2.251
39

Fractievoorzitter Leefbaar Rotterdam

Ronald Buijt is sinds 2006 lid van de gemeenteraadsfractie van Leefbaar Rotterdam. Ronald (1970) is getrouwd en trotse vader van een dochter. Hij werkt als planner bij een transportbedrijf en is in het verleden (jeugd)voetbaltrainer geweest bij Excelsior '20 (Schiedam) en Alexandria '66 (Oosterflank).
Ronald heeft veel affiniteit met sport- en jeugdzaken. Op sportgebied vecht hij voor de vele clubs in deze stad die het moeilijk hebben. Hij pleit voor een forse lastenverlichting voor de clubs. Hij ziet veel mogelijkheden om sport te integreren op de basisscholen, mits er genoeg sportlocaties zijn. Op dit terrein is nog veel te winnen.
Ronald zet zich graag in voor de jeugd die niet voor problemen zorgt. Hij vindt het van de gekke dat er door dit stadsbestuur nauwelijks geïnvesteerd wordt in deze groep. Bijna al het geld gaat momenteel naar de probleemgevallen, maar tot overmaat van ramp zorgt dit niet eens voor een daling van de problemen.
Verder is Ronald voorstander van strafcampussen voor notoire jeugdcriminelen. Dit is goed voor de andere jeugd, die niet meer beïnvloed of geïntimideerd worden, beter voor de leraren en, de buurten en dus goed voor Rotterdam.
Portefeuilles: Brede Scholen en Elektronisch Kinddossier (EKD). Tevens is Ronald voorzitter van de commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen

Tijd voor een heel ander kiesstelsel

Combinatie van districtenstelsel met hogere kiesdrempel bestrijdt versnippering, coalities weer mogelijk

Bij de laatste peiling van Maurice de Hond behaalde geen enkele van de mogelijke coalities een meerderheid, laat staan een werkbare meerderheid. Zoals het zich nu laat aanzien is de enige driepartijen coalitie die op een (kleine) meerderheid na 12 september kan rekenen die van VVD-SP-PVV. Een combinatie die niet echt voor de hand ligt.

Nederland dreigt onregeerbaar te worden en ons huidige kiesstelsel werkt dit nog eens extra in de hand. In de laatste 10 jaar hebben we 5 kabinetten gehad waarvan er 4 voortijdig vielen (Balkenende III was een rompkabinet tot aan de verkiezingen)  We hebben in die 10 jaar al bijna 2 jaar een kabinet met demissionaire status gehad. Dit is schadelijk voor ons land.

Zo’n kabinet kan geen belangrijke besluiten nemen. Ook voor de continuïteit van beleid is het slecht als er telkens een nieuw kabinet aantreedt met telkens weer nieuwe ministers. Een mooie gelegenheid dus om ons stelsel rigoureus te wijzigen. Hier zullen we na de komende verkiezingen niets aan hebben. Zo’n wijziging van het kiesstelsel moet goed voorbereid worden en daarna nog door zowel de Tweede als de Eerste Kamer worden aangenomen. Maar de te verwachten impasse bij de komende formatie zet de politiek hopelijk wel aan het denken dat dringende modernisering van ons huidige stelsel gewenst is!

Ons huidige stelsel van evenredige vertegenwoordiging dateert uit 1917, bijna 100 jaar oud dus. De laatste decennia zijn er rapporten vol geschreven over mogelijke veranderingen, de meeste verdwenen in een la om er nooit meer uit te komen.
Ons huidige stelsel geeft namelijk maximale macht aan de partijen en politici zelf. De kiezer heeft nauwelijks invloed. De politiek heeft er blijkbaar weinig behoefte aan hier iets in te veranderen getuige de structurele onwil om serieus naar de vele rapporten te kijken. Natuurlijk wordt er tegelijkertijd wel volop geklaagd over de kloof tussen politiek en kiezers.

Wat dat betreft zijn de democratiseringsprocessen binnen de  diverse partijen inzake het kiezen van de lijsttrekker hoopgevend.

In Nederland worden alle bestuurlijke baantjes verdeeld onder de (grote) politieke partijen.  Van ministers is dit te begrijpen. Maar bestuurders van de provincie, de commissarissen der Koningin en  de burgemeesters en allerlei belangrijke baantjes zoals bij de Raad van State worden door de partijen in schimmige achterkamers uitgeruild. Daar komt geen burger aan te pas.

Waarom wij onze parlementariërs volksvertegenwoordigers noemen is mij een raadsel. Van onze 150 Tweede Kamerleden halen in de regel alleen de lijsttrekkers veel stemmen, uitzonderingen als Ineke van Gent en Rita Verdonk daargelaten. Zeker 135 volksvertegenwoordigers komen louter in het parlement op de bagagedrager van de lijsttrekker, niet zelden omdat ze de jaren ervoor zo ‘hard gewerkt hebben’ en zo beloond worden. Zelfs voor mensen die de politiek van dichtbij volgen blijven minstens honderd Kamerleden totaal onbekend.

Het mooiste zou zijn als een aantal partijen om te beginnen gaan fuseren. Het is ronduit belachelijk dat partijen die het op hoofdlijnen met elkaar eens zijn allemaal separaat aan de verkiezingen deelnemen.

Ieder systeem heeft zo zijn voor- en nadelen. Maar ons huidige systeem staat in ieder geval garant voor :
– Geen band tussen kiezers en gekozenen en dus minder betrokkenheid van kiezers
– Verleiding voor gekozenen is dus groot om meer aan partijbelang te denken dan aan landsbelang dan wel kiezersbelang
– Door een kiesdrempel van 0,67% zeer veel partijen
– Invloed van de kiezers op wie er gekozen wordt, is er niet
– Invloed van kiezers op wie er in de regering komt is er niet of nauwelijks (In 1977 kwam de PvdA met 55 zetels niet eens in de regering)
– Invloed op de compromissen die jouw partij sluit om in een kabinet te komen is er al helemaal niet

Toegegeven: Het is niet gemakkelijk om een systeem te hanteren waar alleen maar voordelen aan zitten. Een belangrijk argument voor het huidige systeem van evenredige vertegenwoordiging is het feit dat (bijna) geen enkele stem verloren gaat en ook kleine minderheden vertegenwoordigd zijn en gehoord worden.  Wanneer partijen gaan fuseren zou dit probleem mogelijk voor een groot gedeelte verholpen worden.

Mijn voorstel :
1. Verdeel Nederland in 75 districten. De kandidaat die in een district de meeste stemmen haalt mag naar de Tweede Kamer. Een district bestaat uit ongeveer 100- á 125.000 kiezers
2. De overige 75 zetels gaan op basis van evenredige vertegenwoordiging met een kiesdrempel van 5%
3. Iedere kiezer brengt dus twee stemmen uit: Eén op een kandidaat van zijn district en één op de landelijke lijst van een partij. Zo moet iedere kandidaat vol aan de bak om op eigen kracht gekozen te worden.
4. Door de kiesdrempel  te verhogen naar 5% worden fusies tussen partijen gestimuleerd. Partijen als de SGP, de Partij voor de Dieren en mogelijk de Christen Unie zullen op eigen kracht namelijk niet gemakkelijk in het parlement komen.
5. Laat de kiezers bij de gemeenteraadsverkiezingen ook direct de burgemeester kiezen van hun gemeente. Burgemeesters worden dan voor 4 jaar gekozen ipv voor 6 jaar benoemd.
6. Als je de provincies niet wilt afschaffen (wat volgens mij zou moeten) laat de kiezers dan ook direct hun commissaris van de Koningin kiezen.
7. Voer het bindend referendum in als 250.000 kiezers ergens een referendum over willen met een minimum opkomst van 30%.

Belangrijkste is volgens mij dat de verbondenheid tussen kiezer en gekozene sterker wordt, de gekozenen niet meer op de bagagedrager van de lijsttrekker de Kamer binnenfietsen, er minder versnippering van partijen plaatsvindt en de betrokkenheid en directe invloed van de kiezers fors toeneemt ten opzichte van het huidige stelsel.

Een combinatie van districtenstelsel en een hogere kiesdrempel zorgen er automatisch voor dat er minder versnippering is en dat het dus eenvoudiger is om (stabiele) coalities na de verkiezingen te formeren.

Volg Ronald ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (39)