631
25

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Vesting Holland

Waarom is de  ontwikkelingshulp haast nooit gericht op arme landen waar veel Nederlanders familie hebben?

Veel deskundigen hebben het al gezegd: de harde taal in regeer- en gedoogakkoord is zo doorspekt met mitsen en maren dat er in de praktijk weinig zal veranderen. Niks reGeertakkoord. Van de weeromstuit heeft de tekst een hoog CDA-gehalte gekregen. Dat geldt nadrukkelijk ook voor het vreemdelingenbeleid.

Is Maxime Verhagen de grote politieke kleermaker gebleken, die Mark Rutte en vooral Geert Wilders grandioos in het pak heeft genaaid? Ik liet Pauw en Witteman voor wie ze waren. Ik begaf mij naar het café waar de Wildersfans uit mijn kennissenkring reeds rond de tap vergaderd waren. Ik ging ze eens lekker met mijn vermoeden confronteren.  “Kijk, Han”, zei de Irak-veteraan, “De PVV heeft een geweldige overwinning behaald. Je hebt vast wel gelijk, als je zegt dat het haast nooit zal voorkomen dat een rechter een minimumstraf móet opleggen. Het gaat om het principe. Het principe van minimumstraffen is in Nederland aanvaard. Dat is een ommekeer”.
Hij had gelijk. Het nieuwe kabinet was geen schaap in wolfskleren. Die taal deed er wel degelijk toe. Uit de tekst van regeer- en gedoogakkoord rezen de tinnen en transen op van een vesting Holland waarin Nederland zich had opgesloten. Aan de deur werd  wel gekocht, maar buiten wemelde het van de gevaarlijke types die zonder tegenprestatie wilden aanschuiven bij de vleespotten van Egypte, zoals je het als bijbelgetrouw lid van de joods-christelijke beschaving misschien zou kunnen formuleren. C’est le ton qui fait la musique in de taal die niet meer gekend hoeft te worden op het eindexamen. Het gaat niet om de praktijk. De taal maakt Nederland tot een vesting met dichte deuren.

Daarom dreigt Nederland zich wél van zijn omgeving te isoleren. Daarom gaan wij als samenleving wél kansen missen en daarom is het voorstelbaar dat we met zijn allen op een vals plat naar beneden terecht komen net als na 1700, toen zoals bekend de eeuw van verval aanbrak.

Geen zinnig mensen wil open grenzen voor iedereen uit de wereld. Mark Rutte heeft gelijk als hij zegt, dat er voor kansloze buitenstaanders in onze samenleving geen plaats kan zijn, al was het alleen maar omdat we hen inderdaad geen perspectief kunnen bieden en zij dus hun tijd en hun investering verknoeien. Toch kun je dat omkleden met een heel ander vertoog, een vertoog dat Nederland  niet afsluit van de omgeving maar juist openingen biedt. Dus niet: de sluizen open zet, maar openingen biedt.

Bijvoorbeeld het volgende vertoog:

Wij leven in een tijd van globalisering. We raken in ons werk en in onze persoonlijke relaties steeds meer wereldwijd verknoopt. De tijden zijn voorbij dat hele families met opa’s, oma’s ooms en tantes in hetzelfde dorp wonen of in dezelfde buurt, zoals in de jaren vijftig van de vorige eeuw nog gewoon was. Die families zijn over het hele land en soms  over de hele wereld verspreid geraakt, als ome Koos met vrouw en kinderen naar Nieuw Zeeland vertrok. Daarnaast heeft immigratie van gastareiders er de afgelopen halve eeuw met name voor gezorgd, dat Nederland een zeer groot aantal families kent die ook over een of meer andere landen verspreid zijn. Ze zitten tegelijkertijd in Amsterdam en Tetouan of in Bimre (Bijlmermeer) en Nieuw Nickerie, of in Cape Coast en Haarlem, in Kudelstaarten Kayseri of in Sao Paulo en Schiebroek.

Het komend kabinet ziet dat blijkens het regeer- en het gedoogakkoord als een bedreiging. Dat mensen wortels hebben in verschillende delen van de wereld, dat zij daar gelieven hebben, wordt beschouwd als ondermijning van onze samenleving. Er worden dan ook tal van maatregelen afgekondigd om internationale  familierelaties te frustreren en om het creëren van nieuwe familiebanden te voorkomen. Je moet kiezen: het is of Tietjerksteradeel of Cruz da Malta, maar niet allebei. Dat is schadelijk voor ons land, want via die banden kunnen wij hier achter de dijken onze welvaart en ons welzijn versterken. Nederland is nu al de tweede investeerder in Turkije en dat komt door die familiebanden. Zo worden steeds meer relaties geschapen met een ondanks de crisis sterk groeiende economie aan de Bosportus. Daar moeten we het in deze tijd van hebben. Niet van hard dichtknallende deuren.

Je zou die familiebanden niet als een bedreiging moeten zien, maar als een kans. Waarom is de  ontwikkelingshulp haast nooit gericht op arme landen waar veel Nederlanders familie hebben? Is dat niet raar? Het hemd is nader dan de rok en dan Nederland helpt juist bij de opbouw van landen waar onze burgers veel verwanten hebben. Je kunt je voorstellen dat er om zo te zeggen grensoverschrijdende familiebedrijven ontstaan en dat de Nederlandse regering dat ondersteunt, bijvoorbeeld met fiscale maatregelen. Dat is wellicht een effectiever antwoord op de wens tot gezinshereniging dan het instellen van allerlei verboden of het verzinnen van kostbare verplichtingen zoals een duur inburgeringsexamen al dan niet met borgsom. Je moet dan niet moeilijk willen doen rond het meenemen van kinderbijslag, AOW en andere uitkeringen die geen overbruggingsfunctie hebben naar het vinden van betaald werk. Waar iemand zijn geld besteedt, is geen overheidszaak en als een immigrant investeert in het land van herkomst is dat alleen maar goed. Daar zal ook onze samenleving van profiteren, want Nederland bestaat van de export en van internationale dienstverlening. Waarom doet de Nederlandse exportbevordering eigenlijk niets met die internationale familiebanden? Waarom ziet het nieuwe superministerie daar geen goudmijn in?

Tegelijk moeten wij afleren te denken in emigratie en immigratie. Wie vertrekt, gaat niet meer met een boot naar Halifax om vervolgens door te reizen naar British Columbia waarna het contact beperkt blijft tot een brief met kerstmis en een enkel zwart-wit-fotootje. Dankzij internet en skype blijf je zelfs aan de Noordpool nog een beetje thuis. En steeds vaker betekent migratie van het ene land naar het andere gaan en vooral ook heen en weer reizen. Allemaal in het kader van werk, geld verdienen, carriere maken en ondernemerschap. Steeds meer Nederlanders zijn wereldburgers geworden. Die moet je – om het ambtelijk te zeggen – faciliteren en niet tegenwerken.

Uit deze regels rijst net als iuit regeer-en gedoogakkoord net zo goed een groot gebouw op: het is niet de vesting Holland, maar de shopping mall Holland.

Daar staan ook allerlei kleerkasten voor de deur om iedereen buiten te houden die weinig goeds in de zin heeft. Hoe geven we dit in de praktijk vorm? Hoe zorgen we er voor dat de samenleving nuttig gebruik maakt van die internationale familiebanden, terwijl we aan de nadelen ontkomen? Hoe scheppen wij  een beleid van openheid, terwijl we tegelijkertijd wat kansloos is tijdig tegenhouden? Dat zijn de vragen die een land zich zou stellen, dat écht toekomstgericht was.

De opstelling van de gedoogcoalitie is niet meer van deze tijd met de sombere burcht die op het fundament van haar strenge taal wordt opgemetseld. Achter die muren zullen wij ons gevoel voor de wereld kwijtraken. Shopping Mall Holland zal ons leven meer Schwung geven. In Vesting Holland zullen wij verkommeren.


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (25)