1.234
46

Journalist

Brenda Stoter is geboren en getogen in Rotterdam. Sinds 2010 is ze als freelancer werkzaam in de journalistiek en schrijft ze voornamelijk voor het AD, stichtingen en bedrijven. Eerder schreef ze artikelen voor de Elsevier, Roest, HP/De Tijd, stichting Music Matters en werkte ze mee aan het Hoofdboek. Ze is gespecialiseerd in de multiculturele samenleving, jongerencultuur, Rotterdam, Egypte en Rwanda.

Vrede op het spel in de koude oorlog tussen Egypte en Israël

'Niet met die Israëliër praten hoor, dat is een spion.'

De spanningen tussen Egypte en Israël lopen op. Egyptenaren bestormden afgelopen weekend de Israëlische ambassade in Caïro. Er vielen drie doden en duizenden gewonden. Hiermee is het de meest bloederige opstand sinds de revolutie in januari. Officieel is er sinds 1979 vrede met Israël, maar of dat lang gaat duren, is nog maar de vraag.

De laatste weken liepen de spanningen tussen Israël en Egypte hoog op nadat Israël vorige maand in de Sinaï, het Egyptische schiereiland naast Israël en de Gazastrook, vijf Egyptische politieagenten dood schoot. Volgens Israël was dit een ongeluk, ze zagen de officieren aan voor infiltranten. Het land weigerde dan ook excuses aan te bieden, wat bij de Egyptenaren in het verkeerde keelgat schoot.

De geschiedenis in een notendop. Met het tekenen van het vredesakkoord in 1979 kwam er een einde aan diverse oorlogen. Voor het verdrag nam Egypte een aantal keren deel aan de aanvallen op Israël. De Gazastrook viel jaren onder het Egyptische militaire bestuur, in 1967 kreeg Israël het, terwijl er inmiddels honderdduizenden Arabisch-Palestijnse vluchtelingen woonden. In 1979 werd de Sinaïwoestijn aan Egypte teruggeven. Mubarak, die in 1981 president werd, onderhield jarenlang goede contacten met Israël.

Een moeizame geschiedenis waar iedereen wel een mening over heeft. Tegenwoordig leeft er in Egypte veel haat tegen Israël. Onder de arme bevolking, maar ook zeker onder de middenstanders en de hogere klasse. De spanning die dit weekend tot uitbarsting kwam, kan vergeleken worden met een bijna volle emmer. Op gegeven moment stroomt het over. Na tientallen jaren.

Toen ik vorig jaar september in Egypte was, merkte ik weinig van de haat ten opzichte van Israël. Het zal er vast wel zijn geweest, maar er werd amper over gesproken. Na de revolutie, toen Mubarak al een aantal maanden weg was, viel het mij op dat steeds meer Egyptenaren openlijk een anti-Israëlische houding aannamen. Vooral in het grensgebied, de Sinaï, kwam dit tot uiting. In de bedoeïenenkampen komen Israëliërs en Egyptenaren met elkaar in aanraking. Hoewel het tijdens mijn verblijf niet tot geweld kwam, was het duidelijk dat de Egyptenaren niets van de Israëliërs moesten hebben. Een koude vrede, zoals de NOS de kwestie het afgelopen weekend noemde.

“Kijk uit hoor, dat is een spion”, hoor ik een Egyptenaar tegen zijn vriend zeggen, die toevallig met een Israëlische vrouw aan het praten is. Direct trekt de vriend zich terug. “Alle Israëliërs zijn spionnen, je moet ze nooit vertellen wat voor werk je doet en hoe ons land ervoor staat.” Toen ik vroeg waarom ze de Israëliërs niet vertrouwden, werd ik met een korte zin afgewimpeld. “Stiekem spelen ze alle informatie door, het is een schijnheilig volk.” Het zou niet de laatste keer zijn dat zulke zinnen me om de oren vlogen. In de maand dat ik in Egypte verbleef, kwam ik constant in aanraking met de anti-Israëlische houding van de Egyptenaren. Ook werd de Sinaï soms vermeden omdat men het niet vertrouwde. Gaandeweg werd duidelijk waar dit vandaan kwam.

Egyptenaren voelen veel sympathie voor de Palestijnen, die door de Israëliërs onderdrukt worden. Volgens hen komt Israël overal mee weg, staat het westen aan de kant van de Israëliërs en is er in het westen amper aandacht voor het lijden van de Palestijnen. Ook voelen ze zich, door het geloof en achtergrond, meer verwant met dit volk. “Israël bespeelt de media en liegt over de verschrikkelijke dingen die ze de Palestijnen aandoen. Als er één Israëliër om het leven komt, staat iedereen op scherp. Wanneer dit bij tien Palestijnse kinderen gebeurt, hoor je er niets over”, vindt de 23-jarige Egyptenaar Aleed, die ook diverse complottheorieën op internet bespreekt. “Wij weten veel minder dan we te horen krijgen.”

Dit hebben hij en zijn vrienden altijd al gevonden, alleen werd er onder Mubarak niet vrij over gesproken. Nu hij weg is kan dat wel, vinden de jonge Egyptenaren. Afgelopen week riepen de demonstranten ‘Weg met Israël’ naar aanleiding van de dood van de Egyptische agenten. Sinds het vertrek van Mubarak vinden veel Egyptenaren dat het vredesverdrag opgeheven moet worden. Dat Mubarak goede contacten met Isaël onderhield, wil niet zeggen dat de bevolking dat ook verlangt. Israël begint op de zenuwen van de Egyptenaren te werken. Ze hebben geen goed woord over voor de Israëliërs.

Volgens de berichtgeving in de media was onvrede de dieperliggende oorzaak van de recente aanval op de ambassade. Veel demonstranten wonen in de mindere wijken van Caïro. Dezelfde dag nog hadden ze geprotesteerd tegen de trage veranderingen onder het militaire regime. Toen zij de ambassade aanvielen, deed de politie volgens ooggetuigen uren later pas iets.

De vrede tussen de twee landen staat nu op het spel. Volgens de Egyptische minister van Communicatie, Osama Heikal, heeft het incident niets te maken met de revolutie. Persoonlijk denk ik dat de trage opbouw en de onvrede over Israël elkaar versterken. Na Mubarak komt dit meer naar boven. Dat het slechts te maken heeft met de ontevredenheid over de trage veranderingen, is kort door de bocht. Er speelt veel meer mee, dit is niet zomaar een incident. Net als in het conflict tussen Israël en Palestina, heeft dit een geschiedenis die nog lang niet ten einde is.

Dit artikel verscheen eerder op de website van Brenda Stoter Boscolo

Geef een reactie

Laatste reacties (46)