Laatste update 21:20
4.565
40

Eigenaar van TransCity en Auteur

René Romer is eigenaar van TransCity, een bureau gespecialiseerd in multiculturele marketing. Hij sprak op marketingcongressen in binnen- en buitenland en is auteur van de boeken ‘Dé consument bestaat niet, inspiratieboek voor marketeers in een multiculturele wereld’ en ‘Thuis in Nederland, praktisch handboek voor diversity marketing’. Hij adviseert bedrijven en overheidsorganisaties.

NPO moet biculturele Nederlanders structureel platform bieden

Witte bestuurders, witte mediamakers, witte redacties zijn bijna altijd en overal in charge.

Vorig jaar presenteerde de VN-rapporteur racisme en xenofobie Tendayi Achiume haar voorlopige bevindingen over ons land. En die waren niet mals: “Een échte Nederlander is wit en heeft een westerse achtergrond; de islam kan geen onderdeel uitmaken van de Nederlandse nationale identiteit” is een passende samenvatting van een voorlopige conclusie van de VN-rapporteur over vrij gangbare opvattingen in ons land.

De meeste politici zwegen over de bevindingen. Veel nieuwsplatforms zwegen. De talkshows zwegen. Zij die nu op hoge toon om het aftreden van burgemeester Halsema roepen, zwegen.

Verborgen racisme
De afgelopen zestien jaar heeft mijn bureau meer dan tweehonderd groepsgesprekken gevoerd met biculturele Nederlanders over de meest uiteenlopende thema’s: van ontbijtgedrag tot carrièrekansen. Maar er is één terugkerend thema dat zijdelings of prominent in bijna alle gesprekken doorklinkt: het impliciete, verborgen racisme in Nederland. Het type racisme waar je vaak de vinger niet op kan leggen, omdat het onderhuids zit.

Al in 2006 schreef ik er een korte in NRC gepubliceerde opinie over. Daarin citeerde ik enkele deelnemers aan onze toenmalige onderzoeken: “Ik vind dat ze zo dom zijn, als je hogere cijfers scoort denken ze hoe komt dat nu, je bent Antilliaans. Ze kunnen op school niet accepteren dat een Antilliaans meisje betere cijfers heeft dan de Nederlanders. Ze kijken je met grote ogen aan, dat kan niet.” En een jonge vrouw met een Marokkaanse achtergrond vertelde: “Heb je een HBO-opleiding, zoek je naar werk, zeggen ze dat ze wel iets in de schoonmaak voor je hebben.”

Onze meer recente onderzoeksgesprekken laten nauwelijks progressie zien. Gespreksdeelnemers die verhalen over de wijze waarop hun carrières op de werkvloer worden gedwarsboomd. Over autochtoon-Nederlandse collega’s die met een vergelijkbaar of zelfs lager opleidingsniveau wél doorgroeien en jij niet. Of universitair afgestudeerde Marokkaans-Nederlandse mannen die op hún niveau nergens aan werk komen en daarom taxichauffeur worden.

Vertellingen over huiseigenaren die jou níet, maar je buurman met Nederlandse naam wél helpen. Ervaringen met de door een witte collega uitgeleende auto, een voertuig dat voor de allereerste keer door de politie staande wordt gehouden omdat er voor het eerst een zwarte bestuurder in zit.

Over de verhalen die we door de jaren heen hebben opgetekend, kunnen we boeken vol schrijven.

Wit Nederland is in charge
Afgelopen maandag zagen we een bijzonder en nog zelden vertoond beeld in het tv-programma M: vier gesprekspartners met een Afro-Nederlandse achtergrond gelijktijdig aan één gesprekstafel. Toch kon een van de gesprekspartners het niet nalaten te benoemen dat de M-redactie vrijwel uitsluitend uit witte mensen bestaat.

En laat dat laatste nu symbool staan voor het Nederland van vandaag.

Witte bestuurders, witte mediamakers, witte redacties zijn bijna altijd en overal in charge. Zij beslissen over de keuzes die ook of vooral zwarte Nederlanders aangaan. Met als gevolg dat bovenal de zienswijzen van deze witte Nederlanders op onze multiculturele samenleving centraal staan, en zelden die van de miljoenen biculturele Nederlanders zélf.

Zo kan het gebeuren dat het WNL-programma Goedemorgen Nederland er op achtereenvolgende dagen voor kiest de kijker op te hitsen tegen zowel burgemeester Halsema als de anti-racismedemonstranten, terwijl de Op1-redactie op het lumineuze idee komt Tanya Hoogwerf van Leefbaar Rotterdam uit te nodigen. Tanya Hoogwerf, de dame die de partij vertegenwoordigt die zes jaar geleden aan honderden Rotterdamse lantaarnpalen diep-racistische blackface-poppetjes liet ophangen. Dezelfde partij die drie jaar geleden onder de noemer ‘De Vijfde Colonne’ een van de meest racistische cartoons in onze naoorlogse geschiedenis publiceerde.

Als je weet hóe diep de emotie zit bij duizenden demonstranten waarvan er velen jaar in jaar uit worden benadeeld door institutioneel racisme, hoe kom je dan tot de keus om juist op de dag van de Rotterdamse anti-racismedemonstratie met zó weinig inlevingsvermogen je gasten te selecteren.

En hoewel alle betrokken partijen forse fouten hebben gemaakt bij het organiseren en faciliteren van de anti-racismedemonstraties, is het onjuist om op grond van deze fouten bevolkingsgroepen tegen elkaar op te zetten.

Verandering afdwingen
De afgrijselijke moord op George Floyd in de Verenigde Staten heeft er ook in Nederland toe geleid dat mensen zich voor het eerst massaal durfden te uiten over het onderhuidse racisme in de Nederlandse samenleving. Laat dit daarom het startpunt zijn van een proces van daadwerkelijke hervorming.

Ik stel daarom voor om als eerste stap eens verandering op te leggen aan de NPO. Waarom? Vanwege de prominente zichtbaarheid van de NPO-mediakanalen, in combinatie met de overheidsfinanciering die de belastingbetaler in staat stelt verbeteringen af te dwingen.

Want na twintig jaar praten, schrijven, trainen en op talloze andere manieren druk uitoefenen, weten we één ding zeker: zelfstandig lukt het de NPO niet. De enige manier om transformatie te bewerkstelligen, is die verandering van buitenaf te forceren.

Als subsidiegever heeft de overheid daartoe meer mogelijkheden dan ze nu tot nu toe benut, zonder daarmee de journalistieke onafhankelijkheid in gevaar te brengen. Zo kan de overheid afdwingen dat niet elke NPO-talkshow in Amsterdam wordt opgenomen, vanuit een overwegend Amsterdams en Randstedelijk perspectief en met overwegend Amsterdamse en Randstedelijke gasten.

Niet-Randstedelingen horen evengoed te worden bediend als Randstedelingen.

Op dezelfde wijze kan de overheid bewerkstelligen dat een nader te benoemen aantal programma’s en prime time timeslots volledig worden ingevuld door biculturele programmamakers, zonder dat witte zendermanagers en witte eindredacteuren daar iets over te zeggen hebben.

Biculturele Nederlanders horen evengoed te worden bediend als autochtone Nederlanders.

Hoewel een gesegregeerde vorm van programmeren niet de meest gewenste oplossing is, kan deze tussenvorm wel verandering afdwingen. Met als beoogd einddoel dat zo’n gesegregeerde programmering overbodig wordt, zodra de belevingswerelden van de verschillende redacties en programmamakers dichter bij elkaar komen.

Aangezien de NPO de spiegel van de Nederlandse samenleving is, kan deze op te leggen verandering bovendien de houding van andere maatschappelijke actoren beïnvloeden. Wanneer de gevarieerde perspectieven van biculturele Nederlanders voor het eerst in de Nederlandse tv-geschiedenis op structurele wijze een mainstream platform krijgen, kunnen de onbewuste vooroordelen over miljoenen landgenoten ook in andere maatschappelijke sectoren wat worden teruggedrongen.

Het kabinet kan hier al op korte termijn invulling aan geven. De hierboven voorgestelde veranderingen kunnen worden vastgelegd in de nieuwe concessieperiode die op 1 januari 2022 ingaat.

Geef een reactie

Laatste reacties (40)