1.276
79

ex-voorzitter Jonge Democraten

Thomas Bakker (23) was van oktober 2009 tot oktober 2010 voorzitter van de Jonge Democraten (JD), de politieke jongerenorganisatie gelieerd aan D66.Nog altijd zet hij zich binnen en buiten de JD in voor het voorkomen van een kloof tussen jong en oud als gevolg van de vergrijzing. Thomas groeide op in Alkmaar. Hij ronde daar zijn vwo af aan de o.s.g. Willem Blaeu, nadat hij eerst drie jaar op het Murmellius Gymnasium had gezeten. Momenteel woont hij in Utrecht waar hij bestuurs- en organisatiewetenschap studeert aan de Universiteit Utrecht.

Vier de Republiek

Het opgedrongen staatshoofd moet plaats maken voor iemand met een mandaat vanuit de samenleving

Door Thomas Bakker en Jolien van Hooff

Vandaag vieren vele Nederlanders de monarchie. Wat ons betreft doen we dat dit jaar voor de laatste keer. Zowel de machtspositie als de symbolische waarde van de Koning zijn onverenigbaar met democratische uitgangspunten respectievelijk de pluriforme samenleving. Daarom dient de monarchie omgevormd te worden tot een moderne republiek.

Doordat de Koningin in de huidige constitutionele monarchie deel uitmaakt van de regering heeft zij op verschillende manieren de mogelijkheid om macht uit te oefenen. Naast de grote rol in de kabinetsformatie ondertekent zij nieuwe wetten, stelt zij burgemeesters en commissarissen van de Koning(in) aan, iszij voorzitter van de Raad van State en draagt zij de verantwoordelijkheid voor het ontslaan en het aanstellen van het Kabinet. Vaak wordt beweerd dat de invloed van de Koningin in deze zaken nihil is; in praktijk beslissen gemeenteraden wie hun burgemeester wordt en volgt na het opzeggen van het vertrouwen in het Kabinet door de Tweede Kamer het ontslag. Als de koningin in de praktijk daadwerkelijk geen enkele invloed heeft, is er ook geen reden om haar nog langer deel uit te laten maken van de regering.

Door gebrek aan transparantie is het net zo goed mogelijk dat de Koningin wel degelijk invloed uitoefent in de uitvoering van bovenstaande bevoegdheden en functies, welke van groot belang zijn voor het landsbestuur. Wellicht is Koningin Beatrix in staat om deze taken en functies op adequate wijze vervullen. Het is echter onterecht dat zij hiervoor geen verantwoording schuldig is aan de samenleving. Immers, in een democratie worden machthebbers door het volk afgerekend op hun daden. Wie anders is geëigend te bepalen of het staatshoofd haar werk al dan niet goed doet?

Veelal wordt de ministeriele verantwoordelijkheid genoemd als instrument dat controle op het handelen van de Koningin alsnog mogelijk maakt. Dat is onterecht, omdat deze regel gepaard gaat met de erecode dat alles wat de Koningin met anderen bespreekt vertrouwelijk is. Hierdoor is controle via ministers op het handelen van de Koning de facto onmogelijk. Bovendien wordt tijdens de (in)formatie de ministeriële verantwoordelijkheid door niemand gedragen, omdat er op dat moment geen missionaire ministers zijn.

Zelfs indien wel vastgesteld kan worden dat de huidige Koningin haar functie naar behoren vervult, dan is er nog steeds geen enkele garantie dat voor haar troonopvolgers hetzelfde zal gelden. Door de selectie van het staatshoofd over te laten aan het toeval van de erfelijkheid zou de invulling van dit ambt in de toekomst weleens veel slechter kunnen uitpakken. Het huidige staatsrecht biedt dan geen mogelijkheid om in te grijpen.

De steun voor het standpunt dat de Koningin onterecht deel uitmaakt van de regering lijkt binnenkort te kunnen rekenen op een meerderheid in de Tweede Kamer. Een ceremoniële monarchie zou ontegenzeggelijk een grote stap voorwaarts zijn. Toch kleven ook aan een ceremoniële invulling van het koningschap onoverkomelijke bezwaren.

Niet anders dan bij de huidige invulling van het koningschap zullen ook aan een ceremoniële Koning hoge eisen gesteld worden. Wederom doemt het bezwaar op dat erfelijkheid een slecht selectiecriterium is dat bovendien 16 miljoen andere Nederlanders de kans op deze functie ontneemt. Als het koningshuis behouden dient te blijven vanwege de grote symbolische waarde is het wrang dat dit instituut zich laat kenmerken door het principe dat afkomst bepalend is voor je toekomst. Het staatshoofd van een moderne democratie zou daarom ook zelf een product van democratische en meritocratische waarden moeten zijn.

Bovenal symboliseert de Koning een gevoel Nationale eenheid. Dat onder grote delen van de samenleving een verlangen bestaat naar een overzichtelijke, homogene samenleving bewijst onder meer het succes van een beweging als de PVV. Echter, dat er niet zoiets bestaat als één Nederlandse identiteit wist nota bene troonopvolger Maxima al na enkele jaren verblijf in haar toekomstige koninkrijk.

Het verzet tegen een samenleving die in toenemende mate pluriform en geïndividualiseerd is, vormt een achterhoedegevecht. Een passende omgang met de problemen die gepaard gaan met de gevolgen van deze ontwikkelingen is zonder twijfel van groot belang. De oplossing is echter niet de verheerlijking van het Nederlanderschap middels het behoud van het Koningshuis. Immers, dat iemand Nederlander is, is geen verdienste, maar berust op de toevalligheid van de geboorteplaats.

Het aan ons opgedrongen staatshoofd moet plaats maken voor iemand met een mandaat vanuit de samenleving. De machtspositie van dit staatshoofd behoort expliciet en transparant te zijn, zodat het onder controle kan staan van de bevolking. Het staatshoofd heeft anders dan in de ceremoniële monarchie geen symbolische functie, maar kent een primaire taak van politieke aard. Wat ons betreft vormen we de monarchie volgend jaar op 30 april om tot een republiek. Dan kunnen we het volksfeest op deze dag behouden ter viering van onze nieuwe staatsbestel.

Geef een reactie

Laatste reacties (79)