3.387
35

Natuurwetenschapper

Joep Bos-Coenraad ('82) is informaticus en chemicus en werkt als onderzoeker aan de Radboud Universiteit. Tevens is hij, en dat is allemaal misschien nog wel belangrijker, vader, blogger, windsurfer, open standaarden activist, kippenhouder, moestuinier, fijnproever, duiker en recreatief l33th4x0r. Joep kent alle songteksten van Guillermo & Tropical Danny uit zijn hoofd.

‘Onze’ grapjes

Moet alles dat stigmatiserend of kwetsend is verboden worden?

Ik houd stiekem best wel van discriminerende grapjes en plagerijtjes. Laat ik daar maar eens mee beginnen. Mijn (mooie, lieve en slimme) partner is half Indisch, maar bij vrienden van wie ik verwacht dat ze dat als provocerend ervaren beschrijf ik haar graag plagerig als “mijn lieve Chinees” of iets in die trant. Dat werkt vaak goed, zowel in haar bijzijn als zonder. Mijn vrouw weet dat mijn liefhebberij om te provoceren diep van binnen onschuldig is.

Toch twijfel ik soms of ik dergelijke “grapjes” op Facebook zet of niet. Ook bevriende Indo’s die mij minder intensief kennen lezen dat, en voelen zich er misschien minder prettig bij dan mijn partner. Op nationale tv zou ik zo’n provocatie zonder toelichting in ieder geval niet maken.

Maar waarom eigenlijk? Is er iets mis met Chinezen?

Wat mij betreft niet. Natuurlijk zou je kritiek op de Chinese overheid kunnen hebben, maar volgens mij zijn er weinig mensen die een individuele Chinees, ergens op de wereld, daarop afrekent. Ik niet in ieder geval. Het venijnige van mijn opmerking zit er natuurlijk in dat ik ‘al die Aziaten’ provocatief wegzet als ‘die insignificante Chinezen daar voorbij Griekenland’, en daarmee hun etnische en culturele identiteit marginaliseer. Let wel, er is geen cel in mijn lichaam die dat werkelijk zo ervaart. Op andere dagen maak ik mijn vrouw, haar zusje en haar broertje weer uit voor ‘nep-Indo’s’, omdat ze op een gezamenlijke vakantie in Indonesië ’s ochtends boterhammen eten, terwijl er zalige nasi en bami op het ontbijt-menu staat, waar ik groot liefhebber van ben, zéker ’s ochtends. “Echte Indo ben je van binnen!”, roep ik dan als ik mijn vork in de verse nasi goreng prik. Maar ik hou van ze en hopelijk vergeven ze mijn racistische grapjes wanneer ik ze uit de tent probeer te lokken.

De afgelopen maanden hebben veel Nederlanders zich afgevraagd of ze nou onbedoeld racist zijn of niet. Je houdt van de Sinterklaastraditie, of je moet lachen om de platte racistische grapjes van Gordon. Ook ik ga bij mezelf te raden. Net als de Sinterklaasvierders met hun Afro-karikatuur zou ik willen zeggen: “ik meen het wel goed”. Ik hou van mijn ‘slachtoffers’, en ondanks mijn misleidende provocaties ben ik eerder jaloers op hun bruine tint dan dat ik iets negatiefs over hun etniciteit kan bedenken dat op hen betrekking heeft. Maar zijn we zonder verkeerde bedoelingen dan ook automatisch niet racistisch?

Volgens mij komen we dan uit bij een semantische discussie, die voor de ethische discussie weinig relevant is. Iedereen discrimineert. Ook op ‘ras’ (wat dat ook voor biologische relevantie moge hebben) of etniciteit. Daarop hebben Arische Nederlanders gelukkig geen monopolie. Naast de aspecten van de verzender, zoals de grond waarop, de mate waarin en het voorbehoud waarmee wordt gediscrimineerd (al dan niet uitgesproken), wordt de ethische relevantie wat mij betreft ook voor een groot deel bepaald door de interpretatie van de ontvanger: het eventuele slachtoffer en eventuele ‘collateral damage’.

Dat laatste, daar lijkt niet iedereen het mee eens. Als je het maar goed bedoelt, dan is er niks aan de hand. “Mensen moeten niet zo zeuren als het niet verkeerd bedoeld wordt.” Toch hebben al deze mensen het naar mijn mening verkeerd. Natuurlijk is het enorm belangrijk dat bedoelingen oprecht en goed zijn, maar wat nou als het verkeerd overkomt? Wat als een opmerking onbedoeld stigmatiseert?

Veel mensen zijn kwetsbaar en voelen zich onzeker. Ongewenst afwijken van de norm is daar vaak oorzaak van. Als ik tegen een collega met een zelfde postuur als ik voor de grap zeg “schuif eens wat op, gezellige dikkerd!” kan ik dat erg grappig vinden. Grote kans dat die persoon daar om kan lachen zoals ik dat omgekeerd waarschijnlijk ook zou doen (althans, de eerste vijf keer, zo schat ik in). Maar als mijn collega zonder dat ik dat weet als kind veel gepest is, dan kon zo’n opmerking wel eens verkeerd aankomen. Mijn onschuldige bedoelingen ten spijt. Iemand met een donkerdere huidskleur, die vaak op negatieve wijze anders is behandeld, en door pesterige klasgenootjes wel eens “zwarte piet” genoemd werd, zou evengoed met andere gevoelens naar onze traditie kunnen kijken dan een blanke liefhebber van het feest in al zijn onschuld. Een meisje met donker haar, die op school gepest werd omdat ze een snor zou hebben, voelt de onzekerheid en de kwetsing wanneer ze racistische grapjes over vrouwen met snorren hoort, zelfs al gaat het niet om haar persoonlijk. Dat de maker onwetend is helpt dan maar weinig. Veel zin om het aan te geven en erover te discussiëren zal ze niet hebben.

Gordon maakt zich van zijn grapjes af door te stellen dat de Chinese deelnemer, Xiao Wang, zich niet beledigd voelde. Zelf vrees ik dat Xiao van half Twitterend Nederland “op had mogen rotten naar zijn eigen land” als hij niet tegen ‘onze’ grapjes kan, nog even los van zijn afhankelijkheid van Gordon in de spelshow. Daar komt bij dat hij niet de enige is die zich beledigd zou voelen bij een grap over Chinezen op tv. Opzienbarend vind ik het niet dat grapjes over spraakgebreken en oppervlakkige ‘afhaalchinees-by-numbers’ associaties tot frustraties lijden bij Chinese Nederlanders. Het is stigmatiserend en misschien zelfs kwetsend.

Moet alles dat stigmatiserend of kwetsend is verboden worden? Dat lijkt me niet de oplossing. Maar het zou wel helpen wanneer we ons wat beter in anderen kunnen verplaatsen. Het helpt helaas niet dat stigma’s vaak een schaamte over de ontvanger heen roepen. Pas als de maat vol is zal de ontvanger zich erover uitlaten, en het is niet ondenkbaar dat de ‘toevallige’ verzender zich verbaast over de emotie die daarmee gepaard gaat. Daarbij is bijna iedereen van binnen te trots om aan te geven dat gedrag misschien niet zo gepast was, of dat een reactie misschien net wat vijandiger was dan passend en constructief.

Is Gordon een racist? Ik weet het niet. Ik geloof best dat Gordon niets tegen Chinezen heeft. Wel geloof ik dat zijn opmerking in deze setting niet erg gelukkig was. “Onbekend maakt onbemind” geldt zeker ook voor stigma’s, maar dat maakt ze helaas niet onbelangrijk.

Dit artikel staat ook op vrij-zinnig.nl

Geef een reactie

Laatste reacties (35)