969
21

Blogger

Naast professional in de dak- en thuislozenopvang, is Peter de Jonge freelance tekstschrijver en redacteur van de weblog 'Codes, keuzes en maakbaarheid'(sinds 2006). Dit weblog is ondermeer bekend van de blogaward ‘Blogparel van het jaar'en de OnrustMonitor.
Onder het pseudoniem P. J. Cokema is hij mederedacteur van het weblog Sargasso, waar hij, onder andere, de rubriek KOZ (Kunst Op Zondag) verzorgt.
Onder het pseudoniem PJCokema is hij ook te volgen op Twitter.

Rutte en de Maastrichtnorm

Wat is nou de oorzaak van de euro-crisis?

Toen we met de euro begonnen, hebben we afgesproken dat ieders staatsboekhouding geen groter EMU-saldo dan -3.0 procent zou mogen hebben en geen hogere staatschuld dan 60 procent van het BNP (bruto nationaal product). Sommige landen hebben zich daar niet aan gehouden en de Grieken nog wel het minst. Woorden van gelijke strekking uitte Rutte in zijn toespraak op Staatsuniversiteit van Sint Petersburg, tijdens zijn bezoek aan Rusland.

Die boodschap vind Rutte belangrijk. Het is mede de reden waarom hij er zo op los wil bezuinigen. De 3 en 60-procentnormen, bekend als de Maastrichtnorm, zouden in alle tijden geldig moeten zijn. Het doel waar elk kabinet naar dient te streven. Het zijn de normen waarop elk kabinet het financiële beleid zou moeten bepalen.De Grieken hebben er inderdaad een rommeltje van gemaakt. Hoe deed en doet Nederland het? En zijn CDA/VVD-kabinetten betere schatkistbewakers dan andere kabinetten?

Rutte zit voorlopig op een gemiddeld EMU-saldo van – 4,6. Er zit wel verbetering in. Bij zijn aantreden keek hij aan tegen een EMU-saldo van -5,4 en inmiddels staat het saldo op -3,7. Nog steeds te laag, maar de meeste kabinetten wisten tijdens hun zittingsperiode het saldo verbeteren, dus waarom zou Rutte dat niet lukken? Hij is tenslotte ook nog de meesterleerling van Gerrit Zalm. Deze wist, als minister van Financiën onder Kok II en Balkenende III, in de positieve cijfers te eindigen. Met een gemiddeld EMU-saldo van respectievelijk 0,5 en 0,3 horen deze kabinetten tot de beste bewakers van de Maastrichtnorm.

Die twee kabinetten hadden wel een voordeel, die Rutte node mist. Onder Kok II werd de introductie van de euro voorbereid. Niet gehinderd door een slechte economie, wilde en kon dit kabinet dus positief afsluiten. Ook Balkenende III had het economisch tij mee, alleen betrof het hier een voorzichtig herstel van een stagnerende groei in de voorgaande jaren.

Hoe anders verliep het met het EMU-saldo en de staatsschuld onder de kabinetten Lubbers. Ondanks economische groei, kreeg Lubbers de werklozen niet aan het werk. De collectieve lasten bleven stijgen. Een verschijnsel waar Rutte op dit moment ook tegenaan kijkt.

Economische malaise hoeft trouwens geen reden te zijn het EMU-saldo te laten ontsporen. Het kabinet Den Uyl kreeg de oliecrisis over zich heen en wist desondanks de staatsschuld en het EMU-saldo binnen de perken te houden. De navolgende kabinetten Van Agt hadden het economisch niet veel beter. De staatsschuld en het EMU-tekort liepen gestaag omhoog. Pas onder Kok II en de daarop volgende drie Balkenende-kabinetten, daalde de staatschuld en bleef het EMU-saldo aardig binnen de perken.

Het ene VVD-CDA kabinet is het andere niet. Natuurlijk gaan exacte vergelijkingen mank, omdat de er andere oorzaken zouden zijn van economische tegenslag. Maar het meest is Rutte wellicht te vergelijken met Lubbers I en II. Zwaar economisch weer, draconische bezuinigingen en toch lopen staatsschuld en EMU-saldo uit de hand.

Rutte herinnerde zijn publiek in Sint Petersburg aan de Maastricht-afspraken en gaf de Grieken en passant op hun donder. Bij de Maastrichtnorm hoorde ook de afspraak dat landen die hun EMU-saldi lieten ontsporen, op boetes konden rekenen. De boete die de Grieken nu krijgen bestaat uit leningen waardoor ze nog jaren in de tang zitten van andere Europese landen.

Ruttes hulpvaardigheid voor de Grieken valt misschien te verklaren, omdat hij al op zijn klompen aanvoelt dat hij in een Lubberiaans echec beland. Neemt hij met zijn grote mond in Sint Petersburg een voorschot op een leningaanvraag, om boetes te vermijden? Zou hij dat bedoeld hebben met “Ik ben zeer beperkt in mijn beantwoordingen. Het zou ook schadelijk kunnen zijn voor onze Nederlandse inzet en ik loop het risico om de Kamer verkeerd te informeren”.

Hieronder overzichten van gemiddelde EMU-saldi en staatschulden van de kabinetten sinds 1967.

Geef een reactie

Laatste reacties (21)