Laatste update 21:22
5.190
159

Wethouder Heerde

Ik ben Yasemin Çegerek, voormalig lid van de Tweede Kamer. Ik ben Gelders, ik ben Nederlands, ik ben van Turkse komaf. Ik laat me inspireren door het aloude motto: spreiding van kennis, macht en inkomen. Dat klinkt ouderwets, maar is misschien wel moderner dan ooit. Ik wil dat iedereen gelijke kansen heeft op de arbeidsmarkt, jongere en vijftigplusser, zoon van een hoogleraar of dochter van een migrant. Nu is er te veel onzekerheid. Er zijn mensen die te weinig verdienen en niet hun rekeningen kunnen betalen, of überhaupt geen baan hebben, wel willen maar geen werk kunnen vinden of door discriminatie geen toegang hebben tot de arbeidsmarkt. We kunnen het ons niet veroorloven dat zoveel talent aan de kant te laten staan. Ik maak mij sterk voor al die talenten.

Overheid moet Nederlandse moslims beschermen tegen radicalen en buitenlandse invloeden

In de media worden de ontwikkelingen helaas eenzijdig belicht: daardoor weet men niet dat ook in islamitische kringen liberalisering plaatsvindt

cc-foto: Matthias Berg

Met de grote migratiegolf in de tweede helft van de vorige eeuw hebben zich in Nederland veel moslims gevestigd. Buitenlandse arbeiders waren nodig voor het werk dat in Nederland niemand wilde doen. Op kousenvoeten kwam de islam het land binnen. Mensen hielden gebedsdiensten in provisorische gebedsruimten, in een leeggekomen winkel, een achterafzaaltje of een verlaten kantoor.

Naarmate de tijd vorderde, kregen de mensen behoefte aan echte gebedshuizen. Ze verlieten de oude zaaltjes en bouwden grote moskeeën. Soms waren dat imposante, architectonisch bijzondere gebouwen. En in veel gevallen was daar niks mis mee. Maar soms ook wel. Want uiterst orthodoxe stromingen binnen de islam zagen hun kans schoon om invloed te kopen. Door dure gebedshuizen in Nederland te financieren met als doel radicale imams uit bijvoorbeeld de Golfstaten te laten prediken. De mini-enquête van de Tweede Kamer over de ongewenste buitenlandse financiering van moskeeën laat zien hoe dat soms gaat.

Zo vestigde behalve de gematigde islam ook de radicale islam zich in Nederland. Wat een onzichtbare ontwikkeling was in de jaren negentig, werd na de aanslagen van 11 september zichtbaarder. En daar zitten maar heel weinig mensen op te wachten.

Waar op dit moment te weinig aandacht voor is, is de strijd tussen gematigde moslims en de orthodoxe moslims, ook binnen moskeeën. Een groep Nederlandse moslimjongeren voelden zich aangetrokken tot die uiterst radicale variant en sommigen van hen gingen vechten voor onder andere IS. Weliswaar is IS teruggedrongen, maar het gevaar is nog lang niet geweken. Na het Midden-Oosten proberen jihadistische groepen nu in de Sahel terrein te winnen voor een nieuw kalifaat. Ook hier moeten we op voorbereid zijn.

Via internet, maar ook via bijeenkomsten in huiskamers en in de omgeving van moskeeën worden jongeren geronseld. Dat gebeurt tot op de dag van vandaag; terecht waarschuwt de Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch voor een opleving van het radicalisme en het gevaar dat daar van uit gaat. Ook de directeur van veiligheidsdienst AIVD waarschuwt voor de opkomst van een nieuwe generatie salafisten die de regels van de Nederlandse rechtsstaat verwerpen.

Er is nog een probleem: de lange arm van Ankara. Hoogleraar Turkse talen en culturen Erik-Jan Zürcher constateert dat via Diyanet de Turkse staat controle houdt op wat er gebeurt in Turkse moskeeën. Hier gaat het niet om salafisme, maar om een buitenlandse mogendheid die migranten en hun nakomelingen – groepen die Turkije ten onrechte nog steeds beschouwt als onderdanen – politiek probeert te sturen en te beïnvloeden.

Aan de dienstverlening van moskeeën, zoals de gebedsdiensten, steun bij een begrafenis en het organiseren van bedevaart hebben veel moslims behoefte, zonder een politieke sturing of controle. In 1924 is Diyanet door Atatürk opgericht met als aanvankelijke doel om islam te moderniseren. Nu lijkt er een omgekeerde beweging gaande.

De opkomst van de radicale islam en de lange arm van Ankara zijn twee op zichzelf staande problemen. Maar ze kennen dezelfde oplossing: we moeten imams en invloeden uit het buitenland weren. Salafistische imams prediken een leer die niet past in Nederland.

De Franse president Macron kondigde onlangs aan dat hij buitenlandse imams niet meer in zijn land aan het werk wil zien. Zijn voorbeeld verdient navolging.

In Nederland wordt er al jaren gesproken over het hier opleiden van imams. Tot dusver was het: geen daden, maar woorden. Dat moet veranderen. Er moet ons alles aan gelegen zijn om hier voorgangers op te leiden, die de leer van de islam nastreven dat past bij een democratische rechtsstaat, geen radicale variant.

Zo’n ontwikkeling kan ervoor zorgen dat de islam in Nederland zich moderniseert en opgaat in een inclusieve samenleving. Zonder dat er onnodig wrijving is. In de media worden de ontwikkelingen helaas eenzijdig belicht: daardoor weet men niet dat ook in islamitische kringen liberalisering plaatsvindt. Moslimfeminisme, ontkerkelijking, gemengde huwelijken, bekering naar een andere religie en de positie van de LHBTI-gemeenschap; het speelt er ook allemaal. Stel dat je hiermee te maken hebt, dan lijkt het me een eenzame worsteling van een eenling.

Veel mensen denken dat moslims alleen maar radicaliseren maar de tegengestelde ontwikkeling – liberalisering – is net zo goed gaande en is minstens zo belangrijk.

En juist die ontwikkeling moeten we steunen. Dat kan door duidelijke en transparante regels in te stellen voor de financiering van moskeeën. Met een plan van aanpak te komen om moskeeën in Nederland te transformeren naar meer zelfstandigheid zonder invloeden van buitenlandse regimes. Door te komen met een verbod op salafistische organisaties, daar waar de regels van de democratische rechtsstaat worden verworpen en mensen worden aangezet tot geweld en martelaarschap. En door de Fransen te volgen: zelf imams opleiden en buitenlandse imams te weren. Met die drie maatregelen steunen we de gematigde krachten en bestrijden we de radicalisering.

Een verkorte versie van deze bijdrage verscheen ook in het AD.

Geef een reactie

Laatste reacties (159)