1.577
3

Journalist - Onderzoeker

Volt-bestuurders zijn zo druk hun partij te managen dat ze de leden vergeten

De Volt-files: rara hoe kan Volt in een stad vol ambtenaren geen kandidaten vinden?

cc-foto: djedj

In maart doet Volt mee aan de gemeenteraadsverkiezingen. Vorige maand kondigde de partij aan in 25 gemeenten mee te doen, maar dat blijkt overmoedig. Inmiddels zijn er nog maar zeventien plaatsen over. Volt komt in ieder geval in Alkmaar, Amersfoort, Den Haag, Haarlem, Tilburg, Veere, Vlissingen en Wageningen niet op het stembiljet: er zijn te weinig kandidaten. Vooral Den Haag is opvallend: een grote stad waar veel ambtenaren en andere politiek geïnteresseerden wonen. Hoe is dit mogelijk?

Deze vraag brandt sinds kort op de lippen van de Haagse Volt-leden. Er is interne onrust en deze is langzaam ook doorgedrongen tot de partijtop. Daarom is er dinsdagavond een online uithuilsessie, waarbij zo’n 25 leden aanwezig zijn. De zaak ligt gevoelig: de lokale voorzitters van de afdeling worden vergezeld door maar liefst twee landelijk bestuursleden en de landelijk coördinator voor de gemeenteraadsverkiezingen. Het suggereert dat er hier in Den Haag iets fors mis is gegaan en dat er wat uit te leggen valt.

We horen de lokale en landelijke bestuurders vertellen hoe lastig het besluit is geweest. Er is intern heel uitgebreid over de zaak gesproken en het besluit om niet mee te doen is heel weloverwogen genomen. De leden moeten goed begrijpen dat de bestuurders niet over één nacht ijs zijn gegaan. Wel zijn ze vergeten ‘de leden mee te nemen’ en daarom kwam het besluit ‘rauw op hun dak vallen’. ‘De informatie had beter gekund’, klinkt het. Uit alles blijkt dat de bestuurders simpelweg waren vergeten dat er ook nog leden zijn.

Een moedig besluit
Een landelijk bestuurder vertelt met veel omhalen hoe moedig het is van de afdeling om niet mee te doen. Ook landelijk is dit voor Volt een bittere pil, want juist deze gemeente stond hoog op het verlanglijstje. Laurens Dassen kan nu in maart niet op zijn eigen partij stemmen. De bestuurders voorzien de onrust vakkundig van een nieuw frame: fijn dat iedereen zo betrokken is bij de partij, nu kunnen we samen lessen trekken voor de toekomst en zo zal Volt echt impact hebben. Alleen voorlopig even niet.

De organisatie van Volt is erg bedrijfsmatig. Er zijn volop ideeën uit managementboeken over hoe alles aangepakt moet worden. Voor werkelijk alles bestaat een stroomschema en een planning. De Haagse afdeling wilde acht kandidaten voor de gemeenteraad, die moesten allemaal aan een bepaald profiel voldoen, er was een planning met strikte deadlines die coûte-que-coûte gehaald moesten worden en daar was ontzettend goed over nagedacht. Flexibiliteit was er niet, ook niet toen bleek dat de aanmeldingen tegenvielen.

Volt wil kandidatenlijsten met een gelijk aantal mannen en niet-mannen, zoals de partij dat noemt. Dat is vastgelegd in de statuten omdat het een kernwaarde is, legt een landelijk bestuurder uit. De overeenkomst met merkwaarden van grote bedrijven is niet te missen. Volt kan niet van de kernwaarden afwijken want dan neemt de partij zichzelf niet serieus. Er waren weliswaar tien aanmeldingen, maar slechts twee van vrouwen. Het bestuur gaat nu expertise over diversiteit invliegen om dit probleem de wereld uit te helpen.

Leden als sluitstuk
Bij deze bedrijfsmatige aanpak doen leden er niet toe. Die zijn er in het bedrijfsleven immers ook niet. Pas na het afzeggen van de verkiezingsdeelname merkt de partij dat de leden ook nog bestaan. Een lid stelt deze avond meteen de vraag der vragen: waarom zijn de leden niet op de hoogte gesteld van het kandidatentekort, zodat ze mee konden zoeken? Waarom is de deadline niet uitgesteld? Kan het besluit nog teruggedraaid worden? Waarom is niet om instemming van de leden gevraagd?

Hier botst Volts managementaanpak met de politieke wereld die niet draait om stroomschema’s, functieprofielen en planningen, maar om idealisme, enthousiasme en vrijwilligerswerk. Leden kunnen niet helpen bij de werving omdat men landelijk ‘coördinatie’ wil. Op het laatste moment kunnen kandidaten niet gevraagd worden, omdat het bestuur heeft bedacht dat je niet in een paar dagen kunt besluiten of je kandidaat voor de gemeenteraad wilt zijn. Een lid merkt terecht op dat veel ambtenaren dat bij uitstek wel kunnen.

Het bestuur vond een ledenvergadering niet nodig, want het was henzelf al duidelijk dat deelname niet mogelijk was. Hulp van leden is niet eens overwogen. Het besluit terugdraaien kan ook niet meer want dan loopt de centrale planning in de soep. De lokale voorzitter vindt het wel ‘een leermoment’ dat de leden ook informatie moeten krijgen. Het woord inspraak valt echter nergens. Zo blijft het in nevelen gehuld wat de Volt-bestuurders precies van de Haagse mislukking hebben geleerd.

Een pleister op de wond: de Haagse Volt-leden kunnen zich de komende tijd opgeven voor flyeracties. De bestuurders denken dat zo alsnog ‘een grassroots beweging’ zal ontstaan.


Laatste publicatie van Chris Aalberts

  • De Partij Dat Ben Ik

    De politieke beweging van Thierry Baudet

    2020


Geef een reactie

Laatste reacties (3)