1.862
16

Socioloog

Merijn Oudenampsen (1979, Amsterdam) is socioloog en politicoloog. Sinds januari 2011 doet hij als promovendus onderzoek naar populisme en culturele studies bij de Universiteit van Tilburg. Hij was gastredacteur van de 20e editie van het tijdschrift Open, de Populistische Verbeelding. Hij schrijft regelmatig voor boeken, bladen en tijdschriften, over stadsontwikkeling, kunst, politiek, filosofie en wat dies al niet meer zij.

Robert Mapplethorpe en het raciale taboe

Over een artikel van Stephan Sanders en de kunst van Mapplethorpe: 'De antiracisten zijn dus "preuts" op raciaal gebied'

In de Vrij Nederland van vorige week staat een artikel van Stephan Sanders over de fotografie van Robert Mapplethorpe en het raciale taboe. Sanders komt er vijfendertig jaar later pas achter dat het werk van Robert Mapplethorpe een raciale lading heeft. Ik vermoed dat hij ergens in 2040 de financiële sector als een thema zal gaan ontdekken.

De kern van Sanders betoog is dat Mapplethorpe’s fotografie – veelal naakte zwarte lichamen – vandaag de dag niet meer zou kunnen, omdat er een raciaal taboe is ontstaan, net zoals deze fotografie toentertijd schokkend was vanwege een seksueel taboe. Dit idee van een raciaal taboe, plaatst de antiracisten in het kamp van de verdedigers van het taboe en geeft Mapplethorpe de klassieke taboedoorbrekende rol van de kunstenaar. De antiracisten zijn dus “preuts” op raciaal gebied.

Wat mooi te zien is bij Stephan Sanders, is hoe progressieve ideeën uit de seksuele revolutie van de jaren zestig en zeventig – de nadruk op bevrijding uit het keurslijf en het doorbreken van taboes – doorwerkt in een rechts, fortuynistisch discours, van vrijuit kunnen spreken over multiculturalisme en raciale kwesties. Gewoon jezelf kunnen zijn. Lekker grappen maken over het seksuele kunnen van Surinamers en over moslims met schapen op het balkon.

Natuurlijk is de transformatie die Sanders opvoert van seksueel naar raciaal taboe niet helemaal consistent. De anti-zwarte piet activisten zijn juist degenen die een taboe bespreekbaar willen maken: het bestaan van racisme in Nederland. Het gaat er juist om het gesprek op gang te brengen, niet om dat stil te leggen. Wat het fortuynistische discours typisch doet, is elke vorm van kritiek presenteren als een vorm van censuur. Bekritiseer je iets als racistisch of seksistisch, dan wil je niet dingen bespreken, dan wil je mensen de mond snoeren. Vrijheid van meningsuiting!, zegt men dan.

Zo slaat het fortuynistische discours uiteindelijk om in zijn tegendeel: als alles vrijuit gezegd moet kunnen worden, zonder dat mensen het ongemak ervaren van racisme of seksisme beschuldigd te worden, want kritiek is tenslotte een vorm van censuur, dan is er een nieuw taboe ontstaan. Een taboe op het bespreken van racisme en seksisme.

Voor wie trouwens een goede kritiek van het werk van Mapplethorpe wil lezen (nee, het is geen oproep tot censuur), zie het beroemde essay van Kobena Mercer.


Laatste publicatie van MerijnOudenampsen

  • boek merijn

    De conservatieve revolte

    Een ideeëngeschiedenis van de Fortuyn-opstand

    2018


Geef een reactie

Laatste reacties (16)