1.484
77

Medewerker Wetensch. Bureau GroenLinks

Katinka Eikelenboom (1982) is medewerker van Bureau de Helling, het wetenschappelijk bureau van GroenLinks. Ze studeerde Politicologie aan de Universiteit van Amsterdam en de University of Sussex. Daarna volgde ze een twee-jarige Master in International Affairs aan the New School in New York en liep ze drie maanden stage bij een onderzoeksinstituut in de Dominicaanse Republiek. Eikelenboom werkte vervolgens als assistant-editor bij het Ethics & International Affairs Journal en als beleidsadviseur bij de Vereniging van Universiteiten (VSNU). Bij Bureau de Helling werkte ze mee aan verschillende publicaties, zoals Banen of barbecues? Kanaleneiland als case study van het wijkbeleid (2009), GroenLinks regeert (2009) en Vrijzinnig paternalisme. Naar een groen en links beschavingsproject (2011). Zij schreef als secretaris van de programmacommissie mee aan het GroenLinks-verkiezingsprogramma 2010.

Voorkom segregatie, zet jonge kinderen bij elkaar

Peuters en kleuters met achterstanden leren meer als ze samen met kinderen zonder achterstand in een groep zitten

Het fenomeen zwarte en witte scholen is bekend, maar segregatie treedt al op onder peuters. Kinderen van migranten en laagopgeleide autochtonen gaan naar de voorschool, kinderen van hoger opgeleide tweeverdieners naar de kinderopvang. Waarom kiezen we er niet voor om onze kinderen samen te laten opgroeien, spelen en ontwikkelen?

Vorige week was het dan zover. Mijn vriend en ik togen met onze baby naar een kinderdagverblijf in de buurt. Er werken zowel jonge als oudere vrouwen, met en zonder hoofddoek.

De Oosterparkbuurt is een gemengde wijk. Minder dan de helft van de bewoners is ‘autochtoon’. Maar in tegenstelling tot het personeel zijn haast alle kindjes die we rond zien kruipen en rennen wit. Waar zijn de kinderen van mijn Marokkaanse, Surinaamse, Turkse en Antilliaanse buren?

Grote kans dat Yassine, Shayenne en Ahmet naar de voorschool of peuterspeelzaal gaan. Daar leren ze de Nederlandse taal, die ze niet altijd van huis uit hebben meegekregen. In het regeerakkoord van kabinet-Rutte staat zelfs dat peuters met taalachterstanden met dwang en drang naar de voorschool moeten. Maar keer op keer blijken voorscholen maar weinig effectief in het tegengaan van achterstanden.

Onderzoekers van de Universiteit Utrecht concluderen dat niet óf peuters naar de voorschool gaan hun ontwikkeling bepaalt, maar de kwaliteiten van de leidster. Leidsters met voldoende pedagogische competenties zullen ontwikkeling stimuleren, of ze nu te maken hebben met achterstandskinderen of niet. Helaas is de kwaliteit van de pedagogisch medewerkers veelal onder de maat.

Een andere opvallende en tegelijkertijd voor de hand liggende conclusie van de onderzoekers is dat peuters en kleuters met achterstanden meer leren als ze samen met kinderen zonder achterstand in een groep zitten. Jammer genoeg zijn gemengde groepen eerder uitzondering dan de norm. Zie de situatie in mijn wijk. Dat is niet nodig.Om de vroege ontwikkeling te stimuleren heb je geen aparte voorschoolse programma’s nodig, maar een uitdagende en veilige omgeving, waar kinderen kunnen spelen, fantaseren en praten, in kleine groepen, onder begeleiding van goed opgeleide mensen. Als aan deze voorwaarden wordt voldaan, kunnen peuterspeelzalen, voorscholen en kinderdagverblijven worden samengevoegd. Zulke centra zijn een oplossing voor de huidige segregatie onder jonge kinderen en een uitkomst voor gemeenten waar voorschoolse voorzieningen moeilijk van de grond komen omdat er te weinig doelgroepkinderen wonen.

En ja, dat kost geld. Maar het is eveneens een uitstekende overheidsinvestering. Uit onderzoek blijkt telkens weer dat vooral peuters uit sociaal-economische achterstandsgezinnen baat hebben bij deelname aan vroegkinderlijke voorzieningen.

De Amerikaanse Nobelprijs winnende econoom James Heckman rekende uit dat de opbrengst van het ‘Perry Preschool Program’ neerkwam op zo’n 145.000 dollar per kind. De peuters die hadden meegedaan aan het programma bleken op hun veertigste veel meer te verdienen en dus meer belasting te betalen, minder uitkeringen te ontvangen en minder vaak crimineel gedrag te vertonen. Maar om dat te bereiken moet je dus wel eerst investeren in de kwaliteit, vooral die van de leidsters.

Met kwalitatief hoogstaande kindcentra, waar mijn kind zich samen met de buurtkinderen spelenderwijs kan ontwikkelen onder begeleiding van pedagogische toppers, voorkom je niet alleen achterstanden, maar smoor je gelijk segregatie in de kiem.

Dit artikel is eerder verschenen in Trouw

Geef een reactie

Laatste reacties (77)