Laatste update 14:37
678
6

Universitair hoofddocent, UvA

Joost van Spanje is universitair hoofddocent politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in onderzoek naar de reacties van de gevestigde orde op nieuwe politieke partijen. Dit omvat juridische reacties (bijv. strafvervolging), politieke reacties (bijv. cordons sanitaires) en media-reacties (bijv. doodzwijgen). Joost is winnaar van de Jaarprijs Politicologie 2010, van een NWO Veni-onderzoeksbeurs in 2012 en van een NWO Vidi-onderzoeksbeurs in 2015.

Scènes uit een huwelijk

Nederlandse politiek anno 2018 was als twee echtelieden, laten we hen R. en L. noemen, die steeds bekvechten. In dit geval vooral om twee onderwerpen. Die twee heikele punten leiden elke keer weer tot bittere strijd. Op die twee punten geeft geen van beiden toe. Hoe nu verder?

Troep
“Ruim je kamer nou eens op!” Dat is wat L. zowat elke dag tegen R. zegt. Maar R. vertikt het. Waarom zou hij de kamer opruimen? Het is toch de kamer waar hij altijd werkt, en het is toch ook zijn huis? Hij moet hard zwoegen in die kamer en heeft geen tijd om op te ruimen. Bovendien, hij heeft er helemaal geen last van. Dat gezeik ook altijd; hij is een man en die hebben nu eenmaal een man cave.

L. is woedend. Waarom moet ze het zo vaak zeggen, en doet hij het dan nog niet? De kamer is nooit eens opgeruimd en kan dus ook nooit eens worden schoongemaakt. Daardoor stinkt het er, er hangt een ongezonde lucht die door het hele huis te ruiken is. Ze vindt het onverantwoord dat R. in die troep rondscharrelt. Bovendien neemt de chaos toe en zitten de kinderen ook de ganse dag in de vette walm.

Wat R. maar niet begrijpt, of wil begrijpen, is dat L. bang is. Bang voor hun toekomst, bang voor de toekomst van hun kinderen. Als ze zo doorgaan, met al die troep hier in huis, kunnen ze hier dan straks nog wel prettig wonen? Natuurlijk is het belangrijk dat R. hard werkt en dat waardeert ze ook, maar waarom kan dat vuile werk niet wat ordentelijker? Dit kan zo niet langer, dit loopt verkeerd af.

Cc-foto: Thomas Hassel

Deur
“Doe de deur nou eens dicht!” Dat is wat R. zowat elke dag tegen L. zegt. Maar L. vertikt het. Waarom zou ze de deur dichtdoen? Het is toch ook haar huis? Ze vindt het fijn als er eens een keer een gast binnenkomt om voor te zorgen. Bovendien, het is moreel juist om gasten op te vangen. Ze hebben haar nodig. Dat egoïsme ook altijd; ze is een vrouw en die zorgen nu eenmaal graag.

R. is woedend. Waarom moet hij het zo vaak zeggen, en doet ze het dan nog niet? De deur is nooit eens dicht en dus komt er om de haverklap weer iemand binnen. De meesten blijven niet lang, maar sommigen kunnen nergens heen en blijven eindeloos hangen. Hij vindt het onverantwoord dat L. al die gasten binnenlaat. Bovendien wordt het in huis wat krap en hebben de kinderen daar last van.

Wat L. maar niet begrijpt, of wil begrijpen, is dat R. bang is. Bang voor hun toekomst, bang voor de toekomst van hun kinderen. Als ze zo doorgaan, met al die gasten hier in huis, kunnen ze hier dan straks nog wel prettig wonen? Natuurlijk is het goed dat L. gasten opvangt en dat waardeert hij ook, maar waarom kan die opvang niet wat ordentelijker? Dit kan zo niet langer, dit loopt verkeerd af.

Geheime agenda
R. vermoedt bij L. een geheime agenda. Het gaat niet om het opruimen; ze wil alles verbieden wat hij leuk vindt in het leven. Terwijl hij zo hard werkt voor het gezin! Zoveel rommel maakt hij toch niet? Ze heeft vast belang bij het opruimen. Wil ze dat ze een dure stofzuiger kopen. Mooi niet! Trouwens, ze maakt zelf ook rotzooi. En ze kan beter bij de Chinese buren klagen: die zijn veel viezer dan hij.

L. vermoedt bij R. een geheime agenda. Het gaat niet om de deur; hij wil alles dwarsbomen wat ze belangrijk vindt in het leven. Terwijl ze zulk goed maatschappelijk werk doet! Zoveel gasten komen er toch niet? Hij heeft vast belang bij een dichte deur. Wil hij minder geld kwijt zijn, terwijl anderen het zo hard nodig hebben. Mooi niet! Trouwens, de Turkse buren vangen veel meer gasten op dan zij.

Bang
Voorlopig is R. de baas. Prettig, vindt hij, want hij snapt gewoon beter dat er gevaren kleven aan het altijd opvangen van gasten. Opruimen, daar komt niks van terecht. Beloftes van R. om nu toch echt eens te beginnen komt hij nooit na. En de deur, die staat nu op een kier. Er glipt nog wel eens een gast naar binnen – minder vaak dan voorheen, maar R. vindt het nog steeds te vaak. Hij is banger dan ooit.

Voorlopig schikt L. zich in haar lot. Jammer, vindt ze, want ze snapt gewoon beter dat er gevaren kleven aan nooit schoonmaken. Ze zat een keer met R. aan de keukentafel voor overleg en weigerde toen principieel een afspraak over de deur. Ze hoopt dat ze hem ooit weer aan de keukentafel treft en dat hij dan wel inziet dat de deur open moet blijven – en dat hij moet opruimen. Ze is banger dan ooit.

Wat zal 2019 dit huwelijk brengen?

Geef een reactie

Laatste reacties (6)