462
9

Lobbyist en Politiek Filosoof

Robbert Baruch is Manager Public Affairs bij Buma/Stemra. Hij is op 12 oktober 1967 in Amsterdam geboren. Hij studeerde Politicologie (Politieke Filosofie) en Bestuurskunde in Leiden en Theologie in Amsterdam en Jeruzalem. Zijn studie politicologie rondde hij af met een scriptie over Vondel's Palamedes en de 17e-eeuwse Nederlandse politieke filosofie. Na zijn studie werkte hij achtereenvolgens als communicatiestrateeg bij een internationaal reclamebureau, communicatiemanager bij de ING Groep, bestuursadviseur, wethouder van de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord en lobbyist voor het Verbond van Verzekeraars in Den Haag.

Somberen over de PvdA

Helaas. Een goedbedoelde actie om voor de zevende of achtste keer een stevige oppositionele rol aan te kondigen leidt tot een beeld van een verscheurde fractie.

Iedereen vraagt zich wel eens af waarom hij (m/v) nou op deze aarde is, of wat het nut is van handelingen die we (m/v) al dan niet routineus verrichten. Zo werden vanochtend op het schoolplein een aantal ouders boos toegesproken door hun kinderen: er wordt teveel gebabbeld. We hebben onze kinderen rustig en op beschaafde toon uitgelegd dat de enige reden dat wij – soms al een decennium lang – onze kinderen naar school brengen, is om ’s ochtends met vieze koffie de wereldproblemen door te nemen. De rest is bijzaak. Oh, zat er ook een cito-toets aan vast? Dat is een mooi onderwerp om op te scheppen over onze kinderen, te vloeken op de staat van het onderwijs, of te jammeren over onze eigen traumatisch verlopen schoolcarrieres.

Ironie als stijlmiddel wordt vaak niet begrepen. Ik ken een Kamerlid van een als links bekend staande politieke partij die wel eens gekscherend geroepen heeft “ik ben ook liberaal”, wat leidde tot een wekenlange discussie over het liberale gehalte van zijn (m/v) partij. Het gehalte verslaggevers hier onder de stolp is immers groot, zeker als je het afzet tegen het aantal journalisten, die – behalve dat ze moeten opschrijven wat er gebeurd is -, duiding moeten geven aan politieke historische feiten, en ze in een passende bredere context moeten zetten.

Dit allemaal is een opzetje om nog eens te kunnen somberen over mijn eigen politieke kiesvereniging, de PvdA. Ik mis de man die mij adviseerde (weer, in mijn vroege jeugd was ik al eens lid geweest van een politieke partij, want ik ben als kind in een ketel socialisme gevallen, en dat hoorde daarbij) lid te worden van een politieke partij. Voor mij werd het dus de PvdA. Toen ik eens erg boos was op die partij, en dreigde mijn lidmaatschap op te zeggen, zei hij “niet doen! er komt altijd een betere reden”. Tot nu toe heeft hij gelijk gehad, al moet de PvdA nu wel erg haar best gaan doen.

Iets anders: dezelfde man zei ons (hij was ook nog eens hoogleraar): “Bij de studie politicologie leer je een beetje lezen en een beetje schrijven”. Hoofd- en bijzaken van elkaar halen, de essentie te vinden en daar wat mee te doen, dus.

Dan zie ik dat door de PvdA onlangs voor de vijfde of zesde keer is aangekondigd dat er nu echt oppositie gevoerd gaat worden. Maar dan nu echt. Nee echt.

Maar alweer wachten we op een alternatief, een richting, een antwoord, een actie.

Maar helaas. Een goedbedoelde actie om voor de zevende of achtste keer een stevige oppositionele rol aan te kondigen leidt tot een beeld van een verscheurde fractie.

Dan wordt me opeens duidelijk wat er aan de hand is. We hebben inderdaad geen ironie meer nodig. De werkelijkheid is al erg genoeg. En dan begrijp ik ook opeens waarom die kiesvereniging van mij zo voortstrompelt. Hoofd- en bijzaken worden niet gescheiden, de essentie wordt er niet uitgehaald, laat staan dat er wat mee gebeurt. Je kan er ook al bijna niet om lachen, terwijl dat nu juist de bedoeling van ironie is.

Toch?

Dit artikel is eerder verschenen op het weblog Baruch Blogt

Geef een reactie

Laatste reacties (9)