1.496
8

Boekvertaler, freelance redacteur

Maarten van der Werf (1970) is boekvertaler, freelance redacteur en nog een paar dingen. En hij publiceert af en toe wat. Hij schreef onder meer in De Volkskrant, NRC Next en Contrast.

Polen werken niet harder dan Nederlanders

In tegenstelling tot Nederlandse werkzoekenden vormen de Polen die hier komen een zeer specifieke groep die op bepaalde criteria is voorgeselecteerd

Polen zijn harde werkers. Ze zeuren niet en zijn nooit ziek, terwijl Nederlanders voor ieder wissewasje thuisblijven. ‘Het is de mentaliteit’ zei de uitzendbaas in De slag om Brussel op maandag 26 november 2012. Maar in tegenstelling tot Nederlandse werkzoekenden vormen de Polen die hier komen een zeer specifieke groep die op bepaalde criteria is voorgeselecteerd. En dat komt werkgevers heel goed uit.

De Polen (lees: Polen en andere Oost-Europeanen die legaal verblijven) die komen werken in de tuinbouw of de bouw vormen een typische immigrantenpopulatie: jonge, avontuurlijke mensen voor wie werk in Nederland een kans is om een toekomst op te bouwen omdat de verdiensten relatief goed zijn in verhouding tot thuis. De meesten hebben geen kinderen of die komen niet mee, dus hebben ze geen huishouden met alle beslommeringen van dien. Het verblijf is meestal tijdelijk, waardoor een slaapplaats in een pension of een ‘Polenhotel’ draaglijk blijft. Overuren maken is dan ook een manier om de verveling te verdrijven en om de toekomst na het verblijf nog een tandje te verbeteren.

De Polen die de keuze maken in het buitenland te werken zijn waarschijnlijk ook relatief kansrijk: met een werkloosheid die bijna twee keer zo hoog is als in Nederland kan een gemakkelijk plaatsbare groep worden aangeboord die in Nederland al werk heeft. Daarnaast is een gedeelte eigenlijk overgekwalificeerd. Het ligt voor de hand dat minder kansrijken niet worden aangenomen: ouderen, mensen met psychische of lichamelijke problemen, de moeder met kinderen zónder oplossing – degenen die in Nederland vaak ook niet aan het werk komen – krijgen wij niet te zien. En de Nederlandse werkgever ook niet.

De populatie waar in Nederland uit moet worden gerekruteerd bestaat natuurlijk voor een heel groot deel uit direct inzetbare werknemers, zoals de duizenden vijftigplussers die maar wat graag aan het werk willen. Maar er zitten natuurlijk ook werkzoekenden tussen die minder gemakkelijk plaatsbaar zijn, en het kost wat meer flexibiliteit om de juiste mensen te vinden en die goed in te werken.

Bovendien gaat het leven van alledag hier door. Sociale contacten moeten worden onderhouden en de kinderen verzorgd, dus dag aan dag overwerken legt druk op de thuissituatie. De keuze voor een selectie gemakkelijk inpasbare Poolse jongvolwassenen voor evenveel of niet onoverkomelijk meer geld scheelt de werkgever een hoop gedoe. Maar de werkgever ontwijkt zo ook allerlei ‘lastige’ kwesties die horen bij een normale omgang met werknemers. Daar horen dingen bij die echt niet kunnen zoals veelvuldig te laat komen of niet op komen dagen, maar ook zaken als ziekte, verlies en rouw; gerechtvaardigd verzet tegen slechte arbeidsomstandigheden. Want door de tijdelijkheid is de kans groot dat de Poolse werknemers zich niet organiseren en zich omstandigheden laten aanleunen die eigenlijk niet door de beugel kunnen; of gewoon na verloop van tijd een vast contract.

Als werkgevers voor bepaald werk niemand kunnen vinden, zouden ze er ook voor kunnen kiezen beter te betalen, de voorwaarden te verbeteren of parttime werk en flexibele werktijden mogelijk te maken. Of ze zouden iets meer moeite kunnen doen om wat minder gemakkelijk inzetbare werkzoekenden toch in te kunnen zetten. Maar als ze zonder verdere plichtplegingen een leger Polen kunnen laten aanrukken waarbij dat niet nodig is, hoeven ze geen enkele vraag te stellen bij de eigen bedrijfsvoering. Door Nederlandse werklozen vervolgens met een valse vergelijking als lui weg te zetten, wordt voorkomen dat een morele vraag wordt gesteld die eigenlijk met Polen niet zo veel te maken heeft. Die pakken ten slotte alleen maar de kansen die ze zien – en die zien zich ook niet beperkt tot bovengenoemde sectoren.

Hoe ethisch verantwoord is het om als werkgever ouderen, lichamelijk of arbeidsgehandicapten en andere wat minder gewilde groepen botweg aan de kant te laten staan, en in plaats daarvan altijd de weg van de minste weerstand te kiezen?

Geef een reactie

Laatste reacties (8)