3.322
55

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Regering voedt de angst voor een multi-etnische toekomst

Beter zouden wij ons kunnen concentreren op de sociale en ecologische problemen van nu in plaats van ons te verliezen in irrationele angsten voor de toekomst

Tot de leerstukken van onze tijd behoort de overtuiging dat de maatschappij niet maakbaar is en dat de overheid zich daarom behoort terug te trekken.  Niettemin stelt de regering nu een onderzoek in naar de ontwikkeling van de Nederlandse bevolking met het achterliggende idee dat je die kunt beïnvloeden. Volgens een commentaar in de Volkskrant komt dat door het laatste essay van Paul Scheffer. Dat stuk staat in een WRR-onderzoek met de titel Regie over Migratie: naar een strategische agenda. Scheffer noemt zijn bijdrage: “Immigratie in een Open Samenleving”. Meteen in het eerste hoofdstuk al vindt men een roep om ordening.  Verderop in het betoog treft men passages aan als deze:

De algehele conclusie is duidelijk: eerste en tweede generatie migranten uit de klassieke herkomstlanden van de gastarbeid – Marokko en Turkije – doen het in het onderwijs en op de arbeidsmarkt minder goed dan westerse migrantengroepen en de autochtone bevolking. Tegenover korte termijn gewin dat verbonden was met deze laaggeschoolde migratie staan de langetermijngevolgen voor de samenleving. Zo’n afweging wordt natuurlijk niet door ondernemers gemaakt, maar zou leidend moeten zijn voor parlement en regering als het gaat om de arbeidsmigratie in de nabije toekomst.
Kijken we vervolgens naar de normatieve vragen die de opvang van vluchtelingen oproept. Ik spreek niet graag over vluchtelingen in termen van kosten en baten, maar omdat sommigen het zo gemakkelijk hebben over een win-winsituatie, ontkomen we er niet aan. Het is duidelijk dat eigenbelang niet leidend kan zijn: het gaat om een humanitaire opdracht. De kosten voor de samenlevingen kunnen immers aanzienlijk zijn – dat leert de situatie in Duitsland wel – en zo krijgen we meer zicht op de integratieopdracht die voortvloeit uit de opvang van een aanzienlijk aantal vluchtelingen.
Het was een gevoel van controleverlies dat Angela Merkel aanzette tot de opmerking in een televisie-interview dat Duitsland zijn drieduizend kilometer lange grens niet meer kan waarborgen. We zien onmiddellijk dat het niet om daadwerkelijk controleverlies gaat als we kijken naar de deal met Turkije, waarbij in ruil voor een effectieve grensbewaking door Turkije, geld werd overgemaakt en politieke toezeggingen zijn gedaan die Erdogans positie hebben versterkt. Waarom zou dat land grenzen kunnen bewaken terwijl de rest van Europa dat opeens niet meer kan? Het gevolg is wel dat we op die manier de grensbewaking uitbesteden aan het autoritaire regime van Erdogan. De moraliteit van deze keuze kun je betwijfelen.
Ook het blokkeren van illegale migratie vraagt om een drieluik van maatregelen, dat tot doel heeft de illegaliteit op een actievere manier tegen te gaan. Om te beginnen is betere grensbewaking nodig, want met het openen van de binnengrenzen in Europa is te weinig animo getoond om dan ook een gemeenschappelijke buitengrens vorm te geven door middel van bijvoorbeeld een Europese kustwacht. Vervolgens kan meer worden gedaan om illegaliteit in eigen land tegen te gaan, bijvoorbeeld door scherpere boetes voor werkgevers die illegalen in dienst nemen of de bestaande normen qua beloning of arbeidsvoorwaarden omzeilen. En ten slotte moet meer werk worden gemaakt van het uitzetten en terugsturen van illegale vreemdelingen. Daarbij horen ook sancties ten opzichte van de landen van herkomst indien ze niet vrijwillig willen meewerken.
De instroom van buitenlandse studenten aan de universiteiten en hogescholen kan worden beperkt door bij sommige faculteiten het aanbod van colleges in het Engels terug te dringen. Het gaat om het bewaren van een zeker evenwicht in onze instellingen van hoger onderwijs. Nu schieten verschillende universiteiten tekort wat betreft hun wettelijk vastgelegd taak om in het Nederlands onderwijs te geven.
Een andere bron van migratie is de arbeidsmobiliteit in de Europese Unie. Die is belangrijk en hoort bij de vier vrijheden van de gemeenschappelijke markt. Maar de discussie over de Brexit heeft geleerd dat er mogelijkheden moeten zijn om tijdelijke uitzonderingen vorm te geven. Deze uitzonderingen die door David Cameron waren bedongen zouden onder omstandigheden ingeroepen moeten kunnen worden door landen die zich overvraagd voelen door dit vrije personenverkeer.
Ten slotte kan nagedacht worden over een bovengrens voor het aantal vluchtelingen dat jaarlijks in Nederland kan worden opgevangen. Op basis van de 700.000 asielaanvragen en de op dit moment in Nederland verblijvende vluchtelingen kunnen we zeggen dat Nederland sinds 1980 jaarlijks gemiddeld tussen de 15.000 en 20.000 vluchtelingen heeft opgevangen. Dat gegeven leidt ertoe dat we in Nederland jaarlijks rond 20.000 vluchtelingen zouden kunnen opvangen.
toekomst
cc-foto: Pixabay

Vandaar Scheffers roep om ordening aan het begin van zijn betoog. Ik heb het eerder gezegd: die ordening is er al lang. Wie van buiten de Europese Unie naar Nederland wil komen, krijgt alleen maar een permanente verblijfsvergunning als hij of zij een enorme bom duiten meeneemt dan wel een vacature gaat vervullen waarvoor in ons land bewijsbaar geen geschikte kandidaat te vinden is. Huwelijksmigratie is eveneens mogelijk maar dan worden zeer zware hinderpalen in de weg gelegd.

Immigratie uit EU-landen is vrij want dat is het principe van de Europese Unie. Als de Nederlandse overheid handhaaft op gelijke beloning voor gelijke arbeid en daar ook daadwerkelijk in investeert, dan zijn er voldoende waarborgen geschapen tegen verdringing.

Blijft over Scheffers voorstel om per jaar het aantal toe te laten vluchtelingen tot 20.000 te beperken en om verschansingen op te trekken rond Europa met honderden kanonneerboten op de Middellandse Zee want op een andere manier is illegale immigratie niet te verminderen. Echt niet.

Tijdgeest
Niettemin gaat Scheffers verhaal erin als Gods woord in een ouderling want één ding moet je hem nageven: hij gaat altijd met de tijdgeest mee. Dat doet hij sinds zijn communistische periode in de op sommige plekken in het land zo rode jaren zeventig van de vorige eeuw. Zijn verhalen waren altijd welkom en bruikbaar. Daarom wordt zijn meest recente betoog nu aangegrepen als aanleiding voor dat onderzoek naar de gewenste omvang van de bevolking. Daar heeft de Volkskrant gelijk in.

Als we zo doorgaan, luidt de veel gehoorde waarschuwing, dan hebben we binnen een halve eeuw twintig miljoen inwoners. Kan Nederland dat wel aan? Daarachter schuilt de onuitgesproken vraag: moeten we die verduivelde migratie niet stoppen want straks is dat Nederland van twintig miljoen ook nog verkleurd.

Hoe moet dat met de integratie? Met miljoenen beklimmen zij onze blanke top der duinen. Als konijnen telen zij voort. En wie mag het betalen? Jan Lul van de Hogebomen! The horror. The horror.

In 1840 telde het Koninkrijk der Nederlanden ongeveer drie miljoen inwoners waarvan het grootste deel in bittere armoe leefde. Een eeuw later was de bevolking gestegen tot tien miljoen. Ze hadden het gemiddeld veel beter dan hun ouders en hun grootouders. Dat kwam door de technologische ontwikkeling en ook het feit dat er veel meer arbeidskrachten in touw waren dan in 1840. Ze waren ook nog stuk voor stuk veel productiever dan hun overgrootouders. Toch meenden de regeringen van na de bevrijding dat de wal het schip zou keren als er geen maatregelen werden genomen. Daarom bevorderden zij op alle manieren emigratie. Hoe meer burgers permanent de pleitvaart namen, des te beter. Ze lulden er een half miljoen het land uit. Drees’ voorspelling kwam niet uit. Opnieuw zorgden technologische vooruitgang en productiviteitsgroei voor een stijging van de welvaart. En daaraan droeg ook bij dat meer mensen dan ooit aan het werk waren die stuk voor stuk meer rijkdom schiepen dan hun ouders en hun grootouders. Daarom kan ons land nu gemakkelijk een bevolking van 17 miljoen mensen dragen, die in 7 miljoen auto’s rijden en per hoofd van de bevolking veel meer vierkante meters woonruimte tot hun beschikking hebben dan de Nederlanders in de tijd van Drees. Dit ondanks de algemeen ervaren woningnood van het moment.

Als deze trends zich voortzetten, kan het best zijn dat met twintig miljoen mensen de algemene welvaart hoger is dan wanneer we besluiten de grenzen te sluiten en het moeten doen met zestien miljoen mensen van wie een groot aantal te oud is om te werken. Tot nog toe zijn alle sombere voorspellingen met betrekking tot dreigende overbevolking niet uitgekomen. Aan de andere kant: het is met geschiedenis net als met de beurs: in het verleden behaalde resultaten geven geen garantie voor de toekomst.

Wortels en taal
De échte onuitgesproken angst is dat die twintig miljoen Nederlanders van 2060 hun wortels terugvoeren niet op polder, veen en zand maar op alle delen van de wereld. Sommige mensen slaat nu al de angst om het hart als zij op de straten van de grote steden om zich heen twintig, dertig talen horen. En dat daar zelden Engels bij is wat nog tot daaraan toe is. Dat komt omdat voor steeds meer burgers Nederlands de algemene omgangstaal is maar dat zij thuis en in eigen kring een andere taal spreken. Dat is helemaal niet gek. Dat is mondiaal gezien de normale situatie. De grote steden van Azië en Afrika zijn nog steeds allemaal veeltalig, ook de Chinese. De meeste Latijns-Amerikaanse landen idem dito. Ga maar luisteren in Cuzco bijvoorbeeld of in de bus door Guatemala.

Alleen in Europa en deels in de Verenigde Staten is men er in de negentiende eeuw in geslaagd door een combinatie van dwang en technologische ontwikkelingen één enkele standaardtaal op te leggen aan het grootste deel van de bevolking. In dit rijtje passen – toegegeven – ook enkele Latijns-Amerikaanse landen, waar de oorspronkelijke bevolking vrijwel geheel is uitgeroeid.

Voor die tijd waren er net als in de rest van de wereld ook in Europa allerlei breed gebruikte omgangstalen – meestal de taal van de elite en de machthebbers – maar dat was niet voor thuis en de familie bedoeld. Zo is het Standaardnederlands het dialect van de Hollandse elite, dat sinds de negentiende eeuw op school, in het leger, in de kranten en later op de radio er bij iedereen als de enige acceptabele taal ingeramd is. Nu past Europa zich weer aan bij het algemene mondiale patroon. Dat heeft met tal van ontwikkelingen te maken: niet alleen globalisering is een factor maar ook de individualisering en het einde van de massaproductie met dezelfde standaard voor iedereen. De technologische ontwikkeling gaat immers net zo goed in de richting van méér diversiteit en minder eenvormigheid. De tijd van het nationalisme is voorbij ook al klampen politici als Wilders of Baudet zich nog zo wanhopig vast aan de kale takken van deze afgestorven boom . De eenheid zit nu al in de verscheidenheid.

Toekomst
Hoe dat allemaal af gaat lopen? Geen mens die het weet. Misschien zitten we over dertig jaar wel in een oorlog. Of we bewonen een ecologisch Utopia vol zonne-energie, snelle ov-verbindingen en hyperloops (die buizenpost voor mensen van dat Delftse ingenieurtje) voor onze winkelescapades in Parijs, terwijl het algemeen gebruikte vervoermiddel voor de korte afstanden de step is.

Het is ook zo verschrikkelijk Nederlands, die onderzoeken naar een tamelijk verre toekomst. Het heeft te maken met onze controle en regelzucht, met onze arrogantie ook, de gedachte dat we niet alleen het heden kunnen beheersen maar ook de toekomst door er een lange termijn beleid op los te laten. Nooit wat van terecht gekomen maar we leren het niet. Hoe divers de samenstelling van onze bevolking is ook is. Dat blijft altijd hetzelfde.

Beter zouden wij ons kunnen concentreren op de sociale en ecologische problemen van nu in plaats van ons te verliezen in irrationele angsten voor de toekomst.

Het is zo jammer dat de regering meegaat met die angsten in plaats van te pogen die weg te nemen. Dat laatste zou van durf getuigen. En van de door de premier zo gevreesde visie. En misschien zelfs een beetje lijken op de kijk die ooit de jongens van Jan de Witt op de kansen van hun eigen tijd hadden. Dat zou er wél voor zorgen dat Nederland Nederland bleef, hoe ook de afkomst is van de Nederlanders, welke God zij ook vereren, in welke taal zij ook de liefde bedrijven.

Sombere toekomstvoorspellingen: zo stelden de makers van de film Soylent Green zich in 1973 het New York van 2022 voor:


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (55)