2.011
30

publicist

Jaap Hamburger is voorzitter van Een Ander Joods Geluid. Een Ander Joods Geluid is een actiegroep, die zich - juist uit verbondenheid met het lot en het voortbestaan van Israël - het politieke debat en de kritische meningsvorming over Israël en de bezette gebieden ten doel stelt. Dit zonder te tornen aan het bestaansrecht van de staat Israël.

Palestijnse foto-expositie Domkerk? Ogen dicht en snaveltjes toe!

Claim door Trouw dat foto-expositie over Palestijnse kinderen 'antisemitisch' zou zijn ongefundeerd

Op 21 september opende in de Domkerk te Utrecht een expositie over de misstanden die plaatsvinden tijdens de arrestatie en detentie van Palestijnse kinderen door de Israëlische autoriteiten in Oost-Jeruzalem.

De foto-expositie, gemaakt door het Madaa Center – een gemeenschapscentrum in Silwan, een Palestijnse wijk van Oost-Jeruzalem -, is het afgelopen jaar in diverse landen getoond en is naar Nederland gehaald door de Nederlandse’‘Coalitie voor Palestijnse kinderen in Israëlische gevangenschap’. Een Ander Joods Geluid is overtuigd en actief lid van deze Coalitie, waar ook War Child, Defence for Children International (DCI), gate48 – Platform voor Kritische Israëli’s in Nederland en anderen zitting in nemen.

De foto-expositie toont, om de kinderen die het zelf hebben ondergaan te ontzien, Palestijnse artiesten die in poses uitbeelden wat sommige Palestijnse kinderen tijdens en na detentie moeten ondergaan, met inbegrip van fysieke en verbale mishandeling; de foto’s worden begeleid door korte teksten. Poses en teksten zijn gebaseerd op een rapport van het Madaa Center, waarin Palestijnse kinderen vertellen wat zij hebben meegemaakt.

Deze expositie is door dit gemeenschapscentrum gemaakt met als enige doel aandacht te vragen voor de werkelijkheid waar een groot aantal kinderen in de wijk Silwan mee te maken krijgt. Dat feit, en het gewichtige feit dat de expositie ook in Israël zelf getoond is, is niet afdoende gebleken om in Trouw (6 oktober) een beschuldiging van ‘antisemitisme’ te voorkomen.

Het is een beschuldiging die mij, als voorzitter van een Joodse organisatie die de tentoonstelling mede georganiseerd heeft, met weerzin vervult.  Ja, de Israëlische autoriteiten worden hier bepaald niet gespaard – want ja, de realiteit van de bezetting leidt nu eenmaal voortdurend tot schendingen van kinderrechten. Willen de critici van de expositie daar de ogen voor sluiten? Daar bewijzen zij Israël geen dienst mee. Wil Israël een democratische rechtstaat zijn, dan dient het op dit soort feiten aangesproken te worden. Dat is dan ook gebeurd – bovenal in Israël zelf, door tal van Israëlische mensenrechten- en kinderrechtenorganisaties.

‘Joden’ of ‘Jodendom’ vormen in de expositie op geen enkele wijze een ‘issue’, en al evenmin wordt  ook maar ergens ‘de Israëli’s’ in hun algemeenheid iets verweten. De uitspraak van woordvoerder Tamar Walma van der Molen van de Liberaal Joodse Gemeente (LJG) in Utrecht dat deze tentoonstelling “op ons terugslaat”, waarbij zij met ons doelt op ‘ons joden’, is uit de lucht gegrepen, of uit de duim gezogen – dat is mij om het even. Waarom doet Van der Molen eigenlijk alsof alle joden hier gelijkelijk over zouden denken?

Onder ‘ons joden’ is menigeen die niet gediend is van de wijze waarop Israël zich jegens de Palestijnen gedraagt. Van der Molens uitval is wederom een voorbeeld van het in sommige joodse kringen al te courante onvermogen om onderscheid te maken tussen henzelf en het optreden van de staat Israël. Wat denkt zij wel? Dat er een expositie over Utrechtse joden in de Domkerk huist? Heeft mevrouw Van der Molen de expositie eigenlijk wel gezien?

Onverdraaglijk vind ik ook het tweede deel van haar uitspraak: “Het [de tentoonstelling] slaat op ons terug, dus het veroorzaakt leed, en dat wil je vrienden toch niet aandoen?” Dit is een treurig voorbeeld van een egocentrisch en exclusief zelfbeklag waar ik als jood mijn buik zo van vol heb. Het is een zelfbeklag dat het zicht ontneemt op het leed van anderen – in dit geval dat van Palestijnse kinderen.

Nee, deze expositie gaat niet over joden; zij gaat over Palestijnse minderjarige kinderen die mishandeld worden door de Israëlische autoriteiten. Met zulke exposities zou mevrouw Van der Molen dolblij moeten zijn; zij zou in sjoel en daarbuiten luid en duidelijk moeten oproepen die te bezoeken omdat de tentoonstelling als achterliggende gedachte heeft van Israël een beter land te maken dan het nu is. In die zin, en in die zin alleen “slaat de tentoonstelling op ons terug”. Voor deze boodschap heeft Van der Molen kennelijk geen belangstelling of begrip: zij wil de misstanden niet zien. Die fundamenteel kortzichtige en bekrompen houding zal uiteindelijk een betere voedingsbodem blijken voor antisemitische sentimenten dan tien zulke exposities in de Domkerk. Ik ben bang dat dat inzicht niet aan Van der Molen besteed is.

Dan nog dit: het gevoel dat mij bekruipt is dat er stennis wordt gemaakt door Van der Molen – alsmede door sommigen binnen de Domkerk – om kritiek op Israël te smoren. De Fabeltjeskrant is nog immer het favoriete programma hier – ‘ogen dicht en snaveltjes toe’ – als het om Israël gaat. Als deze expositie een antisemitische strekking zou hebben, dan geldt dat voor alle kritiek die geuit wordt op Israël en op het Israëlische beleid.

Dan heeft mevrouw Van der Molen ook bezwaren tegen kritiek op het Israëlische nederzettingenbeleid en het tegen Palestijnen gericht vandalisme van Joodse kolonisten. Of om dichter bij huis te blijven: dan vindt zij dat de Nederlandse parlementsleden – van SP tot VVD – die Kamervragen hebben gesteld over Palestijnse kinderrechten daarmee ook antisemitisme in de hand werken. Ik verzoek Van der Molen dringend dit verwijt bij de Tweede Kamer te deponeren.

Dat het Israëlisch-Palestijnse conflict tot spanningen leidt in Nederland is een gegeven waarover legitieme zorgen mogelijk zijn, en waar ook wij, bij Een Ander Joods Geluid, uitermate alert op zijn. Antisemitisme – en islamofobie – moeten koste wat het kost bestreden worden. Laten wij ons daarbij wel hoeden voor spoken van het soort als bij elkaar gefantaseerd door Van der Molen, die de discussie over serieuze verschijnselen – van Jodenhaat tot de mishandeling van Palestijnse minderjarigen door de Israëlische autoriteiten – alleen maar in alle richtingen vertroebelen.  

Geef een reactie

Laatste reacties (30)