Laatste update 17:20
14.519
37

Socioloog, publicist, programmamaker

Shervin Nekuee(Teheran, 1968) is socioloog, publicist en programmamaker. Hij studeerde aan de Universiteit van Utrecht en woont in Den Haag. Hij publiceert met regelmaat in dag- en weekbladen. Hij schreef De Perzische paradox: verhalen uit de islamitische republiek Iran (2006), uitgegeven door De Arbeiderspers. Op negentienjarige leeftijd vluchtte hij uit Iran, omdat hij weigerde deel te nemen aan de oorlog tegen Irak. Als socioloog, publicist en programmamaker is hij in het bijzonder geïnteresseerd in de culturele en sociale aspecten van de multiculturele samenleving en de politieke ontwikkelingen in het Midden-Oosten. 
Shervin Nekuee, die zijn sporen verdiende zowel in activistische als academische kringen, is curator en programmamaker van het Winternachten internationaal literatuur festival den Haag. Daarnaast is hij artistiek leider van het Mystic Festival Rotterdam, een festival met poëzie, muziek, storytelling en dansrituelen uit de mystieke islam en verwante mystieke tradities uit de hele wereld. Nekuee is verbonden aan het Grote Midden Oosten Platform dat de kennis en ervaring van in Nederland wonende Midden-Oosten deskundigen bij elkaar brengt voor trainingen, analyses en publicaties.

Sywert van Lienden is een kind van zijn tijd en dat toont het grote probleem

In het mondkapjesschandaal en de afgang van de zelfbenoemde coronaridder Sywert van Lienden komt veel van wat er mis is in het huidige Nederland samen

“De dominee is dood!”, het was een schokkende gedachte. De koopman en de dominee, de tweelingmetafoor waarmee dit land telkens zijn evenwicht vond, lijkt steeds meer voorgoed vermorzeld te worden door het wegvallen van moreel leiderschap. Die gedachte kwam bij mij op tijdens Tweede Pinksterdag. Aanleiding was een berichtje dat ik op Twitter tegenkwam. Zo te lezen wisten drie coronacowboys door de pandemie voor miljoenen te cashen, aldus Follow the Money. De leider van die bende was Sywert van Lienden, meldde FTM: “Voorman van de stichting Hulptroepen, die zich ‘om niet’ inspant om uit China voldoende mondkapjes te importeren voor onze ‘zorghelden’.”

Tweede Pinksterdag was een sombere regendag. Toch zat ik op een terras halfdroog onder een parasol aan mijn koffie te lurken. Een vaste gast stapte het café binnen en riep “wat is het toch godverdomme rustig hier!” om vervolgens zichzelf ironisch te corrigeren “oh, sorry, het is natuurlijk Pinksteren!” Nederlanders hebben zich al lang geleden bevrijd van het juk van religieuze dwingelandij. Het motto is: “geloof wat je gelooft, maar maak er van geen richtlijn voor de samenleving én laat mij maar sollen met God zoals ik dat wil.” Voor een Iraniër als ik, die zijn jeugd doorbracht onder de benauwende religieuze politiestaat van de Islamitische Republiek, is het leven in dit uit godstoorn bevrijde land een groot genoegen. Maar ik merk in toenemende mate dat het kind met het badwater weggegooid is. De dominee is buitengegooid en we zijn achtergebleven met enkel de koopman, met alle rampzalige gevolgen van dien.

“Sywert van Lienden, Sywert van Lienden, wie is die gast ook al weer?”, vroeg ik me af. Ik kreeg een vermoeden, checkte het toch even op Wikipedia, en ja hoor. Hier hadden we die graag geziene gast van de talkshows, columnist op vele fora. Al jong heeft hij als leider van het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) in 2007 zijn intrede gedaan op de buis en in onze politieke arena. Zijn handelsmerk: politici wijzen op hun inconsistentie, en later met het oprichten van G500 de politieke cultuur aanklagen op vele fora, door het alsmaar herhalen van rake halve rijmen als “De lobby souffleert en de oppositie regeert!”

Nu bleek hij zelf aan de beurt om te lobbyen voor een gouden deal, in de queeste naar schaarse mondkapjes. Het is de tragische afgang van een schitterend opgebouwde mediareputatie als toekomstig maatschappelijk leider in wording. Het ultieme verhaal van Nederlands hoop in bange dagen, van deze coronaridder Sywert, lijkt zijn Waterloo te worden. Het is tragedie en komedie in één.

Begrijp me goed: ik verwijt van Lienden niets. Ik zie hem vooral als exemplarisch kind van een materialistisch tijdperk. Hoe symbolisch is het dat hij in 1990 geboren is. Nederland is dan voor de grote meerderheid al ontkerkelijkt. De Muur is gevallen, kapitalisme kent geen concurrent meer en gaat wereldwijd los, het IMF bepaalt wel de grenzen tussen goed en kwaad, alles draait om de mondiale economie. In Nederland schudden de sociaaldemocraten hun ideologische veren af en bijna iedereen in het politieke spectrum schuift richting het vrijemarktdenken en het liberaliseringsdogma. “Je zelf goed kunnen verkopen” wordt het grootste compliment. De burger wordt ‘klant’, de kiezers worden door politici – afgekeken van snelle jongens in de reclamewereld – gereduceerd tot ‘lifestyle profielen’. Marketing is alles en “wat is jouw verdienmodel?” wordt de belangrijkste gewetensvraag, ook voor de kunsten, voor de omroepen, voor onafhankelijke journalistiek en ja zelfs voor de overheid.

Zie dertig jaar later het resultaat van de maatschappelijke zingeving waarmee wij als samenleving Sywert en zijn generatie groot hebben gebracht. Door de media alom als ‘chef mondkapjes’ onthaalde ridder Van Lienden die in NRC en elders paginagroot mag verhalen over de nobele inspanningen van hemzelf en zijn kameraden, blijken gewoon een stel gouddelvers in tijden van corona te zijn. Zo goed als zeker hebben ze miljoenen overgehouden aan de queeste naar mondkapjes in China.

Waarom ben ik toch niet verbaasd over dit beschamende verhaal? Zijn we misschien de schaamte voorbij? Het is de toenemende materialistische betekenisgeving aan het leven die in de afgelopen decennia tot grote morele schade aan ons collectieve geweten heeft geleid. Veel van die geschiedenis kwam al samen in de toeslagenaffaire, en nu op een andere manier in dit mondkapjesschandaal.

Wat verwacht je van de burger als je Belastingdienst teams als jachteenheden instrueert die middels de ‘vangst’ van een grote groep burgers als vermeende fraudeurs (vooral die met een niet-westerse achtergrond, zo zal de komende maanden nog duidelijker blijken, vrees ik) de kosten van hun eigen team moeten terugverdienen.

Wat verwacht je van een generatie die opgegroeid is in een samenleving die geen enkel ander gedeeld verhaal heeft te vertellen dan het verhaal van het Gouden Kalf? Dat het louter om economische groei gaat, en dat materiële welvaart soelaas voor alles is, dat kwantiteit een graadmeter is voor levenskwaliteit. Dat de dieren en natuur enkel middelen zijn, in dienst van onze eigen aardse behoeftes. Dat cultuur enkel een ‘glijdmiddel’ is voor de economie (aldus toenmalig CDA-minister Elco Brinkman in de jaren ’90 – wat dat betreft is het overduidelijk uit welk nest de huidige “we kunnen een dagje zonder cultuur” minister Hugo de Jonge vandaan komt.) Moraal is een sociale constructie. In een samenleving die van zijn burgers rupsjes-nooit-genoeg maakt betekent “erst kommt das Fressen, dann kommt die Moral” dat er nooit en nimmer moraal zal zijn.

Nee, ik hou geen pleidooi voor een en masse terugkeer naar de kerk. Ik signaleer enkel dat we vast zijn komen te zitten als samenleving in het eenzijdig repertoire van de koopman. Het zal ons steeds vaker, vele beschamende affaires en schandalen bezorgen. We gaan een sombere tijd tegemoet, als we zo blijven doormodderen.

Onlangs kwam ik op het strand een bevriende hooggeleerde sociale wetenschapper tegen. We hadden het over het breed gedeeld besef dat we als samenleving op vele fronten vastlopen maar geen elan hebben en geen verhaal om betekenis te geven aan de zo nodige transformatie, om werkelijk radicale veranderingen op gang te brengen. Dus niet van die fletse “radicale ideeën” in het verkooppraatje van premier Rutte bij Nieuwsuur.

Ik zag het gebrek aan inspirerend leiderschap als een van de oorzaken en het gesprek kwam – weer – op premier Rutte. “Je kunt van hem vinden wat je vindt, maar dat hij een behendige politicus is die alles en iedereen telkens weet te overleven moet je hem nageven.” Ja, ook onze premier is vooral een behendige koopman, net als Sywert en vele anderen in de Haagse kringen. Maar staatsmanschap gaat niet alleen over behendigheid. Een ware staatsman had allang een moreel gebaar gemaakt, en een norm gesteld, door af te treden na het toeslagenschandaal. Want in een ware staatsman schuilt ook een dominee, en niet enkel een behendig koopman.

Met zulke leiders valt Swyert en zijn compagnons weinig te verwijten. Ze hebben gewoon goed getimed en op het juiste moment – toen Nederland door corona op de knieën was gebracht – toegehapt. Geheel in overstemming met de dominante koopmansmoraal van onze huidige cultuur.

Willen we het anders zien, dan moeten we op zoek naar andere niet-materialistische zingeving aan het leven, als aanvulling op de koopman-metafoor. Morele leiders die daarbij horen zijn nodig evenals politieke leiders met meer moreel besef.

De dominee is dood, lang leve de dominee!


Laatste publicatie van Shervin Nekuee

  • De Perzische Paradox

    Verhalen uit de Islamitische Republiek Iran

    2006


Geef een reactie

Laatste reacties (37)