3.495
60

Filosoof

Vester Bergmans (Roermond, 1985) studeerde algemene sociale wetenschappen aan de Universiteit Utrecht en studeerde in juli 2015 magna cum laude af in de wijsbegeerte aan de Katholieke Universiteit Leuven. Woonde en werkte in Sri Lanka, Burkina Faso en Ghana en werd daarna (eind 2009) jongerenwerker en was coördinator vluchtelingenwerk in Weert. Vindt de vraag 'wat is moedig?' interessanter dan vragen als 'wat is goed?' en 'wat is waar?'

Veel te weinig vluchtelingen

Vluchtelingen zijn geen barbaren, maar ook geen huisdieren. Waarom wilt U vluchtelingen per se helpen: medelijden of een bewuste keuze?

“Ik wil op zijn minst iets doen voor vluchtelingen, wat dan ook! We kunnen hen toch ook gewoon allemaal thuis opvangen? Laten we de grenzen openstellen, want de wereld is van iedereen! Als jij in zo’n situatie verkeerde, zou je toch ook op zoek gaan naar een beter bestaan?!”

Ik moet eerlijk bekennen dat ik mijzelf ook wel eens betrap op uitspraken zoals deze, maar een beetje zelfkritiek kan geen kwaad. Wie dergelijke dingen niet zegt, hoort er nu even niet bij. Wie zich niet aanmeldt als gastgezin voor vluchtelingen, is niet gastvrij genoeg. Wie zijn oude kleren laat hangen in de kast, laat daarmee anderen in de kou staan. Wie pleit voor opvang in de regio van de oorlogsgebieden of zich toch wel zorgen maakt om de enorme toestroom aan vluchtelingen die allemaal in West-Europa willen wonen, is meteen asociaal of erger nog een xenofoob of racist. 

Het begin van onbegrip, scheve verhoudingen en ongelijkheid
Wat zijn we toch politiek correct, wij gulle gevers! We zouden geprezen moeten worden voor onze onbaatzuchtigheid en ruimhartigheid. Maar niet heus… We zouden gewezen moeten worden op onze verschrikkelijke naïviteit. Naïviteit op zich is niet erg, maar naïef iemand gaan ‘helpen’ is het begin van onderling onbegrip, scheve verhoudingen en ongelijkheid. Het lijkt nobel en onschuldig, maar “ik wil iets doen voor een ander” kan vanwege de eenzijdigheid averechts uitpakken in de vorm van verontwaardiging bij de gever en slachtofferisme bij de ontvanger.

“Helpen kan toch nooit kwaad?”
Soms is niets doen de enige manier om  iets voor elkaar te krijgen. Soms help je iemand door hem juist hulp te weigeren. Bovendien moet naast de daad ook de intentie worden meegenomen om de geboden hulp te kunnen beoordelen. En de intenties van die massa aan steunbetuigers, dáár gaat het nu om, want hoeveel mensen zetten hun intenties nu – of als het er straks echt op aankomt – daadwerkelijk om in doelgerichte actie? Hoeveel ‘aangeboden’ hulp kan nu al op waarde worden geschat, laat staan geprezen worden? 

Door al die oppurtunistische en ongetwijfeld goedbedoelende, maar halfslachtige en waarschijnlijk slecht uitpakkende initiatieven van mensen die er nog nooit aan hadden gedacht een vluchteling te helpen totdat zij een foto van een jongetje zagen dat dood was aangespoeld op een strand, is er opeens meer aanbod dan vraag, veel meer aanbod dan vraag. Er zijn zowaar te weinig vluchtelingen om de geefzucht van de vele spontane weldoenders te bevredigen, zeker als we de meeste ook nog eens gaan terugsturen naar landen als Hongarije (waar er dan weer te veel zijn). 

Vluchtelingen zijn geen huisdieren
Met open armen iemand ontvangen is wat anders dan iemand vertroetelen. Gastvrijheid vindt zijn oorsprong niet in medelijden maar in beleefdheid. Want dat is waarom mensen opeens zo massaal over elkaar heen vallen en haantje de voorste willen zijn met hun hulp aan vluchtelingen: puur uit medelijden. En medelijden is een emotie, die vaak in een opwelling in ons opkomt en die ons verstand in een hoekje zet alsof het anders te streng zou oordelen. Uit medelijden iemand overladen met hulp is precies dat: iemand over-laden. Te veel hulp wordt een last, want hoe kun je daar ooit voor bedanken of een evenwaardige tegenprestatie leveren? 

“Maar ik wil er helemaal niets voor terug!” Hou op met die arrogantie die nog vele malen denigrerender is dan geluiden voortkomend uit vreemdelingenhaat. Mensen die voor vreemdelingen waarschuwen en hen liever zien gaan dan komen, beschouwen hen tenminste nog als bij machte om zelf ‘iets te doen’. Dat is zowaar menswaardiger dan iemand neerzetten als een hopeloos wezen dat enkel kan overleven, enkel kan bestaan, door hulp van medelijdende anderen. 

Vluchtelingen zijn geen barbaren – zoveel is waar – maar toch zeker ook geen huisdieren. 

Valse bescheidenheid
“Ik hoef er niks voor terug” is valse bescheidenheid oftewel vermomde roemzucht. Als iemand waarlijk bescheiden is, dan heeft hij of zij niet de wens om tweemaal geprezen te worden; dan is het gewoonweg een teken van hulp op het juiste moment op de juiste plek aan de juiste persoon en vooral op de juiste manier en met het juiste doel voor ogen. Maar wat is juist? Goede vraag, die eerst gesteld moet worden alvorens de antwoorden letterlijk weg te geven.

Dus vraagt u zich eens af waarom U nu eigenlijk vluchtelingen wilt helpen: uit medelijden of is het een weloverwogen en bewuste keuze? 

Dit opiniestuk is een vervolg op ‘Veel te veel vluchtelingen’ van dezelfde auteur.

Geef een reactie

Laatste reacties (60)