9.839
258

Journalist

Abdelkarim El-Fassi (1985) studeert Nieuwe Media aan de Universiteit van Amsterdam en is naast filmmaker, columnist voor KRO Hemelbestormers en vaste schrijver voor wijblijvenhier.nl

Open brief aan burgemeester Aboutaleb

Als u dit als burgervader niet snapt, dan vraag ik me serieus af of u wel geschikt bent om hoofd van het gezin te zijn

Beste burgemeester Aboutaleb,
In een interview met Vers Beton heeft u gezegd dat moslims de enige zijn die de angst voor de islam weg kunnen nemen. Bijdrages van autochtonen zouden van nul en generlei waarde zijn.

U heeft nog veel meer (ook wijze dingen) gezegd, maar media doken, voorspelbaar natuurlijk, op die ene uitspraak. En dat ga ik ook doen.

Ik zal me eerst even voorstellen. Mijn naam is Abdelkarim El-Fassi, documentairemaker en sinds dit jaar ook theaterproducent. Waarschijnlijk kunt u zich mijn documentaire ‘Mijn vader, de expat‘ herinneren. U was namelijk een van de verhalenvertellers tijdens de première in Rotterdam.

Wat mij het meest aansprak aan uw aanwezigheid was dat u op de fiets kwam. Zonder entourage. U was daar, en dat bleek uit alles: als één van ons. Een Rotterdammer. Verder vertelde u het verhaal van uw reis van Marokko naar Nederland, en ook dat sprak me aan; naast onze lokale identiteit deelden we ook onze Marokkaanse identiteit. De knuffel die mijn vader u gaf sprak boekdelen. U was de man die hij had kunnen zijn. U bent de man – ik geloof in emancipatie – die de toekomstige generatie zal zijn. Althans, als uw houding, waarin u de ene angst en haat boven de ander verkiest niet generaties door zal etteren.

Hoezeer we ook op elkaar lijken, via onze identiteiten en idealen: ik denk dat we ook best van elkaar verschillen. Met name uw visie op hoe de Marokkaanse en moslimgemeenschap zich zou moeten gedragen. Ik wijt dat hoofdzakelijk aan het gegeven dat u van een andere generatie bent. Een wijze vriend zei ooit:

Aboutaleb snapt het niet. Kijk, hij heeft de ezel als referentiekader. Toen hij in Nederland aankwam zag hij een trein en dacht: ‘ooh wat bijzonder’”. Wij jongeren hebben de trein als referentiekader. Wanneer wij naar Marokko gaan en een ezel zien denken we net als de meeste Nederlandse staatsburgers: ‘kijk, wat bijzonder.’”

Waar u Nederland in vrijwel al uw optredens bedankt voor het accepteren van de kansen, zien wij dat als vanzelfsprekendheid. Als een toevalligheid. Als verdienste waar vooral onze ouders debet aan zijn.

Wij definiëren onszelf niet langer slechts met onze spirituele of etnische identiteit, maar als volwaardige Nederlandse staatsburgers met dezelfde rechten en plichten als ieder ander. Ik ben ervan overtuigd dat uw houding – die het collectieve schuldgevoel in stand houdt – één van de problemen is dat autochtonen de schuld voor hun verwrongen wereldbeeld buiten zichzelf zoeken.

Als u stelt dat de moslimgemeenschap de enige is die angst voor de islam weg zou kunnen nemen en een handreiking zou moeten doen, stelt u dan ook dat het niet of nauwelijks gebeurt?

Sinds jaar en dag worden er bijeenkomsten gehouden, wordt er opgeroepen tot dialoog en steekt menig moslim de hand in eigen boezem. De voorwaarde van een handreiking is dat de ander deze accepteert, of er in ieder geval ontvankelijk voor is. De enigen die dat voor elkaar kunnen krijgen zijn niet-moslims zelf. En ja, dat is niet altijd even makkelijk in een landschap waarin de journalistieke en politieke realiteit (die u voor het gemak negeert) wordt bewoond door pathologische leugenaars als Perdiep Ramesar en De Grote Blonde Leider.

Dat wij onze verhalen moeten vertellen lijkt me evident. En als wij dat podium niet krijgen, dan moeten we dat zelf creëren. Onze voorstelling is daar een voorbeeld van. Het feit dat we nu al bijna 20 keer achter elkaar in uitverkochte zalen hebben gespeeld, is vanwege het feit dat het verfrissend is en een keer niet gaat over religie of etniciteit maar over gedeelde waardes als dromen, twijfels en ja.. ook angsten. Voorwaarde is dat je je kwetsbaar durft op stellen. ‘Wij’, maar ook ‘zij’. In die kwetsbaarheid schuilt de oplossing. In, zoals Francois Lyotard dat stelde, de kleine verhalen.

U reduceert daarentegen Nederlandse staatsburgers tot die grote verhalen, tot hun religieuze identiteit, wat mijns inziens een segregerende werking heeft. Met alle respect, maar een Arabisch citaat uit de Koran gaat mensen niet dichter bij elkaar brengen. Als wij naar elkaar toe willen groeien dan zullen we etnische, religieuze en culturele etiketten moeten overstijgen en een nieuwe universele taal moeten proberen uit te vinden. Excuses aanbieden voor iets wat een terreurgroep in Verweggistan aanricht is een taal waar we juist vanaf moeten.

Tot slot. U zegt in het interview ‘ik doe niet aan politiek, ik heb een stad te managen’. Ik stel voor dat u dan onmiddellijk wat doet aan het feit dat Rotterdamse autochtonen, volgens een onderzoek van Paul Scheffer, de minste contacten hebben buiten de eigen groep. Onbekend maakt onbemind. Bekend maakt bemind. Dat is een wederkerig proces. Als u dat als burgervader niet snapt, en u een gedeelte van uw ‘familie’ stelselmatig anders behandelt, dan vraag ik me serieus af of u wel geschikt bent om hoofd van het gezin te zijn.

Was getekend,

Abdelkarim El-Fassi

Lees ook: ‘De domheid krijgt te veel een gezicht’

Het interview met Aboutaleb in Vers Beton is hier te lezen.

Deze tekst stond eerder op de Facebookpagina van Abdelkarim El-Fassi

Geef een reactie

Laatste reacties (258)