1.247
18

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Pa, verkoop je nier, dan kan ik studeren

Orgaanhandel blijft een gevaarlijk idee

Dit is een tijd waarin steeds nieuwe grenzen worden overschreden. Zo staat in de opiniebijlage van de NRC een pleidooi voor orgaanhandel. Auteur is de filosoof Marcel Zuijderland die blijkens zijn site wel vaker met dit lancet heeft gesneden.

Zuijderlands redenering is niet nieuw. Zij is verwant aan negentiende eeuwse liberale theorieën, die vakbonden afwezen omdat daardoor de vrijheid van de afzonderlijke arbeiders werd belemmerd om een persoonlijke deal te sluiten met hun patroon, ook al leverden collectieve onderhandelingen voor de werknemers een betere beloning op. Jij bent de eigenaar van je lichaam, zegt Zuijderland, en als je daar een stukje van wilt verkopen, is het jouw zaak. Onze wijsgeer geeft graag toe dat donoren veelal arm zullen zijn en de kopers van de nier – want daar zal het in het huidge stadium van de medische technologie meestal om gaan – de kopers van de nier rijk. Tegenstanders van orgaanhandel, gaat hij verder, beweren dat armen zich in een dwangpositie verkeren en daarom in zich laten snijden. Zuijderland vindt dat een ongeldig argument. Armen zijn immers ook gedwongen om slecht betaald en gevaarlijk werk te accepteren. Daar zegt niemand wat van, terwijl het ook nog eens slechter voor de gezondheid is dan het afstaan van een nier. Bovendien heeft ook een arme altijd keuzevrijheid ook al is dat de keuze tussen twee kwaden. Op grond daarvan noemt Zuijderland het onethisch om orgaanhandel tegen te gaan. Het vermeerdert aan alle kanten het lijden, bij de armen omdat hen een kans wordt ontnomen om aan hun ellende te ontsnappen, bij de rijke kopers omdat zij zullen sterven.

In landen die een beetje fatsoenlijk georganiseerd zijn, bestaat een gedetailleerde regelgeving rond de arbeidsomstandigheden, zodat de risico’s van gevaarlijk werk voor het grootste deel zijn weggenomen. Heel vroeger namen alleen de loodwitfabrieken ex-gevangenen aan (zie Les Misérables) omdat je in die vergiftigde atmosfeer binnen een paar jaar dood was en echt niemand anders er wilde werken). Tegenwoordig zijn zulke productieprocessen verboden. In veel ontwikkelingslanden is het nog niet zover maar de wereldopinie wijst in principe zulke gevaarlijke productieprocessen af.

Zuijderlands voorbeeld is dus slecht gekozen, zij het niet helemaal beside the point.

Dan de vrijheid? Zuijderlands vrijheid is in de praktijk relatief. Mensen kunnen stevig onder druk gezet worden.

Pa, je hebt gezien hoe duur een opleiding is geworden….als jij nou je nier verkoopt, kan ik studeren”…je weet hoe het met de pensioenen gaat. Hoe moet het met jou als ik straks niet genoeg verdien om jou te onderhouden?

Er zijn echter steviger argumenten tegen orgaanhandel: die van het hellende vlak. Zuijderland beweert dat je uiteindelijk vrij bent om organen al dan niet te verkopen. Stel dat hij daarom zijn zin krijgt. Orgaanhandel wordt overgelaten aan de markt. Wat dan? Mag een schuldeiser dan niet alleen je huis en je bezittingen laten veilen, maar ook je organen? En als je in gemeenschap van goederen getrouwd bent die van je partner? En die van de kinderen? Waarom zou dat dan onacceptabel zijn? Als je lichaam je eigendom is en je met je eigendom mag doen wat je wil, dan kun je het immers door ondoordachte economische beslissingen verspelen. Waarom – nog een stap verder – mag die schuldeiser dan niet je hele lichaam aan de meest biedende verkopen met alles erop en eraan? Dan heeft de nieuwe eigenaar een gratis werkkracht waar hij ook nog stukjes uit kan laten halen als de dokter zegt dat eigen organen beginnen te verslijten. Vroeger noemden ze zo iemand een slaaf.

Dat is één. Dan is er twéé. Als orgaanhandel tot stand komt, dan zullen aanbieders en kopers met elkaar in contact moeten worden gebracht. Je kunt je een systeem van makelaardij voorstellen, maar het wordt waarschijnlijk een internationale business. Dat betekent tussenhandel. De kans dat armen daadwerkelijk via het verkopen van een orgaan aan de armoede zullen ontsnappen, wordt zo kleiner want de ervaring leert, dat het juist de tussenhandelaren zijn die de grote winsten maken, de lui die ervoor kunnen zorgen dat zo’n nier in goede conditie van Dacca naar Amsterdam komt. Die gaan de buit binnenhalen, de armen niet. Die krijgen – vanwege de greep van de tussenhandel op het proces én vanwege het groeiend aanbod hoogstens een zakcentje. Overigens: krijgt de verkoper van de orgaan meteen zijn geld of moet hij wachten tot het aanslaat? Als het orgaan in kwestie wordt afgestoten, ligt het risico dan bij de koper of juist niet?

“Ah”, zegt dan het neoliberale kind van deze verdomde tijd, “Ah, dan moet je een goede marktmeester hebben. En een goede regulering. En je verbiedt gewoon dat schuldeisers je nier opeisen. Niks aan de hand”. Maar dat neemt het argument van het hellende vlak niet weg. Een eerste logisch lijkend besluit kan leiden tot steeds gruwelijker consequenties.

Daarom blijft orgaanhandel een gevaarlijk idee. Het is een doos van Pandora.


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (18)