1.073
21

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Ververs elke twee jaar de helft van de Kamer, Raad en Staten

Als je te besodemieterd bent om wat vaker naar de stembus te komen, dan moet je niet gek staan te kijken als er niet naar je wordt geluisterd

cc-foto: Risastla

Hoe werkt onze democratie? Voor rijk, gemeente en provincies wordt elke vier jaar een soort meningspeiling gehouden. Elke burger wordt in staat gesteld zijn vertrouwen te geven aan een enkele persoon, die volgens hem zijn denken over staat en maatschappij het best weerspiegelt. Dat gebeurt in het stemhokje. Zo ontstaat een vergadering van lieden die bij elkaar de verschillende opvattingen over de gewenste samenleving vertegenwoordigen. Zij gaan geregeld met elkaar in debat. Zij selecteren tegelijk geschikte mensen voor bestuurlijke functies.

Zo ongeveer zag het ideaal van Thorbecke eruit. Aan politieke partijen met stemdiscipline en landelijke campagnes had hij een hekel. Een poging van de liberaal georiënteerde Amstelsociëteit om zo’n partij op touw te zetten, heeft hij met succes weten te ondermijnen, maar van uitstel kwam geen afstel. In 1879 stichtte de dominee en confessionele ideoloog Abraham Kuyper de eerste echte politieke partij in Nederland, de Anti Revolutionaire Partij, een der wortels van het huidige CDA.

Zo werd Nederland een partijendemocratie en de verkiezingsstrijd een gevecht tussen een beperkt aantal leiders om de volksgunst. Sinds de opheffing van het districtenstelsel in 1917 is dit systeem stevig in de praktijk van onze democratie verankerd. Je stemt niet zozeer op een persoon als wel op een lijst.

Dit heeft van het begin af aan geleid tot ontevredenheid en gemor. Kandidaten leiden de kiezers om de tuin door het doen van mooie beloftes die zij meteen vergeten zodra zij op het pluche hebben plaats genomen. Na de uitslagenavond zie je ze niet meer. Hoeveel lak men aan de burger heeft, blijkt uit de geheimzinnigheid waarmee de coalitieonderhandelingen de afgelopen tweehonderd dagen zijn omgeven. Wie erachter probeerde te komen wat de onderhandelaars precies met zijn belangen van plan waren, werd door de partijleiders in zijn gezicht uitgelachen en met een meestal minder geslaagde kwinkslag het bos in gestuurd.

Als een coalitie eenmaal gevormd is en de ministers beëdigd, dan kom je er niet zo gemakkelijk meer van af. Dat heeft het kabinet Rutte II geleerd. Kwam dat omdat er zoveel liefde en eendracht heerste in deze regering? Nee, dat kwam omdat er sinds de Tweede Wereldoorlog sociaalwetenschappelijke methodes bestaan om de volksgunst te peilen. Bijna elke week stellen bureaus vast hoe het Nederlandse electoraat over bepaalde zaken denkt en hoe de Tweede Kamer eruit zou zien als er die week gestemd was. De boodschap ten opzichte van Rutte II was duidelijk: er heerste grote en breed gedragen boosheid over het te voeren beleid. Als het kabinet tussentijds ten val kwam, dan zouden de coalitiepartijen stevig worden afgestraft. Dan was de loopbaan van een groot aantal politici gebroken.

Er wordt altijd gezegd dat politici niet naar de burgers luisteren. Dat is een belangrijke misvatting. Zij luisteren wel degelijk. En goed ook. Juist dáárom is het kabinet niet gevallen. De kopstukken in PvdA en VVD waren ervan overtuigd dat hun beleid zou leiden tot veel welvaart en geluk in Nederland, behalve als hun goede werk tussentijds werd onderbroken. Elke analyse van Maurice de Hond was weer een nieuwe hoeksteen onder het fundament van Rutte II. Met Rutte III kan hetzelfde gebeuren. De onderhandelaars en hun partijen hebben hun lot met elkaar verbonden. Zij moeten elkaar in de storm van de volkswoede wel vast blijven houden. Anders waaien zij allemaal weg.

Hiervoor had Thorbecke een oplossing. In zijn model bestreken verkiezingen niet het totaal van Kamer, Raad of Provinciale Staten maar slechts een gedeelte. Vertaald naar de huidige situatie zou je dan om de twee jaar verkiezingen hebben voor de helft van de zetels. Elke verkozen kandidaat heeft wel een ambtstermijn van vier jaar.

Op die manier worden de onderlinge krachtsverhoudingen in de vertegenwoordigende lichamen steeds weer aangepast. Wat De Hond peilt, wordt veel sneller zichtbaar.

Daar dienen regeerders en coalities terdege rekening mee te houden. Dat elkaar vasthouden tegen de publieke opinie in heeft geen zin meer. Elke twee jaar volgt immers een afrekening.

Altijd naderen verkiezingen. De afstraffing voor wat als kiezersbedrog wordt ervaren is dan nooit ver weg. In zulke omstandigheden zal de houdbaarheid van een dichtgetimmerd regeerakkoord zoals wij deze week weer op ons bordje krijgen, gering zijn. Dan heeft het ook geen zin om er zoveel tijd in te steken. Wat je nodig hebt, is een akkoord op hoofdlijnen omdat de Kamer veel meer de actuele opvattingen binnen de kiezers weergeven. Volksvertegenwoordigers zullen minder geneigd zijn om fractiediscipline te slikken als hun zetel op het spel staat. Zij zullen zich niet door hun leiders laten smoren, tenminste niet zo gemakkelijk. Dat komt het debat en de flexibiliteit van het beleid ten goede.

Eindelijk wordt men gedwongen met de burgers mee te denken.

Ongetwijfeld zal dit voorstel tot het weerwoord leiden dat de burger niet steeds naar de stembus wil worden gesleept en dat daardoor juist de belangstelling voor de politiek afneemt.

Nou en? Als je te besodemieterd bent om wat vaker naar de stembus te komen, dan moet je niet gek staan te kijken als er niet naar je wordt geluisterd.

 


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (21)