1.332
34

Oud-Tweede Kamerlid

Harry van Bommel (1962) was van 1998 tot 2017 lid van de Tweede Kamer
voor de SP. Hij was daar woordvoerder Europese en Buitenlandse Zaken.
Hij was tevens lid van de parlementaire assemblee van de NAVO en de
OVSE. Voorafgaand aan zijn Kamerlidmaatschap was Van Bommel van
1994-1998 gemeenteraadslid in Amsterdam en lid van de stadsdeelraad
Amsterdam-Oost (1990-1994). In 2017 zei hij zijn lidmaatschap van de SP
op uit onvrede over het gebrek aan interne democratie in de partij.

Van Bommel studeerde politieke wetenschappen aan de Universiteit van
Amsterdam en behaalde eerder een lesbevoegdheid aan de Hogeschool
Windesheim. Hij doceerde enkele jaren Nederlands en Engels aan het
ROC-Amsterdam. Tegenwoordig werkt Van Bommel als strategisch
bestuursadviseur van het college van Burgemeester en Wethouders in
Zwolle. Naast deze functie treedt hij op als internationaal
verkiezingswaarnemer voor de OVSE en als politiek consultant en trainer.

Steun de weduwen van Nederlandse massamoord

Bij de politionele acties in Indonesië heeft Nederland precies dezelfde houding als bij het slavernijverleden in Suriname: wel spijt, geen excuses. Dat is voor betrokkenen onaanvaardbaar.

Gisteren is de rechtszaak tegen de Nederlandse staat begonnen in verband met de moord op onschuldige burgers in het Indonesische dorpje Rawagede. Nabestaanden eisen erkenning en schadevergoeding.

Ik juich die rechtszaak van harte toe omdat Nederland weliswaar spijt heeft betuigd voor de excessen in de koloniale oorlog maar nooit de volledige verantwoordelijkheid heeft genomen.

Er is nog steeds geen volledige openheid over het verloop van de politionele acties in 1947. In 1969 is de Excessennota opgesteld maar sindsdien zijn er nieuwe feiten en documenten naar buiten gekomen. Daaruit blijkt onder meer dat al in een vroeg stadium is besloten niet over te gaan tot vervolging van Nederlandse militairen die zich aan oorlogsmisdaden schuldig hebben gemaakt. Er is nieuw historisch onderzoek nodig om de Excessennota aan te vullen en te corrigeren.

Laat deze rechtszaak de opmaat zijn naar dat onderzoek. Het is in het belang van de nabestaanden, de veteranen en de geschiedschrijving dat alle feiten aan het licht komen. Over Rawagede maar ook over de andere dorpen waar zich soortgelijke taferelen hebben afgespeeld.

De Nederlandse verwerking van het koloniale verleden gaat traag. In 2005 baarde toenmalig minister Bot opzien met de opmerking dat Nederland met de politionele acties aan de verkeerde kant van de geschiedenis heeft gestaan. Pas in 2008 en na aandringen van de Kamer ging de Nederlandse ambassadeur voor het eerst naar de jaarlijkse herdenking in Rawagede. Het verzoek om excuses en schadevergoeding werd echter resoluut afgewezen. De huidige minister Verhagen heeft meermalen gesteld:

“We hebben spijt betuigd maar geen excuses aangeboden. Spijt en excuses zijn twee verschillende zaken.”

In dat laatste heeft Verhagen gelijk. Spijt is eenzijdig, bij excuses zijn twee partijen betrokken. Als nabestaanden excuses aanvaarden dan is het te verwachten dat zij dat doen onder de voorwaarde van schadevergoeding. Nederland heeft precies dezelfde houding ten aanzien van het slavernijverleden in Suriname: wel spijt, geen excuses. Dat is voor betrokkenen natuurlijk onaanvaardbaar en daarom zullen zij Nederland hier tot in lengte van dagen op blijven aanspreken.

Het zou bizar zijn als de Nederlandse staat zich beroept op verjaring, zoals wel wordt gesuggereerd. Zeker nu we elke dag in de krant kunnen lezen over het proces tegen de oud-SS’er Heinrich Boere. Hij bekende deze week in Aken dat hij in 1944 drie onschuldige Nederlandse burgers heeft vermoord. Boere handelde op bevel. Dat deden de Nederlandse militairen ook.

Vorig jaar had ik een ontmoeting met enkele weduwen in Jakarta. Ik hoop van harte dat dit geen slepende zaak wordt en dat zij een goede afloop ervan nog mee mogen maken.

Geef een reactie

Laatste reacties (34)