Laatste update 11:18
1.054
55

Schrijver

Caspar Visser ‘t Hooft is de auteur van de romans Koningskinderen (IJzer,
2010), Feniksbloem (IJzer, 2012) en Waldenberg (IJzer, 2014). Caspar Visser 't Hooft woont en werkt in Frankrijk.

Scheiding der geesten

Als nu nog niet zonneklaar is welke ‘geesten’ lijnrecht tegenover elkaar staan, dan weet ik het ook niet: extreem-liberalisme versus sociaaldemocratie

cc-foto: Anthony Cryder
cc-foto: Anthony Cryder

Een bekende protestantse theoloog, dr. K.H. Miskotte (1894 – 1976), sprak in een van zijn meest gelezen werken van een ‘scheiding der geesten’. In dit werk, ‘Edda en Thora’ uit 1939, wees hij op de dringende noodzaak voor de kerk zich te zuiveren van alle ideeën die met de tijd bij haar waren binnengeslopen en waarvan het in zijn tijd steeds evidenter werd dat ze niets met de kern van de christelijke boodschap hadden te maken.

Met de opkomst van het nationaalsocialisme in Duitsland werd duidelijk dat deze ideeën levensgevaarlijk waren omdat ze te makkelijk tot antisemitisme konden leiden. Lange tijd waren elementen van antisemitisme en zuiver evangelie als het ware met elkaar vermengd geweest. De opkomst van een politieke partij die een agressief antisemitisch beleid in de praktijk begon te brengen, opende de ogen van velen. En zo ontstond bij een deel van de christenen geleidelijk aan de wens naar een ‘scheiding der geesten’: wat ééns vermengd was, moest uit elkaar worden getrokken. Hier het racisme, daar het evangelie ontdaan van onzuivere elementen. En tussen beide geen brug meer, maar een kloof.

Ik vraag me af of in onze tijd niet ook een ‘scheiding der geesten’ aan het plaatsvinden is. Andere geesten, we leven tachtig jaar later. Minder zwart-wit, we hebben niet meer met het absolute kwaad te maken dat door het nazi- antisemitisme werd belichaamd. Maar ‘geesten’ niettemin. Hier het extreem-liberalisme, waarvan bij steeds meer mensen duidelijk wordt hoe schadelijk de politieke toepassing ervan is, daar een sociaaldemocratie die opkomt voor solidariteit, gelijkheid en respect voor de natuurlijke omgeving.

Derde weg
In de jaren 90 wisten veel mensen –  onder wie ik –  niet zo goed wat er gaande was.  We voelden dat op politiek vlak de vertrouwde kaders aan het wankelen waren, maar we wisten het nog niet goed onder woorden te brengen. Dat kwam ook omdat de gangbare woorden opeens anders werden ingevuld. Links, rechts, socialist, progressief, conservatief enzovoort. En toen kregen we in Nederland een paars kabinet. VVD en PvdA samen. Hoe kan dat? Het kon.

We kregen New Labour, de SPD van Schröder, de PS van Hollande, en we vroegen ons af: waarin verschillen ze nog van ‘rechtse’ partijen? Als ‘het maar werkt’ – orakelde Tony Blair, hij doelde op het mechanisme van de vrije markt. Ja, we voelden het wel, hoe links naar rechts opschoof, en rechts naar nog rechtser. Hoe kon het anders? Waar lange tijd de politiek van de West-Europese landen een midden had bepaald tussen twee magneten, Amerika rechts, de USSR links, was sinds de val van het IJzeren Gordijn de linkse magneet weggevallen.

Afijn, om een lang verhaal kort te maken, we kregen de indruk dat er een merkwaardige vermenging was ontstaan waarbij politieke stromingen met oorspronkelijk zeer verschillende oriëntaties in elkaar waren samengevloeid, en dat alles onder de dekmantel van het vrije-markt denken dat op zo geruststellende wijze simpel lijkt. En we vergaten, of wilden vergeten, dat dit vrije-markt denken op zichzelf al een politieke oriëntatie is. Het werd een verdovingsmiddel: de vrije-markt doet alles, zorgt dat alles wel goedkomt, en bevrijdt ons van onze verrekte politieke verantwoordelijkheid die ons altijd weer voor zulke moeilijke keuzen plaatst. We lieten ons dragen…

Crisis
Het oud-Griekse woord voor ‘scheiden’ is ‘krinein’. Van dit werkwoord is de term ‘crisis’ afgeleid. Zou het kunnen dat de crisis van het jaar 2008 als een eerste blikseminslag is te beschouwen die bij veel mensen geleidelijk de behoefte aan een ‘scheiding der geesten’ deed ontstaan?

Opeens liet het systeem van de geglobaliseerde vrije-markt economie zich van zijn grimmige kant zien. Het liberale dogma bleek tot een deregulering van de financiële wereld te hebben geleid, het gevolg kennen we: de bankencrisis. Ja, voor veel mensen was dit een grote eyeopener: er is iets fundamenteel mis met het systeem.

Even dachten we nog dat onze politici de catastrofe op daadkrachtige wijze te lijf gingen, namelijk door de banken met ons geld te redden. Het ging om tientallen miljarden. Daadkrachtig? Al gauw bleek dat ze niet anders hadden gekund, de banken waren ‘too big of fail’. De grimmige macht van het systeem kwam voor velen daarin tot uiting dat de hoofdverantwoordelijken, de topbankiers, na een kort moment van rouwbetuiging, gewoon doorgingen met het opstrijken van vette bonussen – van ons geld, dat onze regeringen in de banken hadden gepompt. Het vertrouwen verdween.

Wat met deze bankencrisis begon, liep uit op een algehele ‘schuldencrisis’ die ook de Europese landen betrof. We waren hierin plotseling – in de verte – op de Derde Wereld gaan lijken. Hoe het precies kwam? Het was zo. Zoveel hadden we wel door dat een niet gering deel van onze staatsschulden uit renteschuld bestond. Onze regeringen hadden de banken van miljarden voorzien, maar van een kwijtschelding, zelfs gedeeltelijk, bleek geen sprake. Waarom niet? Het werd niet uitgelegd, het was allemaal te technisch voor ons.

Goed, maar gaandeweg begonnen we toch te beseffen dat hierachter een ‘Europa’ school dat aan de touwtjes trok – en ook hoezeer onze regeringen met handen en voeten gebonden waren aan de richtlijnen die de Brusselse technocratie uitstippelde. We dachten terug aan het jaar 2005, toen bij het referendum inzake de Europese grondwet de nee-stem van zowel Nederland als Frankrijk in de wind was geslagen. ‘Europa’ was een alles verpletterende bulldozer geworden, iets dat we tien jaar later bevestigd zagen toen ook de stem van de meerderheid van de Grieken (‘Oxi’) onder druk van onder andere ‘Europa’ werd genegeerd. En nu, onlangs, de pressie door ‘Europa’ uitgeoefend op Paul Magnette, de Waalse eerste minister: hij was zo vermetel een paar kritische kanttekeningen te plaatsen bij de tekst van het handelsverdrag tussen Europa en Canada (CETA)!

Tegenstelling
Als nu nog niet zonneklaar is welke ‘geesten’ hier lijnrecht tegenover elkaar staan, dan weet ik het ook niet. Enerzijds een machtsblok dat een extreem vrije-markt model voorstaat en dat dit model overal en op alle domeinen toegepast wil zien. Dit machtsblok is niet gesteld op min of meer lokaal democratisch politiek handelen. Dit machtsblok heeft voor ons het gezicht van ‘Europa’, maar we weten dat het kloppende hart ervan de multinationals zijn.

Anderzijds een verwoed strijden naar de handhaving van de mogelijkheid tot democratisch politiek handelen rondom vragen als solidariteit, rechtvaardige verdeling van de rijkdom en bescherming van onze leefwereld. Ja, naarmate we de zaken beter gaan begrijpen, we daarom beter de vinger kunnen leggen op de zere plek, we ons niet meer door mooie praatjes laten ringeloren, komt de fundamentele tegenstelling beter uit de verf, waardoor ook de confrontatie steviger, feller kan worden.

De geesten scheiden zich: extreem-liberalisme en sociaaldemocratie blijken zich naar hun wezen niet te kunnen vermengen, al had het er een tijdlang op geleken. De kampen laten zich in steeds sterkere mate van hun harde kant zien, alsof ze als het ware in zichzelf samenballen. Het globale, en ook ‘Europese’, machtsblok dat de wereld het extreem-liberale model wil opleggen – iets waar een kleine minderheid rijk van wordt en waar een overweldigende meerderheid onder lijdt, zo niet samen met onze leefwereld aan te gronde gaat – lijkt steeds cynischer te worden. De manier waarop hoge Brusselse technocraten ongegeneerd handjeklap spelen met de ‘big business’ is hiervan een van de vele uitingen.

Tegenblok
Kan het zijn dat daartegenover ook het andere kamp in zijn strijd om het terugwinnen van de sociaaldemocratie steeds voortvarender wordt? Overal zien spontane bewegingen het licht – we hadden de Indignados, we hadden Occupy, we hadden Oxi, we hadden Nuit Debout… Soms weten we niet precies waar ze voor staan. Maar waar ze tegen zijn, is duidelijk. En ik heb de indruk dat alleen al daarom deze en dergelijke bewegingen bij veel ‘gewone’ burgers op een groeiende mate van sympathie kunnen rekenen.

Beginnen de ‘stillen in den lande’ langzamerhand een tegenblok te vormen? Het gaat om het terugwinnen van de mogelijkheid tot politiek ingrijpen waar dit ons is afgenomen, van democratische zeggenschap en om het herwaarderen van de sociale politiek. In de tussentijd graaien degenen die gebaat zijn bij de macht van het extreem-liberale blok wat er nog te graaien valt. Steeds schaamtelozer, meedogenlozer – denken ze: zolang het nog kan? Voelen ze dat de grote kentering op handen is?

Ik weet het, dit alles is wat ‘sweeping’. En misschien eindig ik met een wensdroom. Laten we het vooralsnog bij een ‘scheiding der geesten’ houden, en dan zien we verder. Veel mensen, wanneer ze zeggen dat we in een tijd van crisis leven, denken aan de portemonnee. Het is zaak hen erop te wijzen dat het woord crisis in wezen niet ‘vermindering in koopkracht’ betekent, maar ‘scheiding’ – en scheiding is ook oordeel.


Laatste publicatie van Caspar Visser 't Hooft

  • Frankrijk in 50 fragmenten

    met een voorwoord van Nelleke Noordervliet

    2017


Geef een reactie

Laatste reacties (55)