1.115
21

Freelance journalist/fotograaf

Peter Edel (1959) is freelance journalist/fotograaf en woont in Istanbul. Zijn artikelen en foto's zijn onder andere verschenen in de Engelstalige Turkse krant TodaysZaman. Ook is Peter Edel schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (Uitgeverij EPO, Antwerpen, 2012).

President Abdullah Gül, de Turkse gastheer van koningin Beatrix

Tijdens haar privébezoek aan Turkije deze week ontmoet ze hem voor de tweede keer dit jaar: de Turkse president Abdullah Gül. Wie is de Turkse gastheer van koningin Beatrix?

Abdullah Gül komt uit Kayseri, een grotere stad in centraal Anatolië. Hij werd daar op 29 oktober 1950 geboren in een conservatief religieus gezin. Als scholier las hij de boeken van de Necip Fazil Kisakürek. Deze islamitische denker koppelde Turks nationalisme aan antiwesterse opvattingen, conservatief religieuze waarden uit de Ottomaanse periode en een rabiate afkeer van het socialisme. Begin jaren zeventig sloot Kisakürek zich aan bij de religieuze Nationale Visie Beweging (Milli Görüs) van Necmettin Erbakan. Maar toen Erbakan een coalitie aanging met de centrum linkse Republikeinse Volkspartij (CHP) van Bülent Ecevit hield Kisakürek het voor gezien. Hij benaderde toen de ultranationalist Alparslan Türkes, de oprichter van de extreemrechtse Grijze Wolven.

Abdullah Gül bleef onder de indruk van Kisakürek toen hij economie studeerde aan de Istanbul Universiteit. Hij werd actief in de Nationale Turkse Studentenunie (MTTB), een aartsconservatieve studentenvereniging gebaseerd op Kisaküreks ideeën. Gül voltooide zijn studie in Londen en Exeter, wat zijn goede beheersing van de Engelse taal verklaart. Na zijn terugkeer in Turkije werd hij assistent professor aan de universiteit van Sakarya. In 1981 beëindigde hij zijn academische carrière om in Saoedi Arabië adviseur te worden van de Islamitisch Ontwikkelingsbank. Tien jaar later trad Gül namens de Welvaartspartij (RP) van Necmettin Erbakan toe tot het Turkse parlement. Erbakan benoemde hem tot vicevoorzitter van de buitenlandcommissie van de partij, een positie waarin hij Turkije op buitenlandse conferenties vertegenwoordigde. Bij de verkiezingen van 1995 werd Gül herverkozen, om vervolgens staatsminister te worden in een coalitie tussen de RP en de Partij van het Rechte Pad (DYP) van oud-premier Tansu Ciller. Deze regering was geen lang leven beschoren. Het einde werd op 28 februari 1997 ingezet. Die dag confronteerden de militairen Erbakan met een pakket maatregelen om de invloed van de islam op de samenleving drastisch te beperken: de ‘postmoderne coup’. Erbakan koos eieren voor zijn geld en nam ontslag. Vijftien jaar later werd Gül in de Turkse media verweten dat hij als staatsminister de eisen van de militairen ondertekende. Hij ontkende. Hoeveel dat waard was is de vraag, want Abdullah Gül heeft in zijn politieke loopbaan veel ontkend. Zelfs beslissingen die in alle redelijkheid te verdedigen waren ontkende hij achteraf.

Taqqiya

In 1998 werd Erbakans RP door het Constitutioneel Hof ontbonden, omdat het islamitische karakter van de partij in strijd werd geacht met de grondwet. De RP reïncarneerde in de Deugdzaamheidspartij (FP), waarvoor Gül in het parlement kwam. Tot het Constitutioneel Hof in juni 2001 ook de FP buiten de wet plaatste. Islamitische politici discussieerden hoe het verder moest. Gül stelde zich op als vertegenwoordiger van de islamitisch georiënteerde ondernemersklasse in de provincie. Die maakte sinds de regering van Turgut Özal in de jaren tachtig een opmars binnen de Turkse economie en werd nu een factor van betekenis. Güls geboorteplaats Kayseri was een van de steden waar kleinschalige handelaren zich ontwikkelden tot succesvolle ondernemers. Deze ‘Anatolische tijgers’ werden een belangrijke basis van de veranderingen die zich vanaf 2002 zouden voltrekken in het politieke landschap van Turkije. Voor het zover was heerste binnen de voormalige FP verdeeldheid, met een splitsing als gevolg. De oude garde ging verder in de Gelukspartij (SP), waarmee Necmettin Erbakan zijn comeback in de politiek zou maken. Gül koos voor de Gerechtigheids- en Ontwikkelingspartij (AKP), een nieuwe partij met Istanbuls voormalige burgemeester Recep Tayyip Erdogan als leider. Rond die tijd ondergingen islamitische politici als Gül en Erdogan een opmerkelijke transformatie. Antiwesterse en anti-Europese sentimenten uit de RP-periode maakten plaats voor enthousiasme over EU-lidmaatschap. Het strikte islamisme werd vervangen door het nieuwe concept van de ‘gematigde islam’. Takkiya noemen seculiere Turken dat.

Alternatief

Voorafgaand aan de verkiezingen van 2002 verlangden veel Turken naar een alternatief voor de corrupte regeringen van voorheen. Bovendien beloofde de AKP economische stabiliteit en een verbetering van de mensenrechtensituatie. Dat sprak bij veel Turken aan. De verkiezingswinst van de AKP was daardoor zo groot dat de partij met een meerderheid kon regeren. Partijleider Erdogan werd aanvankelijk geen premier. Hij was uit de politiek verbannen na een half jaar gevangenisstraf voor het citeren van een islamistisch gedicht. Daarom trad Abdullah Gül aan als eerste AKP-premier. In die positie kreeg hij te maken met een controverse binnen zijn partij over de oorlog in Irak. De VS verzochten Turkije om medewerking bij een noordelijk front tegen Saddam Hoessein. Gül nam een afwachtende houding aan, maar voormalige medestanders van Erbakan in de AKP-fractie zorgden er voor dat het Amerikaanse verzoek werd afgewezen. Tot verdriet van Erdogan die achter de schermen instemde met de Amerikaanse plannen. Kort daarop zorgde Gül voor een wetswijziging waardoor Erdogan alsnog premier kon worden. Zelf werd hij toen benoemd tot minister van Buitenlandse Zaken, een positie waarin hij met de EU onderhandelde over toetreding van Turkije. Zijn bedenkingen over de EU uit de jaren negentig leken toen als sneeuw voor de zon verdwenen. Evenmin was nog enige invloed herkenbaar van de antiwesterse islamist Necip Fazil Kisakürek, waar Gül tijdens zijn studietijd nog zo sterk door werd geboeid.

In 2007 liep de termijn af waarin Ahmet Sezer president van Turkije was. Sezer was een seculiere purist als geen ander. De dagen waarop hij de islamitisch georiënteerde Gül en Erdogan tot premier moest benoemen waren waarschijnlijk de zwartste uit zijn politieke carrière. In 2007 weigerde Sezer aanwezig te zijn bij een concert dat koningin Beatrix tijdens haar staatsbezoek aanbood. De hoofddoek van enkele genodigden, waaronder die van premier Erdogans echtgenote, was onacceptabel voor hem. Sezer gaf invulling aan de taak die traditioneel aan het presidentschap in Turkije was verbonden: die van beschermer van het secularisme. Met de AKP aan het roer kwam echter een heel ander soort president in zicht. Abdullah Gül werd kandidaat. De seculiere Turken waren des duivels. In Istanbul, Ankara en Izmir kwam het tot massale demonstraties, met leuzen als ‘we willen geen imam als president.’ Ook de militairen mengden zich in de discussie. Opperbevelhebber Yasar Büyükanit verklaarde dat een president van de Turkse Republiek zich ‘met woord en hart loyaal aan de principes van de republiek moet tonen’. Gül voldeed voor Büyükanit niet aan die voorwaarde. Op een website van de militairen verscheen het ‘e-memorandum’. Een stevig dreigement, maar niet meer dan dat. De AKP trok zich er in ieder geval niets van aan. Lastiger was dat in het parlement niet het benodigde aantal stemmen voor de benoeming van Gül gevonden kon worden. Nieuwe verkiezingen waren de consequentie. Die toonden aan dat de massale demonstraties een vertekend beeld gaven van de verhoudingen: de winst van de AKP was nog groter dan in 2002. Zo kon Abdullah Gül in augustus 2007 de elfde president van de Turkse Republiek worden.

Gül en Erdogan werden een hecht duo in de Turkse politiek. Toch zijn er verschillen. Gül heeft zich wat meer op de wereld georiënteerd dan Erdogan en drukt zich genuanceerder uit dan de premier, die zich nogal eens boute uitspraken wil laten ontglippen. Hoewel de verstandhouding over het algemeen goed was, kwamen Gül en Erdogan eind 2011 recht tegenover elkaar te staan. Aanleiding was een schandaal rond match fixing in de voetballerij. Een groot aantal spelers en directeuren van voetbalclubs werd gearresteerd en hing een lange gevangenisstraf boven het hoofd. Te lang als het aan de Erdoganvleugel in het parlement lag. Daar werd gevreesd voor stemmenverlies wanneer immens populaire voetballers jarenlang achter de tralies zouden belanden. Een nieuwe wet moest de maximum straf beperken. Gül kon zich daar niet mee verenigen en gebruikte zijn presidentiële recht om de wet terug naar het parlement te verwijzen. Daar werd de wet echter bekrachtigd, waardoor Gül uitgepraat was.

In Turkije kan een president twee termijnen aanblijven. In theorie kan Gül dus worden herverkozen. Het is echter geen geheim dat premier Erdogan het presidentschap ambieert. Daardoor is het onzeker hoe lang Abdullah Gül nog in het presidentiële Cankayapaleis te Ankara zal zetelen. In ieder geval lang genoeg om koningin Beatrix te ontvangen tijdens haar bezoek aan Turkije.

Op 18 juni verschijnt van Peter Edel: De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (uitgeverij EPO, Antwerpen)


Laatste publicatie van PeterEdel

  • De diepte van de Bosporus

    een politieke biografie van Turkije

    2012


Geef een reactie

Laatste reacties (21)