4.877
47

Universitair hoofddocent, UvA

Joost van Spanje is universitair hoofddocent politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in onderzoek naar de reacties van de gevestigde orde op nieuwe politieke partijen. Dit omvat juridische reacties (bijv. strafvervolging), politieke reacties (bijv. cordons sanitaires) en media-reacties (bijv. doodzwijgen). Joost is winnaar van de Jaarprijs Politicologie 2010, van een NWO Veni-onderzoeksbeurs in 2012 en van een NWO Vidi-onderzoeksbeurs in 2015.

Slappe knieën in Dokkum

Het eerste slachtoffer is altijd het betogingsrecht

Foto: ANP

Elke burgemeester zou pal moeten staan voor grondrechten. Bijvoorbeeld voor het grondrecht om te demonsteren. Bij de landelijke intocht van de Sint dit jaar, vorige week in Dokkum, liet de burgemeester het betogingsrecht wel erg snel vallen. Dit past in een zorgwekkend patroon.

“Meer blokkades” zouden tegenstanders van een demonstratie “hoogstwaarschijnlijk” opwerpen. Dat was volgens burgemeester Marga Waanders (PvdA) van Dongeradeel in NRC Next 20 november reden om die demonstratie te verbieden. Later voegde ze toe dat er “berichten” waren dat mensen “onderweg zouden zijn met zwaar vuurwerk.” Haar optreden oogstte een storm van kritiek, en terecht.

“Een burgemeester heeft de plicht om ervoor te zorgen dat mensen vrijelijk kunnen demonstreren, ook al dreigen anderen met een tegendemonstratie of met verzet,” doceert Groninger hoogleraar Algemene Rechtswetenschap Jan Brouwer in juristenblad Mr. in september. Indien anderen de demonstratie proberen te verhinderen, moet een burgemeester bescherming bieden door inzet van politieagenten.

De demonstranten hadden de gemeente ruim van tevoren op de hoogte gesteld van hun komst naar Dokkum. Een plek was speciaal voor hen afgezet. Nadat ze op de A7 waren klemgereden door tegenstanders reden ze verder onder politiebegeleiding –tot “het gezag haastig besloot om de betoging verder maar gemakshalve te verbieden,” aldus het commentaar van NRC Handelsblad 21 november.

Woordvoerder Jerry Afriyie van de demonstranten zei het op 20 november in de Volkskrant zo: “Relschoppers hebben met behulp van het systeem voor elkaar gekregen dat het recht om te demonstreren in dit land de nek wordt omgedraaid.” Inderdaad had de intimidatie het beoogde effect. “Toen bleek het ineens te gevaarlijk om ons nog naar de demonstratieplek te brengen,” aldus Afriyie.

Smoesje
Waanders stelt dat de openbare orde in het geding was. Maar volgens Brouwer maakt dat niets uit: “Een beroep op bestuurlijke overmacht, omdat er te weinig mankracht is om de openbare orde te handhaven, is sinds de vorming van de Nationale Politie nauwelijks denkbaar: je kunt als bestuurder van tevoren voldoende mankracht mobiliseren.” Dus waren er in Dokkum twee mogelijkheden.

De ene mogelijkheid is dat Waanders vooraf te weinig politieassistentie (eventueel uit andere regio’s) had gevraagd, omdat ze de benodigde mankracht te laag had ingeschat. Dat zou “van een bijzondere naïviteit getuigen, gezien de problemen in de afgelopen jaren (…) in andere steden. Zeker als je weet dat velen in Friesland” het met demonstranten oneens zijn, aldus Brouwer 20 november in NRC Next.

De andere mogelijkheid is dat de openbare orde helemaal niet in het geding was. In dat geval “was het weer eens een smoesje om een onwelgevallige demonstratie te verbieden,” stelt Brouwer. Overigens kan hij zich nauwelijks voorstellen dat er een politietekort in Dokkum was, omdat er 10.000 minder bezoekers waren dan verwacht. Hoe dan ook past het verbod in een lange reeks omstreden verboden.

Trend
Bij de intocht in Gouda in 2014 werden 90 burgers zonder duidelijke reden opgepakt; in Rotterdam in 2016 liefst 200. Een week later moesten demonstranten in Geleen zich beperken tot ‘positieve boodschappen’. De burgemeester liet zelfs protestborden afplakken. “De rechter wees de gemeente achteraf gelukkig terecht,” schrijft NRC. Maar inmiddels was het betogingsrecht al teniet gedaan.

Niet alleen bij intochten van de Sint doet dit probleem zich voor. In 2016 werden te Rotterdam 326 Feyenoord-supporters opgepakt die tegen hun clubbestuur wilden demonstreren. Datzelfde jaar verbood de Amsterdamse burgemeester Pegida om een spandoek te voeren met een hakenkruis. In januari werden in Spijkenisse tien dames gearresteerd die tegen PVV-leider Geert Wilders betoogden.

Meer algemeen komt het volgens onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen de laatste jaren steeds vaker voor dat een burgemeester een noodmaatregel misbruikt om een betoging bij het minste of geringste te verbieden. En die trend is problematisch, onderstreept NRC: “Overheden horen demonstraties in beginsel te faciliteren en dienen zich zeker niet met de inhoud ervan te bemoeien.”

IS-vlaggen
Brouwer uit ook zijn zorgen hieromtrent: “Als burgemeesters gaan bepalen waarvoor of waartegen wel en niet mag worden gedemonstreerd, wordt het recht een kwestie van politiek,” legt hij in Mr. uit. “De overheid moet zich aan de door haarzelf gecreëerde wetten houden (…) Doe je dat niet, dan ondergraaf je het vertrouwen van burgers, die zich vervolgens ook zelf niet meer gebonden achten.”

Hoe moet het dan wel? Op 2 augustus prees Brouwer in Trouw Jozias van Aartsen, die als Haags burgemeester “op de roep om op te treden tegen IS-vlaggen zijn rug recht hield en uitlegde dat een burgemeester niet over de inhoud van de demonstratie gaat.” Maar Van Aartsen bezweek later alsnog onder druk van de Telegraaf. Vanaf maandag is de VVD’er waarnemend burgemeester in Amsterdam.

Hopelijk houdt hij daar de rug recht.

Graag bedank ik Wouter Hins (UvA) voor zijn commentaar op een eerdere versie van deze column.

Geef een reactie

Laatste reacties (47)