Laatste update 18:57
4.230
75

Masterstudent

Alex Hendrikx (1992) is masterstudent aan de Universiteit Utrecht

Slaapwandelend op weg naar een gemilitariseerd politieapparaat

Recente nieuwsvideo’s waarop te zien is hoe politietrainers worden opgeleid, beloven weinig goeds

cc-foto: Gerald Davison

Volgend jaar worden vrijwel alle politieagenten die in Nederland op straat werken, uitgerust met een stroomstootwapen. Het stroomstootwapen, ook wel bekend onder de merknaam Taser, is in de Verenigde Staten ontwikkeld door de firma Axon. Het Nederlandse politieapparaat krijgt een Taser X2. Het besluit om tienduizenden agenten hierin te voorzien, werd eind 2019 genomen door de toen nog missionaire minister Fred Grapperhaus van Justitie en Veiligheid. In de VS maakt de Taser al ruim twintig jaar onderdeel uit van het wapenarsenaal van het blauw op straat. Sindsdien zijn meer dan duizend Amerikaanse burgers na toepassing van dit geweldsmiddel door de politie gedood.

Het stroomstootwapen werkt als volgt: nadat de trekker is overgehaald, worden twee elektrodes in het lichaam geschoten. Er volgt een elektrische schok van 50.000 volt die alle spieren verlamd. De duur van de schok is afhankelijk van hoe vaak de trekker wordt overgehaald. Er is tevens een andere manier waarop het wapen kan worden ingezet: de zogenoemde schokmodus. Hierbij wordt het stroomstootwapen direct tegen het lichaam gehouden om één of meerdere pijnlijke schokken toe te dienen.

‘Een mislukt experiment’
In mei 2011 ging de Nederlandse politie over tot ingebruikname van stroomstootwapens. Aanvankelijk werd het wapen enkel toevertrouwd aan geselecteerde speciale eenheden, met name arrestatieteams. Maar al snel volgden plannen om het wapen breder te gaan inzetten. Dientengevolge werd tussen februari 2017 en april 2018 door korpsen in Amersfoort, Zwolle en Rotterdam met het wapen ‘geëxperimenteerd’. De pilot begon onheilspellend. Gedurende de eerste week werd het apparaat al ingezet, en wel door een agent in Amersfoort om een onschuldig persoon, in de centrale gang van zijn flat, onder stroom te zetten. Dit na een valse melding. De man werd met spoed naar het ziekenhuis overgebracht omdat hij bij de val zijn arm brak. Ook was zijn hartslag niet in orde.

De pilot was nog niet afgerond of een Kamermeerderheid nam een motie aan om de inzet van stroomstootwapens door de politie te verbieden in psychiatrische instellingen. Aanleiding was een wantoestand in een GGZ-instelling in Rotterdam waarbij een agent het wapen had gebruikt om een persoon, die op dat moment in een isoleercel verbleef, te dwingen zijn medicatie in te nemen. ‘’Ik voel me niet als een mens behandeld,’’ aldus het gemartelde slachtoffer tegen Trouw.

De politie trok zich van het verbod weinig aan: eind 2018 schakelde een Rotterdamse zorginstelling een extern bureau in om een incident te onderzoeken waarbij een 73-jarige man met dementie, woonachtig op de psychiatrische afdeling van het tehuis, door de politie was getaserd. Intussen is het verbod overigens opgeheven. Verder werd tijdens de eerste fase van de pilot een kind van dertien door de politie met het wapen onder stroom gezet, waarvan schande werd gesproken door kinderrechtenorganisatie Defence for Children.

In reactie op de pilot verscheen een zeer kritisch onderzoeksrapport, getiteld ‘Een mislukt experiment’, van Amnesty International. De voornaamste conclusie luidt: “De pilotteams zetten het stroomstootwapen veel te vaak in en deden dat in situaties die een dergelijk gebruik niet rechtvaardigen.” Zo werd het wapen veelvuldig ingezet tegen mensen die al geboeid waren of in een cel zaten. Daarnaast leidde het stroomstootwapen niet tot minder gebruik van vuurwapens, in weerwil van wat de politie sinds jaar en dag in de media beweerd om draagvlak te creëren. De politie sprak namelijk van een daverend succes op grond waarvan de pilot keer op keer is verlengd.

Kritiekloos podium
Dat de brede inzet uiteindelijk doorgang heeft kunnen vinden, is mede het gevolg van de effectieve wijze waarop de media door de politie zijn bespeeld, zo toonde Argos Medialogica aan middels een zeldzaam stukje kritische televisie. Aan diverse talkshowtafels, zo laat de reportage zien, mochten agenten steen en been klagen over een toename van geweld tegen politiemensen. Het stroomstootwapen zou het technische snufje zijn waarmee dat geweld een halt kon worden toegeroepen.

In werkelijkheid is juist sprake van een dalende trend aangaande geweld tégen de politie, zoals ook Marnix Eysink Smeets, lector Publiek Vertrouwen in Veiligheid en onderzoeker naar het fenomeen, onderschrijft in Medialogica: “Elke keer roept de politie: het geweld is toegenomen. Als ik kijk naar de cijfers, dan blijkt daar niks van. Nog sterker, dan is er sprake van een afname.” Gerrit van de Kamp, voorzitter van politievakbond ACP, houdt al jaren pleidooien voor stroomstootwapens. Hij geeft in de reportage schoorvoetend toe de publieke opinie te hebben gemanipuleerd om zijn zin door te drijven.

Niet alleen de media kan in dezen een slappe houding worden verweten, ook parlementaire politici hebben hun steentje bijgedragen. Bijvoorbeeld door in november 2020 vrijwel Kamerbreed tegen de motie van Denk-Kamerlid Farid Azarkan te stemmen waarin hij het kabinet verzocht per direct te stoppen met de uitrol van het plan vanwege de ‘oneigenlijke argumenten’ en ‘onjuiste informatie’ op grond waarvan ertoe was besloten.

Levensgevaarlijke trainingsinstructies
Recente nieuwsvideo’s waarop te zien is hoe politietrainers worden opgeleid, beloven weinig goeds. Zij worden namelijk geïnstrueerd het stroomstootwapen af te vuren op de borst. Dit in lijn met hoe het wapen reeds in de praktijk wordt ingezet. Zo maakt de Politieacademie in een tussentijdse evaluatie de volgende constatering: “Als de doelpersoon bij het eerste schot werd geraakt, was dit meestal aan de voorkant. Het eerste pijltje raakte hierbij 20 keer de borst, twee keer de rechterarm, drie keer de hals en een keer het hoofd (wang).”

Volgens de handleiding van de Taser X2, het model waarmee de politie zoals gezegd wordt uitgerust, dienen kwetsbare plekken te worden vermeden, waarbij nadrukkelijk de borst als kwetsbaar wordt aangemerkt. Daarboven te verkiezen vallen minder kwetsbare lichaamsplekken zoals de onderbuik en de benen, aldus de gebruiksinstructie. Volgens een medisch peer reviewed onderzoek kan een schot op de borst een hartaanval veroorzaken.

De regulering van de inzet, stemt evenmin hoopvol. De ambtsinstructie die beschrijft in welke situaties de politie een geweldsmiddel mag inzetten, is begin dit jaar verruimd. Controle Alt Delete heeft de ambtsinstructie geanalyseerd. De onderzoeksgroep beroept zich op een brief van de Orde van Advocaten om te concluderen dat de inzet van het stroomstootwapen bij welk strafbaar feit dan ook is geoorloofd: of het nu gaat om zwartrijden, wildplassen of een overval.

Kwetsbare mensen
‘’Een recente studie van het WODC, het onderzoekscentrum van Justitie, ondersteunt de claim van de politie dat het stroomstootwapen nauwelijks negatieve gezondheidseffecten heeft,’’ zo schrijft journalist Ruben Koops onlangs in Het Parool. Wat Koops niet vermeldt, is dat het WODC bij deze claim de kanttekening plaatst dat proefpersonen behoren tot de gezonde, niet-representatieve populatie: ‘’[Daarom] kunnen moeilijk uitspraken worden gedaan over kwetsbare populaties of bijzondere risicogroepen zoals zwangere vrouwen, mensen met psychische problemen of onder invloed van middelen of medicatie.’’

Dat terwijl mensen die tot de bijzondere risicogroepen behoren, juist in het bijzonder risico lopen om door de politie te worden getaserd. Tijdens de meeste recente fase van de pilot betrof het in bijna de helft van de gevallen mensen in een ‘psychisch labiele toestand’ en ruim een kwart van de ‘doelpersonen’ was onder invloed van drugs, aldus de Politieacademie. In vrijwel alle gevallen waarbij één of meerdere extra stroomstoten werden toegediend, ging het om mensen onder invloed van middelen en/of in een staat van geestelijke verwarring.

Een persoon die tijdens een mentale crisis wordt getaserd, kan met uiterst traumatische gevolgen te maken krijgen. En voor iemand die met een verhoogde hartslag vanwege overmatig cocaïnegebruik in de war raakt en vervolgens elektrodes op zich krijgt afgevuurd, kan het net het laatste zetje betekenen. Dergelijke sterfgevallen hebben zich al in tal van andere landen voorgedaan. In het Verenigd Koninkrijk doen nabestaanden van mensen die met een stroomstootwapen door de politie zijn gedood, een oproep om de inzet ervan te verbieden tegen personen die geestelijk onwel zijn. In de VS wordt vanwege de vele sterfgevallen geëxperimenteerd met wapentuig ter vervanging van het stroomstootwapen. En in Frankrijk, waar op vele misstanden een tijdelijke ban volgde, wordt het stroomstootwapen niet langer als ‘niet-dodelijk’ gecategoriseerd; in plaats daarvan als ‘minder dodelijk’. Het is natuurlijk niet zonder reden dat Nederlandse politiemensen tijdens hun training wel pepperspray in de ogen krijgen gespoten, maar geen stroomstootwapen op hen krijgen afgevuurd, althans niet zonder een beschermend pak.

Militarisering
De uitbreiding van het wapenarsenaal van het Nederlandse politieapparaat, terwijl etnische profilering, racistische appjes en politiegeweld hoogtij vieren, is een verontrustend vooruitzicht. Temeer met een blik op het buitenland: in het Verenigd Koninkrijk worden zwarte mensen langer door de politie getaserd dan witte mensen, en lopen zwarte mensen ten opzichte van witte mensen drie keer zoveel gevaar om door de politie te worden getaserd. In de Verenigde Staten zijn onevenredig veel zwarte mensen door de politie met het wapen om het leven gebracht. Het vooruitzicht wordt allerminst rooskleuriger, wanneer we al het bovenstaande tot ons laten doordringen in het licht van de woorden van onderzoeksjournalist Chris de Ploeg, die in een diepgravend artikel voor OneWorld constateert: ‘‘De reden dat politiegeweld een groter probleem is in de Verenigde Staten, lijkt vooral toe te schrijven aan de militarisering van de politie en niet aan het idee dat het Nederlandse politieapparaat minder racismeproblemen zou hebben.’’

Op dit moment, nog aan de vooravond van de uitrol van het plan, klinkt vanuit de politie opnieuw de roep om meer wapens. Gevraagd wordt om projectielen van hard schuim (‘schuimballen’) en beanbags: zakjes met bolletjes lood die met een vuurwapen worden afgeschoten en het hoofd moeten bieden aan ongeregeldheden bij demonstraties. Op grond van de huidige regelgeving kan het wapentuig ook worden ingezet ter bescherming van onroerend goed. Dus bijvoorbeeld om te voorkomen dat een langdurig leegstaand pand van een of andere buitenlandse belegger wordt gekraakt.

Demissionair minister Grapperhaus neemt het verzoek van de politie in overweging. Hij kan de wens zonder tussenkomst van het parlement inwilligen. De campagne om draagvlak te doen ontstaan is althans van start. Dit middels een poging de kritische bevindingen van politieonderzoeker Otto Adang te delegitimeren. Binnenkort stellen talkshows hun stoelen ongetwijfeld weer beschikbaar om de politie te voorzien in een kritiekloos podium waar uitgebreid verder kan worden gekeuveld.

Geef een reactie

Laatste reacties (75)