1.650
2

Hoogleraar humanitaire hulp

Thea Hilhorst is hoogleraar humanitaire hulp en wederopbouw aan Wageningen Universiteit. Haar onderzoeksprogramma speelt zich af in fragiele staten, conflictgebieden en in landen getroffen door natuurrampen, waaronder Angola, Congo, Mozambique, Ethiopië en Afghanistan. www.disasterstudies.wur.nl

Seksueel geweld bestrijd je niet met one-liners

Niemand heeft het bijbvoorbeeld over verkrachte mannen in conflictgebieden

In Londen werd donderdag de internationale top over verkrachting als oorlogswapen afgerond. De organisatoren, actrice Angelina Jolie die namens de VN aandacht besteedt aan vluchtelingen en de Britse minister van buitenlandse zaken William Hague presenteerden hierbij een protocol tegen straffeloosheid rond seksueel geweld in conflictgebieden. Thea Hilhorst en consultant Nynke Douma zetten in dit stuk uiteen dat het om veel meer gaat dan alleen de verkrachting van vrouwen.

De top geeft een belangrijk en helder signaal af. Seksueel geweld tegen vrouwen kan en moet bestreden worden. Iedereen is het daarover eens en er tekent zich een steeds professioneler werkveld af om seksueel geweld in de praktijk te bestraffen. Er zijn wel kanttekeningen te maken bij dit verhaal en in de marge van de top spreken steeds meer mensen hun zorgen uit over de beperkingen van de one-liner dat seksueel geweld in conflict bestraft moet worden.

Een van de problemen is dat het verhaal van verkrachte mannen ontbreekt. Bijna alle responses gaan uit van vrouwen als slachtoffer van seksueel geweld. In werkelijkheid worden ook mannen verkracht, gedwongen tot seksuele handelingen, of zij moeten toezien hoe vrouwelijke familieleden verkracht worden. De verhalen van deze mannen dringen niet door tot de top terwijl het niet gaat om een uitzondering. Onderzoek, onder andere van het Refugee Law Project in Uganda, laat zien dat seksueel geweld tegen mannen wijdverbreid is. Blijkbaar durfden de organisatoren van de top het niet aan hier aandacht voor te vragen. In veel landen is het voor mannen zelfs strafbaar om een slachtoffer te zijn. Homoseksualiteit is daar bij wet verboden en er wordt geen onderscheid gemaakt tussen vrijwillige en gedwongen handelingen. Homofobie speelt een grote rol waarom de verhalen van deze mannen niet verteld of gehoord worden. 

Seksueel geweld is een deel van het verhaal van vrouwen in conflict. Het gevaar is dat buiten de schijnwerpers van de top de respons te veel wordt ingekleurd door dit verhaal. In Congo, waar wij onderzoek doen naar hulpverlening rondom seksueel geweld, duikt vaak de volgende anekdote op. Komt een vrouw bij een hulpverlener. “Mijn man is vermoord, mijn huis afgebrand, mijn land afgepakt, mijn zonen weggelokt door een rebellenleger, ik kan mijn gezin niet meer voeden”. Waarop de hulpverlener vraagt: “En bent u ook verkracht?”. “Nee, dat niet”. “Sorry, dan kan ik u niet helpen”. Het besef dat de problemen dieper gaan en breder zijn dan verkrachting in het kader van conflict dringt gelukkig steeds meer door in de hulppraktijk. In Congo is op dit moment meer aandacht voor maatschappelijk geweld tegen vrouwen in bredere zin. Het thema van seksueel geweld wordt in programma’s vaak als kapstok gebruikt om fondsen breder in te zetten. Maar dit gebeurt vaak verkapt, de internationale financiers willen vooral zien dat slachtoffers van seksueel geweld geholpen worden.

De protocollen voor de bestraffing van seksueel geweld besteden geen aandacht aan de context waarin seksueel geweld gebeurt. De context is in de meeste gevallen bepaald door vernietigde infrastructuur door het conflict, uitgehold bestuur, een corrupte bestuursmentaliteit en schrijnende armoede. Wat gebeurt er als tientallen organisaties in deze context – meer of minder gecoördineerd – hulpprogramma’s aanbieden? Vooral in de juridische sector zien wij in Congo nog grote problemen. Organisaties zetten in op vervolging terwijl de rechtsstaat nog niet functioneert wat tot allerlei misbruik leidt.

Aan de ene kant gaan daders van seksueel geweld vrijuit, of verlaten binnen een paar maanden weer de gevangenis. Aan de andere kant zien we dat seksueel geweld er bijgesleept wordt wanneer mensen hun gram over andere zaken willen halen of wanneer politie wil bijverdienen aan bezoekers van bordelen. Bijna alle aanklachten en veroordelingen voor seksueel geweld betreft jonge mannen met een vriendinnetje van onder de 18, want seks met een minderjarige is bij wet ook verkrachting. Zo vervaagt de scheidslijn tussen seksueel geweld en seksualiteit in de juridische hulpverlening. 

Terwijl terecht wordt gezegd dat daders ter verantwoording moeten worden geroepen, moet ook de hulpverlening ter verantwoording worden geroepen over de coördinatie en de uitvoering van hun praktijk. Het is daarbij van belang de sector als geheel onder de loep te nemen en te evalueren.

Dit artikel werd geschreven door Thea Hilhorst en consultant Nynke Douma.

Van Thea verscheen het boek Disaster, Conflict and Society in Crises: Everyday Politics of Crisis Response

Geef een reactie

Laatste reacties (2)