366
5

Directeur Amnesty International

Eduard Nazarski is sinds maart 2006 directeur van Amnesty International, afdeling Nederland. Hij werkte 15 jaar bij VluchtelingenWerk Nederland, waar hij eerst verantwoordelijk was voor de ondersteuning van vluchtelingen en later voor de beleidsbeïnvloeding. De laatste 6 jaar van zijn dienstverband was hij er algemeen directeur. Nazarski was tot zomer 2008 voorzitter van de European Council on Refugees, een samenwerkingsverband van 65 NGO's in 28 landen in Europa.

’t Tandeloze Hofje van Cameron

In de opvatting van de Nederlandse liberale voormannen en denkers is het Straatsburgse Hof erg belangrijk, maar vooral voor anderen, niet voor ons

In het Verenigd Koninkrijk hebben internationale rechters de macht gegrepen en nu moet het parlement de macht heroveren. Dat was de belangrijkste boodschap van de Britse denktank Policy Exchange in een vorig jaar februari verschenen rapport met de omineuze titel: ‘Bringing Rights Back Home’. Premier David Cameron leek gevoelig voor die boodschap. Of hij was gevoelig voor de mogelijkheid dat deze boodschap Britse kiezers wel zou aanspreken. Die kiezers waren misschien wel boos omdat rechters van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens hadden bepaald dat Britse gedetineerden het stemrecht niet bij wijze van automatisme kan worden ontnomen. In het politieke gekrakeel over deze uitspraak sneuvelden de woorden ‘bij wijze van automatisme’. De premier verklaarde kotsmisselijk te worden van de idee van stemmende gevangenen. Hij trok ten strijde om het Britse volk te bevrijden van dit soort internationale inmenging in Britse aangelegenheden.

Camerons heroveringsboodschap viel in Nederland in vruchtbare aarde. Minister Rosenthal, de conservatieve denker Thierry Baudet, hoogleraar Tom Zwart en VVD-fractieleider Stef Blok wisten te vertellen dat het Europees Hof in Straatsburg zich te veel en te vaak bezig houdt met ‘perifere zaken’, om een woord van Rosenthal te citeren. In de opvatting van deze Nederlandse liberale voormannen en denkers is het Straatsburgse Hof natuurlijk erg belangrijk, maar vooral voor anderen, niet voor ons. Die opvatting wordt in politieke kringen elders, niet alleen in het Verenigd Koninkrijk, al snel gedeeld: niet voor ons, wel voor anderen.

Cameron heeft nu wat plannen gelanceerd om het Hof beter te laten werken. De 47 lidstaten van de Raad van Europa (de moederorganisatie van het Hof) moeten het daarover in april, in Brighton, eens zien te worden. Die plannen zijn bedoeld om de effectiviteit van het Hof te verbeteren. Er gaan te veel klagende Europese burgers naar Straatsburg. De zaak loopt vast. Ingrijpen is geboden. Wat Cameron hier handig doet is twee zaken op één hoop gooien. Hij luidt de noodklok over de enorme werkvoorraad van het Hof en doet zijn gealarmeerde Europese collega’s meteen enkele voorstellen om de vermeende machtsgreep van Straatsburg ongedaan te maken.

Eerst iets over die werkvoorraad. Die is inderdaad groot:  150.000 zaken wachten in Straatsburg op afhandeling. Maar daarvan zullen er zo’n 90.000 als niet-ontvankelijk worden afgedaan. Die klachten zal het Hof dus niet inhoudelijk behandelen. Om zulke klachten sneller af te doen zijn er de afgelopen jaren hervormingen in werking gezet die effect lijken te sorteren. Het Hof heeft vorig jaar al in 52.000 zaken een beslissing genomen en verwacht nu de achterstand binnen drie jaar weg te werken. Ontvankelijke zaken lijken dus al sneller van de niet-ontvankelijke te kunnen worden gescheiden zonder voor Europese burgers de weg naar Straatsburg moeilijker te maken.

Maar met die boodschap neemt noodklokkenluider Cameron geen genoegen. Er blijven nog 60.000 zaken over die wel behandeld moeten worden. De helft daarvan bestaat uit telkens terugkerende schendingen door dezelfde overtredende staten. Het gaat onder meer om het martelen van verdachten, willekeurige detentie en veel te lange nationale juridische procedures. Deze zaken wijzen er niet op dat Europese burgers de weg naar Straatsburg te makkelijk inslaan, maar dat een aantal Europese staten, waaronder Rusland en Italië, hardnekkig weigeren foute praktijken te verlaten en dat andere staten deze overtreders daarmee laten wegkomen.

Eerlijk is eerlijk, Cameron stelt voor dat tegen deze grootschenders van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens voortaan harder moet kunnen worden opgetreden. Sancties en boetes zouden in de toekomst niet uitgesloten moeten zijn. Althans, daarover moeten, volgens Cameron, de Europese regeringen in de toekomst verder praten. Bij nader inzien zou dit voorstel dus toch nog een zachte dood kunnen sterven. Bijvoorbeeld als Cameron interesse erin verliest, omdat hij een ander punt binnenhaalt: Het Hof in Straatsburg moet niet het werk van nationale rechters overdoen.

Geen dubbel werk. Zoiets klinkt aanbevelenswaardig. Maar het is het punt waarop de bestrijding van de grote werkvoorraad wordt verbonden met de heroveringsboodschap. In de Britse voorstellen staat dat in de toekomst het Hof geen zaken moet behandelen waarin nationale rechtbanken rekening hebben gehouden met het Europees Verdrag. Het is onduidelijk wat dit precies betekent. Moet het Hof bepalen of het Verdrag juist is toegepast door een nationale rechtbank? Dat is precies wat er nu gebeurt. Dat zal Cameron dus niet bedoelen.

Moet het Hof dan voortaan gewoon een verklaring van een nationale rechtbank accepteren dat het rekening heeft gehouden met het Europees Verdrag en het daar, op enkele uitzonderingen na, verder bij laten? Zo’n voorstel maakt het Europees Hof voor de Rechten van de Mens tot een rechter die marginaal toetst. Een rechter die het wel geloven moet als nationale autoriteiten en rechters zeggen dat zij bij terugzending van asielzoekers en afgewezen klachten over foltering of zaken van willekeurige detentie echt naar het Europees Verdrag hebben gekeken. Binnen de kortste keren heeft het Hof dan inderdaad nog maar een heel geringe werkvoorraad. Als daaruit voor staten nog sancties of boetes voortkomen zullen die best te dragen zijn.

Als Straatsburg een hof voor marginale toetsing wordt, krijgt Cameron zijn zin: een tandeloos Hofje, in de periferie van de Europese politiek. Dat zou jammer zijn. Het Hof is opgericht om toe te zien op het waarborgen van belangrijke waarden als vrijheid, gelijkheid en rechtvaardigheid door nationale overheden. Een tandeloos Hofje kan die rol niet waarmaken.

Geef een reactie

Laatste reacties (5)