2.116
88

Pleidooi voor materialisme

In plaats van idealisme aan te hangen, en politici op hun woord te geloven om veranderingen te verwezenlijken zonder concrete plannen, kunnen we beter materialistische analyses loslaten op de wereld

cc-foto: Chris Coleman

Materialisme is een gedachtestroming die stelt dat het bewustzijn van de werkelijkheid afhankelijk is. Dit staat linea recta tegenover het idealisme, dat juist stelt dat de werkelijkheid van het bewustzijn afhankelijk is. Het idealisme heeft een erg grote rol in hoe we tegenwoordig naar de wereld kijken. Het materialisme stamt al uit de Griekse oudheid, maar is ergens in de 19e eeuw geadapteerd door Marx en Engels om tot het dialectisch materialisme te komen. HDat begrip klinkt moeilijk, maar wat zij er eigenlijk mee willen zeggen is dat cultuur, persoonlijke omstandigheden en processen zoals arbeid, centraal staan in onze geestestoestand en de samenleving in zijn geheel. Deze zaken beïnvloeden dus de gesteldheid van mensen. Door de huidige focus op idealisme lopen we het risico om er economisch op achteruit te gaan. Daarom dit pleidooi voor een kritische, materialistische analyse van de wereld.

In onze huidige samenleving bekijken we dingen vooral idealistisch. Kijk bijvoorbeeld naar iemand als Barack Obama. Door velen werd hij gezien als een erg progressieve, linkse president, naar Amerikaanse standaarden, die Amerika uit het slop zou trekken. Keken zij daarbij naar zijn voorgestelde plannen? Nee, ze keken vooral naar zijn speeches, posters en leuzen zoals “Yes, we can.” Op basis daarvan concludeerden zij dat Obama dan ook wel met progressieve ideeën zou komen, terwijl er eigenlijk geen materialistische basis was voor zijn plannen: alleen maar holle frasen.

Met de kennis van nu weten we dat onder zijn leiding de banken zonder grote straffen uit de crisis mochten komen, dat het aantal deportaties uit de VS is blijven toenemen, dat het aantal immigranten in “detention centers” is toegenomen en dat verzekeringskosten voor gezondheidszorg hoger zijn geworden.

In realiteit is Obama dus helemaal niet zo progressief als we hadden verwacht. Dit komt omdat we met een idealistische blik naar de werkelijkheid kijken, en niet met een materialistische blik. We kijken dus naar slogans, posters en oneliners in plaats van daadwerkelijke plannen, cijfers en individuen. We denken dat iemand die indrukwekkende dingen zegt, ook indrukwekkende dingen gaat doen zonder na te lezen wat zijn plannen zijn. Kortom, we concluderen dus dat gedachten en woorden de werkelijkheid gaan beïnvloeden; een idealistische visie op de werkelijkheid. Hierdoor maken we een hele boel foute inschattingen over de politiek en over andere zaken in onze samenleving.

Als we de wereld daadwerkelijk een betere plek willen maken voor iedereen, en niet alleen voor de rijken, moeten we niet vervallen in idealistische analyses van onze samenleving, waarbij we alleen maar kijken naar de woorden van politici, maar moeten we materialistische analyses van de wereld maken, waarbij we kijken naar de fysieke omstandigheden van mensen, en proberen deze omstandigheden op basis daarvan te verbeteren.

Laten we proberen om een begin te maken van zo’n analyse. Een grote trend van de laatste jaren is dat er steeds meer geld naar de 1 procent gaat. Deze trend is de laatste jaren alleen maar hardnekkiger geworden. In 2017 ging bijvoorbeeld 82% van de nieuwe welvaart naar de 1%. Ook in 2017: de rijkste 1% bezat voor het eerst meer dan 50% van alle rijkdom op de wereld. Kortom, worden de rijken steeds rijker, en de armen steeds armer. Hierdoor stagneren of verslechteren de materiële omstandigheden van bijna alle mensen rond de wereld: ze kunnen minder goede scholen en gezondheidszorg betalen, of ze moeten een tweede of derde baan vinden om elke maand rond te komen. Dit brengt enorme kosten mee voor de samenleving: een lager kennisniveau, meer kans op ziekte en meer kans op stress of depressies. Hierdoor worden de omstandigheden van mensen alleen nog maar slechter en raken we dus in een negatieve spiraal verzeild.

Ook in de politiek zien we een trend waarbij men zich steeds minder gaat focussen op de materiële verworvenheden van mensen. Denk aan de trend van de identiteitspolitiek die nu opkomt onder linkse partijen. Natuurlijk is het goed dat we meer rechten en vrijheden toekennen aan niet-heteroseksuelen en niet-binaire mensen, maar laten we dit op een materialistische manier doen: door hun leefomstandigheden te verbeteren. Denk bijvoorbeeld aan een gratis geslachtsveranderingsoperatie voor transseksuelen. Dit kan mentale problemen voorkomen, en transseksuelen een betere plek in de samenleving opleveren. We gebruiken dus een focus op materiële omstandigheden om het leven van mensen beter te maken.

Zoals we identiteitspolitiek materialistisch kunnen en moeten behandelen, moeten politieke partijen de strijd tegen armoede ook materialistisch gaan benaderen. Denk bijvoorbeeld aan het democratiseren van de werkplek via inspraak voor werknemers, zodat zij zich niet meer vervreemd voelen van hun eigen werk, maar een binding krijgen met hun werk en de winsten die nu nog naar managers gaan op een goede manier kunnen herinvesteren in het bedrijf én in zichzelf. Hierdoor verbeteren we dus de materiële omstandigheden van de “99 procent,” en daarmee de samenleving waar we in leven.

In plaats van idealisme aan te hangen, en politici op hun woord te geloven om veranderingen te verwezenlijken zonder concrete plannen, kunnen we dus beter materialistische analyses loslaten op de wereld: wat zijn de échte omstandigheden van mensen, en hoe kunnen we die structureel verbeteren? Daar hebben we geen “yes we can”-politici voor nodig, maar nuchtere en rationele politici die weten wat er speelt onder de mensen. Alleen via materialisme kunnen we dus de huidige trend keren, waarin de verworvenheden voor de 99 procent stagneren of achteruitgaan over heel de wereld.

Geef een reactie

Laatste reacties (88)