5.756
114

Schrijver en jurist

Claire Schut (28 februari 1956, Amsterdam) is schrijver en jurist. Ze heeft ruim 25 jaar ervaring bij de overheid, o.m. op het terrein van ambtenarenrecht, klachtrecht en onderzoek naar discriminatie, seksuele intimidatie en ambtelijke integriteit. Als freelance tekstschrijver en journalist schreef ze o.m. voor de Economische Voorlichtingsdienst (EVD), SNS bank Randstad, Centraal Orgaan Opvang asielzoekers (COA), Verbond van Nederlandse Ondernemingen (VNO), Federatie van Nederlandse Exporteurs (Fenedex), ISW Opleidingen en Literair Theater Branoul.

Triomf, triomf! Laat dreunen nu de wanden

Om 15.00 uur zette ik mijn handtekening onder het proces-verbaal. Mijn aangifte tegen Geert Wilders was een feit

Afgelopen donderdag deed ik aangifte van het campagnespotje van Geert Wilders en de PVV. Het liep – anders dan de stroperige start – van een leien dakje. De spijkermatten waren opgerold, de lange tanden van de baan. Of iemand hierin de hand heeft gehad, zal voor eeuwig in nevelen gehuld blijven. Maar het was alsof de rode loper was uitgerold. Er was koffie, het licht in verhoorkamertje brandde en de BOA-ambtenaar stond al bij de balie te wachten. Ze gaf een hartelijke hand: “Annemarie!” en was niet alleen erg vriendelijk maar zo dienstbaar dat je er haast verlegen van werd.

Lang duurde ons samenzijn niet.

Wilders
Screenshot: YouTube

Annemarie nam in ogenschouw wat ik thuis op papier had gezet. Een beschrijving van Wilders’ filmpje dat uit louter tekst en geluid bestaat. De woorden: ‘islam is… geweld… terreur… vrouwenhaat… jodenhaat… christenhaat… dierenleed… onrecht…’ in bloedrode kapitalen. De ferme streep waar bloed uit druipt. Het geluid, zo’n onheilspellend deuntje als in griezelfilms wordt gebruikt bij scènes waarvan je van te voren weet dat het fout afloopt: achtervolgingen, de moordenaar achter het douchegordijn, Halloween-slachtpartijen. Het deuntje in de PVV-campagnefilm doet denken aan de soundtrack van de film Mississippi Burning. Sterker, het lijkt er sprekend op. Dezelfde doordreunende elektronische basic-sound, dezelfde opzwepende crescendo’s waarmee de spanning wordt opgevoerd. In Mississippi Burning eindigt de klopjacht met een driedubbele moord. Het filmpje van Wilders eindigt met de boodschap ‘islam is dodelijk’. Het is zeldzaam dramatisch en effectief.

Annemarie’s ogen werden groot: “Wilt u dat er allemaal in?”
“Ja”, zei ik en dacht aan alle verwensingen op Facebook dat de schaarse politiecapaciteit niet voor dit soort flauwekul-aangiften mag worden misbruikt. Dat ik juridisch geen poot heb om op te staan, als witte Hollandse kaas niet eens tot de beledigde groep behoor. Dat strafvervolging – gesteld dat het überhaupt daarvan zou komen – Wilders alleen maar in de kaart speelt, omdat het hem opnieuw een podium verschaft om over de islam en de moslims uit zijn gepermanente dak te gaan. En trouwens, waar bemoeide ik me mee? Aanstelleritis, sneu wijf (enzovoorts).

Nu wonen er in trollenland meer rechtsgeleerden dan ooit aan de universiteiten van Nederland zijn afgestudeerd, maar wie weet hebben ze een punt. En dat schelden is best intimiderend. Aan de andere kant had deze aangifte al heel wat voeten in de aarde gehad en het ging per slot van rekening om een vermoeden van misdrijven, begaan door iemand in een voorbeeldfunctie.
Dus rechtte ik mijn rug en zei met krachtige stem: “Ja. Dat moet er allemaal in. Ook dat het geluid uit Mississippi Burning lijkt te zijn gepikt. Want als die parallel klopt… als de muziek uit die film bewust is gebruikt met de intentie eenzelfde afloop te suggereren… als je dat hard zou kunnen maken… dan zou je dat PVV-filmpje wellicht ook kunnen zien als bedreiging van de moslims zelf: “Dit (die klopjachten, brandende godshuizen, de intimidatie en moord in Mississippi Burning) is wat jullie moslims in Nederland ook te wachten staat.”

Annemarie hoorde het zwijgend aan. Toen wees ze naar mijn schrijfsel en vroeg of ze dat helemaal moest overtikken of aan het proces-verbaal kon vastnieten. Ik kon het haar niet zeggen. Het leek me heksenwerk om het over te typen, iets wat je een druk bezette BOA eigenlijk niet mag vragen. Tegelijk hechtte ik aan een volledige verklaring in het proces-verbaal. Dat er sprake is van groepsbelediging, discriminatie, het aanzetten tot haat en geweld jegens moslims. Dat Wilders en de PVV een gewoonte ervan maken om de islam en de moslims te beledigen, haat te zaaien en aan te zetten discriminatie en geweld. Dat de zaak uit de hand loopt, als we doen alsof dit normaal is. Want dit is niet normaal.

“Zal ik het dan maar overtikken?” vroeg Annemarie. Haar stem klonk vlakjes.
Ik haalde mijn schouders op ten teken dat ik niet voor haar kon beslissen. Als het maar bij het onderzoek naar de aangifte werd meegenomen.
“Het is uw aangifte”, zei de BOA. “In het PV komt precies dat te staan wat u wilt. Wilt u dat ik het overtik? Ik heb het zo gedaan, hoor.”
Ze keek me afwachtend aan.

Opgevoed als brave burger die met anderen rekening houdt en niemand tot last wil zijn, telde ik – speciaal voor Annemarie – nog een keer mijn knopen. En kwam tot dezelfde slotsom. Wilders’ campagnefilmpje is over de grens, de zoveelste grens. Het is veel meer dan alleen “onsmakelijk” zoals onze op dit punt meestal zo zwijgzame minister-president in het vuur van de gemeenteraadsverkiezingen te kennen gaf. Het is beledigend, intens grievend. Een beschaafd land onwaardig. Wilders steekt het vuur aan. Met zijn boodschap – die alle moslims over een kam scheert en die ongenuanceerd en gevaarlijk is – zet hij de zaak weer verder op scherp. Kennelijk neemt de PVV voor lief dat de provocaties uit de hand kunnen lopen en mensen zo op tilt slaan dat het tot geweld leidt. In feite gebeurt dat al.

Het was tijd om de knoop door te hakken: “Kunt u het alstublieft overtikken? Dan weten we zeker dat het wordt meegenomen.”
“Ok”, zei Annemarie. “Geen probleem, hoor. Dat hoort bij mijn werk.” Maar ze wilde het toch graag nog even met een collega overleggen. “Wilt u nog koffie?”
Vijf minuten later kwam ze terug. Met een beslissing. Ze zou mijn tekst integraal in het proces-verbaal zetten. Ik mocht ondertussen naar huis. Dan tikte ze het “op haar gemakkie” over. Als ik ’s middags maar terugkwam om te tekenen.

Aldus geschiedde. Om 15.00 uur zette ik mijn handtekening onder het proces-verbaal. Mijn aangifte was een feit. Hèhè.

In de halfduistere ontvangstruimte namen we afscheid. Het was er leeg, net als bij mijn eerdere bezoeken. Geen rijen wachtenden om aangifte te doen bij dit politiebureau hartje centrum, maar serene rust. Het bevestigde het jubelende nieuws van korpschef Akerboom van de Nationale Politie eind februari dat de ‘klassieke’ criminaliteit daalt en het aantal aangiftes dus ook. Heel verheugend, al mag je hopen dat mijn ervaringen niet standaard zijn, want dat zou die fraaie cijfers kunnen drukken. Het doen van aangifte is bepaald geen fluitje van een cent. Wie geïntimideerd raakt door die martiale pakken, zich toch al in een hoek gedrukt voelt of het gewoon razend druk heeft met een fulltime-baan, kinderen of andere besognes, zou het door de stroperige procedure zomaar kunnen opgeven.

Enfin, deze aangifte is in elk geval gelukt. Triomf, triomf! Laat dreunen nu de wanden.

Geef een reactie

Laatste reacties (114)