2.995
105

Voormalig parlementair verslaggever

Ik heb geruime tijd gewerkt als politiek verslaggever en correspondent Brussel van het ANP. Daarna heb ik onder meer gepubliceerd op de The Postonline, Historiek en Frontbencher. Ook verschenen er enkele boeken van mij. ‘Van verzuiling tot versplintering’ uit 2015 is het laatste.

PvdA en GroenLinks moeten kiezen uit twee kwaden

Meedoen kan rampzalig uitpakken, niet meedoen eveneens.

Komt er een coalitie van VVD, D66, CDA, PvdA en GroenLinks? Met uitzondering van D66 wil niemand dat echt. VVD en CDA willen niet met twee linkse partijen regeren. En een flink deel van de achterban van PvdA en GroenLinks heeft volstrekt geen zin om in een kabinet te stappen waarvan VVD-leider Mark Rutte premier is. Het probleem is dat er weinig andere mogelijkheden resteren. Dus zou er binnenkort wel eens een poging gewaagd kunnen worden om een vijfpartijenregering op de been te brengen.

Naar verwachting zullen VVD en CDA dan tijdens de onderhandelingen alles proberen om één van de twee linkse partijen kwijt te raken, vermoedelijk GroenLinks. Vijf partijen zijn immers niet nodig voor een Kamermeerderheid. Met alleen de PvdA kan zo’n samenwerkingsverband rekenen op 82 zetels. Dat is ruim voldoende, en zelfs aanzienlijk meer dan de 76 zetels waardoor Rutte III zich bij zijn aantreden wist gesteund. Een hinderpaal vormt het feit dat PvdA en GroenLinks hun kiezers hebben beloofd niet zonder elkaar aan een regeeravontuur te beginnen. Hoewel je daarover de laatste tijd vooral van GroenLinks verdacht weinig hoort, gaan we er nog maar even van uit dat die afspraak staat.

Dat VVD en CDA een voorkeur vertonen voor de PvdA als coalitiepartner is niet zo vreemd. De PvdA is een ervaren bestuurderspartij, die aan tal van kabinetten heeft deelgenomen en drie premiers leverde. GroenLinks daarentegen heeft nog nooit geregeerd. Eén van de vier fusiepartijen die aan GroenLinks ten grondslag lagen was bovendien de communistische CPN, die haar oren lange tijd naar de dictatoriaal geregeerde Sovjet-Unie liet hangen. Dat mag dan lang geleden zijn, in liberale en christendemocratische kringen is het niet vergeten. Als regeren zonder GroenLinks kan, zullen VVD en CDA het niet laten. Alleen als de PvdA aanmerkelijk hogere eisen zou stellen dan GroenLinks zou hun voorliefde wel eens kunnen veranderen.

PvdA en GroenLinks doen er echter verstandig aan om elkaar tijdens de formatie ‘vast te houden’, zoals dat in het jargon van de partijleiders Lilianne Ploumen en Jesse Klaver heet. Zou er een kabinet tot stand komen met slechts één linkse partij, dan draagt die alle electorale risico’s van meedoen met Rutte IV. Mocht dat kabinet mislukken, wat iedereen half en half verwacht, dan krijgt die ene partij het bij de volgende verkiezingen op haar brood. De PvdA, die van 2012 tot 2017 met desastreuze electorale gevolgen regeerde in Rutte II, kan ervan meepraten. Het risico wordt kleiner (zij het zeker niet nul) als ze allebei aan het kabinet deelnemen. In elk geval kunnen ze dan elkaar de schuld geven.

Allebei in de oppositie blijven kan natuurlijk ook. Of dat dan in 2025 (of eerder) tot een goede verkiezingsuitslag leidt is echter zeer de vraag. PvdA en GroenLinks hebben de afgelopen vier jaar aan de kant gestaan, maar tot een bevredigend resultaat op 17 maart heeft dat allerminst geleid. GroenLinks verloor 6 van de 14 zetels. De PvdA bleef steken op 9. De twee partijen moeten dus kiezen uit twee kwaden. Meedoen kan rampzalig uitpakken, niet meedoen eveneens.

Er is natuurlijk ook nog een theoretische mogelijkheid dat Rutte IV op een enorm succes uitdraait en dat PvdA en GroenLinks daarvoor bij de volgende verkiezingen rijkelijk worden beloond. Maar daar houdt toch niemand echt rekening mee?

Geef een reactie

Laatste reacties (105)