duitse voetbalsupporter wist desgevraagd de vinger op de zere plek te leggen. Duitsland wint en wel, aldus deze Heinz, zoals ik hem maar noem, omdat ‘Nederland misschien wel betere spelers heeft, maar wij hebben een team’. 

Ook ik zag dat wel in, maar je blijft hopen op het geniale moment van één zo’n sterspeler. Maar dan onthult zich de mystieke kracht van het ware voetbalteam. Het is dé magische reden waarom Barcelona toch meer prijzen in de wacht sleept dan Real Madrid. Het is waarom Spanje zonder Messi toch Wereldkampioen werd in 2010. Zo’n elftal is een team. Het besef dat voetbal meer is dan elf solo-acties van duurbetaalde spelers. Het besef dat voetbal een samenspel is en dat dat nou juist het leuke aan het spel is. Het middenveld, de verdediging, de aanval, de achterhoede, de keeper; het zijn elementen onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dát lieten de Nederlandse teams van 1974, 1978, 1988 en 2010 zien. Daarom was het een genot om naar te kijken. Mensen keken toen nog naar een elftal dat zich de longen uit het lijf liep, voor het team, voor elkaar en pas op het laatst voor zichzelf.

Maar eerlijk is eerlijk; 2010 kwam onverwachts. Wie had gedacht dat we het nog in ‘ons’ hadden? Maar het zijn dan toch ook weer karakteristieke spelers als Boulahrouz, Van Bommel en Kuijt die misschien geen wereldberoemde spitsen zijn, maar er wel staan. Zoals je voorheen Neeskens, Reiziger of Rijkaard had. Je wist: daar komt (bijna) geen speler langs. Het ondankbare, want amper geziene, verdedigingswerk. De spelers die de lijnen uitzetten zoals Gullit, Jonk. Het middenveld is echter tot nergensveld verworden, zag ook Van Marwijk gisterenavond.

De wedstrijd tegen Duitsland was gênant. Ik kon mij zelfs niet aan de indruk onttrekken dat Duitsland 90 minuten lang op 80 procent speelde. Duitsland voelde zich op geen enkele manier bedreigd door het Nederlands elftal.


Hoe kan het toch dat ‘we’ ondanks al het talent dat wij hebben als voetballand zelden zo’n grote zilverkleurige beker hoog hebben mogen houden? Misschien omdat dat wat Nederland zo’n fantastisch land maakt, het individualisme, fnuikend werkt in een gemeenschapsspel?

Nederland behaalt vaak gouden medailles in individuele sporten, paardrijden, judo, zeilen, maar bijna nooit in een gemeenschapssport. We gaan elke keer weer uit ons dak als het EK- of WK-voetbal begint. Het is aanleiding om al die individuen in Nederland tot een gemeenschap te maken, iets waar we allen onbewust toch naar hunkeren. Maar het zit misschien gewoon niet in het karakter van het beestje. Daarom heeft het nationalisme lang niet aangeslagen in Nederland. Omdat Nederland gewoon niet zo is. Gelukkig.

We strijden niet rabiaat voor volk en vaderland. De laatste keer dat dit gebeurde was min of meer tegen de Duitsers en daarvoor tegen de Spanjaarden. Maar dat is wel weer enige tijd geleden. Trots op Nederland lukte het niet en de PVV moest de islam erbij halen. Gecombineerd met  nuchterheid en pragmatisme heeft individualisme ons grote welvaart gebracht, maar misschien door de tijd heen ook minder strijdbaar gemaakt. Het maakt Nederland in ieder geval geen winnaar. Wel in handel en geld, maar niet in voetbal. 

’We zijn nog een team’, klinkt het bijna wanhopig van onze coach Van Marwijk. Het zeggen, is het ontkennen. ‘We moeten het een keer doen’, vervolgt hij. Geef het op Van Marwijk! Laten wij het allemaal opgeven. Het idee dat Nederland altijd fantastisch wereldvoetbal kan spelen. Ja, Nederland kan dat, maar, af en toe. Omdat we wel goede individuele voetballers hebben, maar doorgaans geen goed voetbalteam. We moeten ons daar eens bij neerleggen. Of verliest Denemarken van Duitsland en wint Nederland tegen Portugal toch nog met 3-1?

Geef een reactie

Laatste reacties (41)