2.317
14

Cultureel ondernemer

Rachid Benhammou is cultureel ondernemer,freelance verslaggever en festivalorganisator. Na zes jaar gewerkt te hebben als muziek en theaterprogrammeur voor een Rotterdams theater, is hij aan een nieuw avontuur begonnen, waarin hij ook columns over niet-alledaagse zaken schrijft.

The Usual Suspects

De politiek praat altijd met dezelfde mensen over steeds dezelfde problemen

“Round up the usual suspects.” Dat waren de beroemde woorden van de Franse prefect van politie, Louis Renault, nadat Humphrey Bogart een nazi-majoor doodschoot in de film Casablanca. Hoewel de context waarin deze uitdrukking gebruikt wordt een hele andere is dan waar dit stuk over gaat, moest ik toch denken aan die scene toen ik de integratienota van het Rotterdamse stadsbestuur las. In de nota beschrijft wethouder Schneider hoe burgemeester en wethouders tegen integratie aankijken en hoe zij de komende jaren, zonder taboes en samen met Rotterdammers, de integratie van migranten in Rotterdam willen laten verlopen.

Nu denkt u natuurlijk dat ik met ‘the usual suspects’ de migranten bedoel, waar de nota voornamelijk over gaat. Nee, dat zou te makkelijk zijn. In de nota staat dat het college de komende tijd gesprekken gaat voeren in de stad, onder de noemer: ‘De Integratietour’. Meteen schieten er beelden voorbij van een campagneteam met bloedmooie en schaars geklede dames die in de stad flyeren. Uiteraard hoort daar ook een gigantische campagnebus bij met daarop een levensgrote foto van Ronald Schneider, omringd door dezelfde lingeriemodellen. De integratie komt naar je toe deze zomer!

Theedrinkers en zakkenvullers
In de nota staat: “De gesprekken richten zich op onderwerpen die integratie aangaan, zoals vrijheid van meningsuiting en de gedeelde Nederlandse norm. Dit tijdens spontane bezoeken en huiskamergesprekken met burgers en professionals, bijvoorbeeld op scholen en buurthuizen.” En daar zijn ze dan: the usual suspects. Al jaren worden bijeenkomsten en dialoogavonden in Rotterdam georganiseerd rondom dit thema. En al jaren kom je weer dezelfde mensen tegen op die avonden. Sleutelfiguren uit verschillende gemeenschappen die weer een blik jaknikkers open trekken om de zaal te vullen. Mensen die tot het netwerk van het stadsbestuur horen: jongerenwerkers, docenten, ambtenaren, theedrinkers, geitenwollensokken en ja, helaas zitten daar soms ook zakkenvullers en carrièrejagers bij.

Als dit al zolang gaande is met dezelfde mensen, is het dan niet eens tijd om een keer naar andere gesprekspartners te zoeken? Is het niet tijd om het gesprek aan te gaan met diegene waar het uiteindelijk om gaat? Volgens de nota is dat ‘de migrant’. Dat is de student, de jonge ondernemer of het straatschoffie. Maar dat is ook de vader die zijn dochters verbiedt om deel te nemen aan buitenschoolse activiteiten. Of het gezin dat uit ideologische of religieuze overwegingen de samenleving als de boosdoener ziet. Ik vraag me af hoe vaak een wethouder het gesprek is aangegaan in een Turks koffiehuis. De thee schijnt daar overigens heerlijk te zijn.

Gevoelige onderwerpen
Ik snap wel waarom er telkens zaken gedaan wordt met die usual suspects; het is veilig en je komt niet in onverwachte situaties terecht. Maar daar begaat men een klassieke fout. Je moet pittige en felle discussies niet uit de weg gaan omdat je ervan uit gaat dat in de gemeenschappen diezelfde discussies niet gevoerd worden. Het stadsbestuur heeft geen idee van in hoeverre het integratiedebat in de gemeenschappen zelf gevoerd wordt. In de Turkse koffiehuizen, in de moskeeën, aan de keukentafel. En ik kan u verzekeren dat gevoelige onderwerpen zoals integratie, discriminatie of radicalisering juist in de gemeenschap zelf herhaaldelijk worden besproken. En feller dan in de politieke arena.

Taboes kun je niet doorbreken door over de hoofden heen te praten van de mensen waar het over gaat. Dat doe je door de confrontatie aan te gaan. Zo zorg je er ook voor dat het debat niet gekaapt wordt door politieke agenda’s of dat je het verwijt naar je hoofd geslingerd krijgt dat de toon te hard is. De migrant is in mijn ogen ook Rotterdammer en kan dus best tegen een stootje. Rotterdammers zijn direct en hebben liever dat je ze in het gezicht voor van alles uitmaakt dan dat je over hen praat. Als je hen direct aanspreekt heb je ook geen slachtofferrollen meer die gespeeld worden. Wees niet bang en trek die fluwelen handschoenen uit. Je zult versteld staan van het incasseringsvermogen van de Rotterdamse migrant.

Harde uitspraken
Is het integratiedebat dan achterhaald? Nee, maar het moet wel verlegd worden naar daar waar het hoort: de samenleving. De WIJ-samenleving, waar eenieder naar snakt. De samenleving waarin men niet over elkaar, maar mét elkaar praat. De samenleving waarin men alles tegen elkaar kan zeggen, mits met respect. De samenleving waarin harde uitspraken kunnen en mogen gedaan worden, maar waarbij tegelijkertijd ook ruimte geboden wordt voor bruggenbouwers.

Het mooie daarvan is dat je dan niet blijft hangen in de eeuwige wij/zij-discussie. Slechts de WIJ-discussie blijft dan over. En wie dáár niet aan meedoet, is verdacht.

Geef een reactie

Laatste reacties (14)