193
2

Beleidsmaker

Joost-Jan Kool is 35 jaar oud en is de trotse vader van drie kinderen. Vindt van veel dingen wel wat en houdt ervan dat op te schrijven. Werkt als beleidsmedewerker bij een kleine gemeente. Daarnaast groot sportliefhebber.

Verlangen naar kou

Die hak op het eerste laagje ijs, die eerste verwachtingsvolle tik, dat blijft het begin

Met het eerste nachtvorstje begint het allemaal. Tuurlijk, de kunstijsbanen zijn weer open en de eerste marathons zijn alweer verreden, maar wanneer de temperatuur voor het eerst de magische nullijn passeert en de vorst op de smalste sloten een dun vliesje ijs heeft gevormd, is de start van het schaatsseizoen pas echt een feit. En ergens in de verte, heel voorzichtig nog, klinkt voor het eerst de vraag die elke winter weer uit zal groeien tot een bijna nationale obsessie: Komt tie er wel of niet dit jaar.

Een herkenbaar beeld; hurkend aan de waterkant, een been gestrekt vooruit. Met de hak wordt de sterkte van het ijs getest. Maakt niet uit hoe dun en onbenullig het laagje nog is: even voelen. Hoe fragiel ook, altijd weer die sensatie van een door de temperatuur veranderde materie. Lopen over water. Hooggespannen verwachting.

Sommige jaren blijft het bij een hakje op het ijs; een diepe teleurstelling. Geen koek en zopie voor massaal uitgetrokken toerrijders. De knoesten van de marathon gevangen op een rondje namaak van 400 meter linksom. Geen heroïek, geschiedenis en Anton Pieck achtige taferelen. Geen schaatsend volk langs verstild wit land, verdorde rietkraag en veelkleurige luchten.

Maar de laatste jaren zijn we verwend. NK ’s, klassiekers op natuurijs, talloze toertochten en een steeds hogere koorts: Elfstedentochtkoorts. Afgelopen winter was het bijna zo ver. De rayonhoofden overlegden intensief en heel Friesland stond met een bezem op het ijs. De dikte van de ijsvloer beheerste het nieuws. Het mocht niet baten: de tocht der tochten kwam er net niet.

En toch heb ik hem gereden samen met een vriend. Gewoon omdat het kon, omdat het ijs er lag en we de Elfstedentocht wilden ervaren. Het was zwaar, maar geweldig. Want hoewel er geen officiële tocht was en er geen mensenmassa’s langs de kanten stonden, ervoeren we elke meter van de tocht hoe bijzonder het was om hier te schaatsen. Voelden we de historie, het lijden en het hier geboren heldendom.

Nu met het eerste vorstje aan de grond is het weer zo ver. Een niet te stoppen verlangen naar bevroren water dat sterk genoeg is om al die liefhebbers te dragen. Het speuren op internet naar de meest positieve (koude) voorspellingen. De sensatie van de eerste schaatsverhalen. De blaren, de pijn en de voldoening. Beelden van echte schaatsers die, verlost van het keurslijf van de kunstijsbaan, historie schrijven. Bikkelend op natuurijs, de reden waarom ze ooit fanatiek zijn gaan schaatsen.

En die hak op het eerste laagje ijs, die eerste verwachtingsvolle tik, dat blijft het begin. 

Geef een reactie

Laatste reacties (2)