681
14

Directeur Compassion In World Farming

Geert Laugs is directeur van Compassion In World Farming (CIWF), een internationale organisatie die opkomt voor het welzijn van landbouwdieren

Vogelgriep vraagt om nieuwe aanpak

Er is weer vogelgriep in ons land. Het virus verandert snel en wordt steeds besmettelijker. Daarom is een nieuwe aanpak nodig, voor de veiligheid van dieren en mensen

Wat valt op aan de nieuwe uitbraak vorige week in Biddinghuizen? Allereerst de slachtoffers. Als we de media mogen geloven zijn dat in de eerste plaats de boeren. Maar hoe zit het dan met de 16.000 besmette eenden? Zij hebben immers vroegtijdig het loodje gelegd, gestikt door een scherp, dodelijk gas. Te gemakkelijk nemen we deze ramp voor de dieren voor lief als een onafwendbare maatregel. En dan hebben we het nog niet over de circa 5 miljoen kippen die nu opgehokt worden. Zij blijven mogelijk wéér maandenlang in de stal, verstoken van zonlicht, frisse lucht en de mogelijkheid om buiten te scharrelen.

vogelgriep
cc-foto: ekenitr

Ophokken hielp niet
Al weken voor de nieuwste uitbraak van vogelgriep drongen de voorlieden van de pluimveehouders in Nederland aan op het instellen van een landelijke ophokplicht, om insleep van vogelgriep te voorkomen. De eenden die nu in Biddinghuizen zijn besmet en gedood, zouden daar overigens weinig aan gehad hebben: zij zaten al binnen, net als de meeste andere vogels die de afgelopen jaren in Nederland door vogelgriep werden getroffen. Met andere woorden: terwijl bekend was dat de dieren in de sector met het hoogste risico (de eendenhouderij) altijd binnen zitten, drongen de boeren dus aan op een ophokplicht! Zouden verscherpte hygiënische maatregelen in de eendenhouderij niet eerder voor de hand hebben gelegen?

Verbijsterend onverantwoord
Sinds de macabere ontdekking van het H5N6 virus in Biddinghuizen zijn er extra hygiënevoorschriften voor de eendenhouderij van kracht, een mooi voorbeeld van een put die gedempt wordt nadat het kalf verdronken is. Eén van de maatregelen in het noodplan is het afdekken van strooisel dat buiten de stal bewaard wordt en naar binnen wordt gebracht voor de eenden. Maar waarom is het nodig dit expliciet in een noodmaatregel te noemen? Moeten we aannemen dat strooisel voor de eenden open en bloot naast de stal ligt, terwijl men inmiddels weet dat wilde vogels laag- en hoogpathogene virussen kunnen verspreiden? Als dát waar is lijkt het me verbijsterend onverantwoord, én potentieel levensgevaarlijk.

Geen natuurramp
Want dan zijn we aanbeland bij het virus. Hoewel het vogelgriepvirus door trekvogels kan worden overgebracht is het zeker geen natuurverschijnsel dat, als ware het onweer, kwetsbare boeren en kippen treft. De virussen die de laatste jaren in Nederland zijn aangetroffen stammen allemaal af van het H5N1 virus dat begin deze eeuw honderden doden veroorzaakte in Azië. Gelukkig zijn de virussen hier (nog) niet dodelijk voor mensen, maar dat kan veranderen. We weten immers dat virussen in de volle stallen van de vee-industrie zich razendsnel kunnen ontwikkelen van relatief onschuldig tot bijna direct dodelijk voor vogels. De Amerikaanse bioloog Rob Wallace, adviseur van het Amerikaanse Institute for Agriculture and Trade Policy, spreekt van een toenemende dreiging dat het vogelgriepvirus zich tot een gevaar voor mensen ontwikkelt en wijst er op dat H5N6 in Azië al bij mensen is aangetroffen.

Systeemfout oplossen
Het is daarom de hoogste tijd dat er maatregelen genomen worden die de verspreiding van vogelgriep daadwerkelijk tegengaan. Een onmiddelijke landelijke ophokplicht komt daadkrachtig over, maar is een drama voor de boeren en de kippen in de gebieden met een laag risico. Het is dan ook goed dat landbouwminister Carola Schouten eerder deze maand welwillend leek te staan tegenover een meer regionale aanpak. Hopelijk brengt de huidige crisis haar daar niet van af.
Tegelijkertijd zijn krachtige en blijvende maatregelen nodig om te voorkomen dat de eendenhouderij een open deur voor vogelgriep blijft. Verplaatsing van bedrijven naar veiligere en drogere streken mag zeker niet worden uitgesloten. Dat is dan tevens een mooie gelegenheid een begin te maken met het aanpakken van de systeemfout in de pluimveehouderij. De dichte en overvolle stallen met kwetsbare, doorgefokte en genetisch bijna identieke dieren zijn een snelkookpan voor dierziekten. Dit systeem moet dringend worden vervangen door een minder kwetsbare, diervriendelijkere en duurzame veehouderij.

Geef een reactie

Laatste reacties (14)