2.010
62

Eindredacteur Witteman ontdekt

Maarten van den Heuvel begon zijn journalistieke loopbaan in de redactie van de talkshow I.S.C.H.A van Ischa Meijer. Na het abrupte einde aan dat programma werkte hij ondermeer bij RUR en was hij als researcher in dienst van documentairemaakster Ireen van Ditshuyzen.

Zijn dienstverband bij de VARA begon bij het programma Barend & Witteman, eerst als redacteur, later als coördinator en kort als eindredacteur. Hij zette samen met Paul Witteman het populair wetenschappelijke programma Nieuwslicht op en werd er eindredacteur van. Vanaf het begin van Pauw & Witteman werkte Van den Heuvel er drie jaar als samensteller.

Daarna was hij eindredacteur van de televisieprogramma's 'Eigen schuld, dikke bult' en EZ, betrokken bij Joop en een van de twee eindredacteuren van het documentaire-drieluik 'Vrijheid, gelijkheid, broederschap', waar hij ook het boek 'Vrijheid, gelijkheid, broederschap. Oude waarden in nieuwe tijden' over schreef. Dat boek werd geselecteerd voor de longlist van de Socratesbeker, de prijs voor het meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek.

Momenteel is hij eindredacteur van het televisieprogramma Witteman ontdekt.

‘Schelden doet geen pijn’, of toch…..? (deel twee)

Over de keerzijde van de vrijheid van meningsuiting en de overeenkomst tussen PVV-stemmers en Nederlandse moslims.

Er zijn nogal wat vragen en misverstanden gerezen naar aanleiding van het stuk dat ik ter gelegenheid van de laatste procesdag tegen Geert Wilders op Joop plaatste.

In ‘Schelden doet geen pijn’, of toch…..?’ betoogde ik dat je kunt zien dat schelden en beledigen op dezelfde manier het pijnnetwerk in de hersenen activeren als fysieke pijn. Dat deed ik op basis van het boek Passies van het brein van de Tilburgse hoogleraar neuropsychologie Margriet Sitskoorn. Hierin worden meerdere onderzoeken beschreven die aantonen dat sociale uitsluiting het pijnnetwerk activeert. In mijn optiek is schelden en beledigen een vorm van sociale uitsluiting, maar een deel van de lezers liet merken daar anders tegenaan te kijken. Daarom ben ik gaan onderzoeken of mijn aanname terecht was.

Ik ben begonnen met de vraag voor te leggen aan professor Sitskoorn en zij onderschrijft mijn idee:

Het is natuurlijk niet zo dat iedere keer dat er een scheldpartij plaatsvindt, dat betekent dat er iemand uit de groep wordt gestoten. Hoewel ik denk dat je wel een punt kan maken dat schelden altijd bedoeld is om de sociale rangorde te wijzigen of te onderstrepen. Maar als iemand of een groep over een langere periode wordt uitgescholden of beledigd, dan zal diegene onherroepelijk het gevoel gaan krijgen dat hij er niet bij hoort. En dan is er dus feitelijk sprake van sociale uitsluiting en dat activeert het pijnnetwerk op dezelfde manier als fysieke pijn.

Dat dit evenzeer geldt voor uitlatingen van politici wordt duidelijk in een studie onder leiding van de Tilburgse socioloog Hans Siebers, die hij binnenkort publiceert in het blad International Sociology. Het onderzoek, dat al een aantal jaren loopt bij drie grote overheidsinstellingen, constateert onder meer een direct verband tussen de uitlatingen van politici als Fortuyn, Hirsi Ali en Wilders over de Islam en buitenlanders en de afgenomen carrièrekansen van allochtonen in Nederland.

Siebers zegt daarover in het Nederlands Dagblad van 11 februari jl.:

Als Wilders oproept om Marokkaantjes door de knieën te schieten, hakt dat er fors in bij allochtonen, net zoals de reactie daarop van collega’s. Dat blijft in het achterhoofd hangen. Op spannende momenten komt dat naar boven. (…) Collega’s nemen de manier van denken over van die politici. En dat is wij tegen zij. Bovendien zijn ‘zij’ ook nog eens minder dan wij. (…) Mensen willen in hun werk erkenning als individu, ze willen gezien worden als goede collega, niet als vertegenwoordiger van bijvoorbeeld de moslimgemeenschap.(…) Er is geen sprake van structureel verziekte verhoudingen. Maar die discriminerende woorden hakken er wél in bij minderheden. Allochtonen hebben er vooral last van op beslissende momenten: bij beoordelingsgesprekken, kansen op promotie of bij ontwikkelingsmogelijkheden als een extra training.

Allochtone werknemers zijn zich daardoor onzekerder gaan voelen, aldus Siebers. Dat ziet hij als één van de oorzaken dat allochtonen met dezelfde opleiding, leeftijd en ervaring flink in salaris achterlopen bij hun autochtone collega’s, bij één van de instellingen zelfs gemiddeld 1,3 salarisschaal.

Sociale uitsluiting is dus wellicht niet altijd het doel van schelden en beledigen, maar het heeft wel degelijk dat effect. Nou kan je natuurlijk zeggen dat die allochtonen maar tegen een stootje moeten kunnen, maar bovenstaande laat zien dat de feitelijke situatie anders is. Dat wordt ook onderstreept door onderzoek van psychiater Jean-Paul Selten, tot voor kort verbonden aan het Utrechts Medisch Centrum. Hij constateerde dat allochtonen een verhoogde kans op schizofrenie hebben, terwijl uit niets blijkt dat dit een genetische oorzaak heeft. In de Volkskrant van 23 oktober 2007 zegt hij:

De cijfers verschillen per etnische groep, generatie en geslacht. De hoogste cijfers worden gevonden bij etnische groepen die maatschappelijk weinig succesvol zijn en door de autochtone bevolking worden buitengesloten. In Engeland is het risico voor Afro-Caribbeans van de tweede generatie 9 keer zo hoog als voor autochtone Britten. In Denemarken vind je de hoogste cijfers bij de uit Groenland afkomstige Inuit (5 tot 12 keer zo hoog). In Nederland hebben Marokkaanse mannen van de tweede generatie een 7 keer zo hoog risico als autochtone leeftijdgenoten. Bij eerste-generatie Marokkaanse mannen was dat 5 keer zo hoog. Steeds blijken de risico’s voor de tweede generatie hoger dan voor de eerste. Bij Surinamers en Antillianen zijn de cijfers 2 tot 4 keer zo hoog, bij Turken 2 keer zo hoog. (…) Onderzoek in de landen van herkomst (Jamaica, Trinidad, Barbados, Groenland, Suriname) heeft normale cijfers opgeleverd en er zijn dus geen aanwijzingen dat het genetische risico voor de bewoners verhoogd is.

Selten concludeert dat deze verhoogde kans op schizofrenie wordt veroorzaakt door de langdurige vernedering die allochtonen ervaren, ook wel aangeduid als ‘social defeat’. Dat doet hij onder meer op basis van dierstudies:

Uit onderzoek met proefdieren weten wij immers dat herhaalde nederlagen de huishouding van dopamine in de hersenen verstoren. Dopamine is een boodschapperstof in de hersenen die een grote rol speelt bij het ontstaan van schizofrenie: patiënten maken tijdens hun ziekteperioden te veel dopamine aan en alle medicijnen blokkeren de receptoren waar dopamine op aangrijpt.

Het opvallende verschil tussen eerste generatie Marokkanen en hun kinderen is volgens Selten dan ook makkelijk te verklaren: “het is meer vernederend om niet welkom te zijn in Nederland als je hier geboren bent dan wanneer je hier gekomen bent.”

Schelden, beledigen en vernederen hebben een grote impact, die je niet zomaar kan afdoen. Op iedereen die daarmee wordt buitengesloten. Dat geldt niet alleen voor Nederlandse moslims. Dat geldt voor iedereen, dus ook voor PVV-stemmers, als dat aan de orde is. Een impact die maatschappelijk ontwrichtend werkt. Daarmee hebben degenen die schelden, beledigen en vernederen een verantwoordelijkheid voor die ontwrichting. Het is goed ze daar op aan te spreken.


Laatste publicatie van MaartenvandenHeuvel

  • Vrijheid, gelijkheid, broederschap

    Oude waarden in nieuwe tijden

    2014


Geef een reactie

Laatste reacties (62)