1.119
28

Emeritus hoogleraar politicologie

Joost Smiers is emeritus hoogleraar politicologie aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. Belangrijk thema van zijn onderzoek behelst: Imagine there's no copyright and no cultural conglomerates too .... (dit is ook de titel is van een van zijn laatste boeken, geschreven met Marieke van Schijndel). Joost Smiers woont in Amsterdam.

Verlos ons van te groot gegroeide, te machtige en te complexe ondernemingen

Ons de keuze voorhouden tussen vrijhandel en protectionisme is ons opzadelen met een vals dilemma

cc-foto: Greensefa

De voorpagina van de Volkskrant van 21 oktober heeft een kop om van te smullen. Lees mee: “Vrijhandel en globalisering zijn scheldwoorden geworden.” Deze sterke opening van de krant wordt gevolgd door de belofte dat op pagina 4 en 5 uitgelegd gaat worden waarom vrijhandel en globalisering scheldwoorden geworden zijn. Bij lezing valt de uitleg tegen – direct daarover meer-, maar ook op de openingszin van de krant valt het nodige aan te merken. Laten we eerst kijken naar de “scheldwoorden” vrijhandel en globalisering.

Als we daar op focussen, dan moeten we constateren, dat het eigenlijke probleem waar de wereld op dit moment mee worstelt niet zo zeer het feit is dat er tussen landen handel gedreven wordt – daar is niks mis mee; niet zelden heeft dat gunstige kanten -, en globalisering kan ook niet echt het probleem zijn. Immers, die is niet van vandaag of gisteren. Waar we daarentegen pijnlijk mee geconfronteerd worden is dat mondiale markten gedomineerd worden door megaondernemingen die ongeremd door de wereld rondsuizen en die van god en gebod los zijn.

Laten we vervolgens de stap maken naar het beloofde artikel op de pagina’s 4 en 5 waarin we bijgepraat worden over neoliberalisme en globalisering die ons veel welvaart gebracht zouden hebben, maar er waren natuurlijk ook excessen. Daar richt de woede zich op, in Europa, in Amerika, bij links en bij rechts, aldus de Volkskrant. “Zij richt zich tegen de macht van banken, multinationals en andere grote bedrijven die alleen maar uit zouden zijn op winstmaximalisatie, wat ten koste gaat van werknemers, het milieu en de voedselveiligheid.” Als je dit leest, denk je: de bal is rijp om ingekopt te worden, dus wat gaan we nu doen aan de macht van die megabedrijven? Maar helaas, de bal gaat hopeloos naast.

Natuurlijk, schrijft de auteur, excessen moeten worden gecorrigeerd, maar ondertussen rijden we, dankzij neoliberalisme en globalisering, met ons gele nummerbord op de auto toch maar mooi door gans Europa. Tel uit je winst. De auteur laat zich inspireren door de conservatieve Zwitserse zakenkrant Neue Zürcher Zeitung, waarin ons aangeraden wordt: gooi het kind niet met het badwater weg. De Neue Zürcher Zeitung bestaat al 236 jaar, dus die kan het weten: als we vrijhandel en globalisering verwerpen dan komen we terecht bij protectionisme en nationalisme, en dat moeten we niet hebben.

Met alle respect voor de hoge leeftijd van de Zwitserse kwaliteitskrant, er wordt toch iets over het hoofd gezien. Ons de keuze voorhouden tussen vrijhandel en protectionisme is ons opzadelen met een vals dilemma. De urgente en echte keuze die gemaakt moet worden is, wat gaan we doen met de megaondernemingen? Immers, die zorgen – om in voetbaltermen te blijven – voor spelbederf. Daar gaat de woede en de angst van heel veel mensen in alle hoeken van de wereld over.

Welnu, van bedrijven die een, voor ons als burgers, ondoorgrondelijke schaalomvang en dito macht hebben moeten we verlost worden. Daarom stel ik, met mijn medeauteurs, in ons boek Macht van de megaonderneming. Naar een rechtvaardige internationale economie een nieuw soort mededingingsrecht voor dat proactief is. Wat wil dat zeggen? Tot nu toe is het mededingingsrecht voornamelijk afwachtend. Onderneming A klaagt over bedrijf B dat iets doet wat niet in de haak is. Waar wij op afstevenen is het belang van de samenleving in het spel brengen.

Als we ondernemingen willen hebben die minder groot, complex en machtig zijn, dan moeten te groot gegroeide ondernemingen door de Mededingingsautoriteit op eigen gezag, proactief, in stukken gehakt worden, uiteraard op een weloverwogen wijze, maar toch. Bovendien moeten bedrijven in hun ondernemingsplan op transparante wijze aangeven hoe ze ervoor zullen zorgen dat ze binnen een bepaalde schaalomvang zullen blijven.

Ik begrijp heel goed dat wat ik voorstel vloeken in de kerk is: hoe durf je goed ondernemen af te straffen, en als supergroot groeien daarbij hoort, wat is daar tegen? Wie dat zegt vergeet dat ondernemen een sociale activiteit is – of betere gezegd: moet zijn – die ingebed is in de samenleving. Wij als burgers willen ondernemingen hebben die ons producten en diensten aanbieden waar we behoefte aan hebben en die voldoen aan de hoogste sociale en ecologische normen, maar tegelijk willen we niet overruled worden door megabedrijven waar we nationaal, regionaal en mondiaal geen greep meer op hebben.

Dat is de uitdaging waar we ons voor gesteld zien. Dat gaat er niet om of een supergrote onderneming ons een chloorkip laat eten, of een ecologisch verantwoord stukje vlees. De macht van zulke ondernemingen op zich is een levensgroot en levensbepalend probleem, en de vraag is hoe komen we daar, mondiaal, van af. In navolging van de Neue Zürcher Zeitung loopt de Volkskrant met een grote boog om deze waanzinnig moeilijke uitdaging heen. Dat is niet nodig. De geschiedenis leert ons dat ook economische verhoudingen wezenlijk kunnen veranderen. Het is aan ons om daar het intellectuele voorwerk voor te doen. TTIP en CETA – en de omstreden vrijhandel en globalisering – zijn mooie aangrijpingspunten om fundamenteel na te gaan denken over wat voor soort ondernemingen we willen hebben, en wat niet.

 


Laatste publicatie van JoostSmiers

  • Bittere tranen, goede moed

    er is meer aan de horizon dan Trump en dat is pas écht gevaarlijk

    Mei 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (28)