902
5

Fractievoorzitter PvdD

Marianne Thieme (1972, Ede) is fractievoorzitter van de Tweede Kamerfractie van de Partij voor de Dieren. Thieme was in 2003 en 2006 lijsttrekker van de partij. Zij werkte onder meer bij B&A groep onderzoek en advies BV en de Stichting Wakker Dier.

Ook olie, soja en water zijn conflictgrondstoffen

We stoken nog steeds Colombiaanse bloedkolen, we dragen nog steeds door kinderen gedolven goud en we accepteren nog steeds ijzer dat door Mexicaanse drugskartels naar China geëxporteerd wordt

Deze week behandelt de Tweede Kamer een voorstel van de EU over hoe om te gaan met conflictgrondstoffen. Volgens de EU zijn het er maar vier: goud, tin, tantaal en wolfraam. Een beschamende versimpeling van de werkelijkheid. Niet alleen ontkent de EU hiermee alle andere conflictgrondstoffen – grondstoffen die snel opraken en voor grote conflicten zorgen en waar dus eigenlijk zeker ook schoon water toe gerekend moet worden – maar bovendien is het voorstel gebaseerd op vrijwilligheid en heeft het slechts betrekking op 0,5 procent van de Europese bedrijven die werken met deze grondstoffen.

Aan importeurs wordt vriendelijk verzocht zich te laten certificeren volgens OESO-richtlijnen. Niet alleen de EU, maar ook het kabinet koestert de naïeve gedachte dat bedrijven zich vrijwillig zouden committeren aan zulke afspraken. Het zoveelste convenant, waarvan de ervaring leert dat een amoreel bedrijfsleven niet uit eigen beweging verandering zal brengen op het gebied van milieu en mensenrechten. Logisch ook: hoe schaarser de grondstof, hoe hoger de prijs. Geld dat stom is, maakt recht wat krom is. Vrijwilligheid werkt absoluut niet in termen van systeemveranderingen die in eerste aanleg geld kosten. De EU heeft juist goede ervaringen met dwingende regelgeving: alleen waterdichte juridische afspraken boeken resultaat.

Gedwongen deportaties
De EU-lidstaten hebben zich gecommitteerd aan talloze verdragen die hier van toepassing zijn. Verdragen over mensenrechten, arbeidsrechten en milieu. Met de behandeling van niet meer dan een schaamlap op het gebied van conflictgrondstoffen lijken deze ondertekende verdragen volkomen te zijn vergeten. Landroof, mensenrechtenschendingen, gedwongen deportaties en de schade door grondstofwinning aan natuur en milieu hebben een desastreuze impact op het leven van miljoenen mensen. Deze vier genoemde grondstoffen vormen slechts het topje van de ijsberg.

We stoken nog steeds Colombiaanse bloedkolen, we dragen nog steeds door kinderen gedolven goud en we accepteren nog steeds ijzer dat door Mexicaanse drugskartels naar China geëxporteerd wordt. Voor veevoer en biobrandstoffen uit soja en palmolie wordt grootschalig regenwoud gekapt en worden mensen van hun land verdreven. De EU heeft zelf tachtig grondstoffen als conflictmateriaal bestempeld. Waarom worden deze grondstoffen niet tegelijk op een zelfde wijze ter discussie gesteld? Als de economie er wel bij vaart, gaat welvaart kennelijk boven principes en verdragen.

Harde wetgeving
Toch hoeft de oplossing niet ingewikkeld te zijn, hoewel dat ook offers vraagt. Als we bereid zijn een eerlijke prijs te betalen voor grondstoffen waar geen bloed aan kleeft, is het probleem opgelost. In die zin kan geld gelukkig maken.

De EU is een economische grootmacht en kan die macht inzetten om niet op basis van vrijwilligheid, maar op basis van harde wetgeving te handelen. Het is veel te mager om alleen aan de importeurs van ruwe grondstoffen te vragen om conflictgrondstoffen te vermijden. Verreweg het grootste deel van de grondstoffen komt de EU binnen in producten en halffabrikaten, vooral via China. De hele keten moet zijn verantwoordelijkheid nemen. Dus conflictgrondstoffen mogen ook niet als verwerkt materiaal via een ander land de EU binnenkomen.

Als we alleen maar ons geweten willen sussen, dan richten we ons op het genoemde kwartet conflictgrondstoffen en wenden we verder onze blik af. Maar willen we als EU onze verantwoordelijkheid nemen in de wijze waarop we door onze productie en consumptie zorgen voor conflicten in de wereld en steeds diepere sporen achterlaten, dan moeten we duurzaamheidscriteria opstellen, niet voor een paar grondstoffen maar voor alle. Begin bij grondstoffen die veel worden verhandeld: soja, palmolie, koper, olie, gas. En breidt dat uit, zodat alle conflicten, die door winning en handel in grondstoffen veroorzaakt en verergerd worden, worden aangepakt. Stel samen met de lokale bevolking strenge criteria op, controleer of bedrijven zich aan de afspraken houden – en leg ze anders een handelsverbod op in de EU.

Bloedige conflicten
Op deze manier kan de EU werkelijk antwoord geven op haar huidige grote rol in het ontstaan en verergeren van conflicten door winning van grondstoffen. Het zou niet alleen zorgen voor het stoppen van mensenrechtenschendingen, ernstige milieuschade en het financieren van bloedige conflicten. Het neveneffect zou kunnen zijn dat we eindelijk werk gaan maken van een duurzamere, meer regionaal georiënteerde economie en eerlijke wereldhandel.

Het kabinet heeft bij monde van coalitiepartner PvdA een voorschot genomen op het komende debat: “Door het verbieden van de import nemen we de markt voor illegale conflictgrondstoffen weg en stimuleren we eerlijke grondstoffenwinning die bijdraagt aan armoedebestrijding en duurzame ontwikkeling”, zei PvdA-Kamerlid Marit Maij in 2013. Minister Ploumen beloofde zich toen nog daarvoor in te zullen zetten in Europa. Het is tijd om de daad bij het woord te voegen. Als de PvdA woord wil houden.


Laatste publicatie van MarianneThieme

  • De kanarie in de kolenmijn

    co-auteur: Ewald Engelen


Geef een reactie

Laatste reacties (5)