766
29

Lobbyist en Politiek Filosoof

Robbert Baruch is Manager Public Affairs bij Buma/Stemra. Hij is op 12 oktober 1967 in Amsterdam geboren. Hij studeerde Politicologie (Politieke Filosofie) en Bestuurskunde in Leiden en Theologie in Amsterdam en Jeruzalem. Zijn studie politicologie rondde hij af met een scriptie over Vondel's Palamedes en de 17e-eeuwse Nederlandse politieke filosofie. Na zijn studie werkte hij achtereenvolgens als communicatiestrateeg bij een internationaal reclamebureau, communicatiemanager bij de ING Groep, bestuursadviseur, wethouder van de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord en lobbyist voor het Verbond van Verzekeraars in Den Haag.

Van meer naar beter

Tegenstelling meer of minder Europa is vals

Veel politici houden ons een valse tegenstelling voor: meer of minder Europa. In Rotterdam-Zuid zie je dat Europa daar veel ‘meer’ zou kunnen doen om Europese problemen aan te pakken. Tegelijkertijd moet Europa ook niet worden geleid door mensen die Europa de oplossing voor elk probleem vinden. Europa moet niet meer, meer, meer, of minder, minder, minder, maar beter, beter, beter

Er stond vandaag een interessant interview in de Volkskrant met Guy Verhofstadt, de Belgische Europarlementariër en oud-premier. Eén van de weinige politici die over Europa niet met meel in de mond praten: dat is winst! Het venijn zit hem echter in de staart.

Het is een interview waarin Verhofstadt begrip toont voor de Europese fouten, maar als antwoord geeft dat er juist ‘meer’ Europa nodig is, in plaats van minder.

Polenhotel
Soms is dat ook zo. Een voorbeeld: ik was een paar dagen geleden in Rotterdam, waar, in de deelgemeente Feijenoord, een “Polenhotel” neergezet gaat worden. Wat is er aan de hand? Juist door de Europese samenwerking en het vrije personenverkeer komen er meer Polen naar Nederland. Ze doen veelal werk dat Nederlanders niet zien zitten. In samenwerking met uitzendbureau Tempo Team gaan de Polen hier aan de slag en wordt er onderdak voor hen geregeld. In een wijk waar toch al voldoende problemen zijn, worden hier straks 250 mannen gehuisvest.

Op zich is het toe te juichen dat zo wordt voorkomen dat de mannen in handen vallen van huisjesmelkers. Ook zal er vast enige sociale controle zijn en is het is voor de overheid praktisch, omdat de groep makkelijk te bereiken als ze om wat voor reden dan ook benaderd moet worden. Maar je moet toch wel heel erg naïef zijn om te denken dat zo een hotel juist op die plek in de stad niet tot problemen kan gaan leiden.

Het uitzendbureau verdient aan het inzetten van de Polen, en voor de tuinsector zijn het makkelijke, goede en goedkope arbeiders. De buurtbewoners en de gemeente kunnen er echter extra last van krijgen en voor Nederlanders wordt het ook niet makkelijker of aantrekkelijker om ook in de tuinsector te werken.

Rotterdam-Zuid krijgt dus wel de lasten, maar niet de lusten. In dit geval kan méér Europa helpen; bijvoorbeeld door hogere eisen te stellen aan de huisvesting van de Polen, door met Europees geld opvang te regelen op een minder kwetsbare plek in de stad of door te investeren in de uitstraling van de wijk.

Van meer naar beter
Méér of minder Europa zegt me dan ook niets: het gaat me er om hoe je het Europese geld besteedt, welke keuzes je maakt en hoe je Europese problemen oplost. Een béter Europa: een sociaal Europa dat voor iedereen werkt.

Lodewijk Asscher had helemaal gelijk, en ik stel de vraag nog maar eens: hoe kunnen we de nadelen van Europese samenwerking aanpakken, tegengaan of compenseren? Wat doen we met het Polenhotel? Niet doen (lijkt me trouwens geen goeie optie), beter doen of tegelijkertijd met de plaatsing ervan mogelijke nadelen proberen te compenseren? Een sociaal Europa dat voor iedereen werkt heeft er in ieder geval oor en oog voor.

Om een balans te vinden in dat Europa, is het verstandig om er juist met een niet-Europese bril naar te kijken. Feit is: we wonen in Europa, de economie kan niet zonder, maar het moet meer opleveren voor juist de kwetsbare groepen in de samenleving. En niet ambtenaren en beleidsmakers, maar gewone burgers moeten meer invloed hebben op wat we er voor terug krijgen. Europa is dus van al haar inwoners.

En toen schrok ik van Verhofstadt, aan het slot van het interview:

“In 2004 wilde u ook (Voorzitter worden van de Europese Commissie, RB). Toen sprak de Britse Premier Blair zijn veto uit omdat u te Europees was. Zou dat nu anders zijn?”
“Als het Vaticaan op zoek is naar een nieuwe paus, zegt men toch ook niet: die kandidaat is te katholiek? Je hebt een Europeaan nodig om Europa te leiden.”

En dat is nu precies het probleem: die vergelijking gaat niet op. De Katholieke Kerk heeft het (gelukkig) niet voor het zeggen buiten de Katholieke Kerk zelf; de Europese politiek vertegenwoordigt een half miljard mensen en het laatste wat je dan wil is een leider die alleen maar meer, meer, meer Europa wil. Het moet beter, beter, beter. Ook kritische Europeanen zijn Europeanen, meneer Verhofstadt!

Robbert Baruch is kandidaat lijsttrekker voor de PvdA voor de Europese verkiezingen. Dit artikel verscheen op zijn campagneweblog. Volg Robbert ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (29)