489
3

Docent en publicist

Pascal Cuijpers is docent beeldende vorming en faalangstreductietrainer op een middelbare school. Daarnaast is hij publicist en auteur. Hij schrijft op vaste basis columns en opiniestukken over onderwijs en de maatschappij voor o.a. de Nationale Onderwijsgids, HetKind en Joop. Tevens verschijnen zijn artikelen regelmatig in diverse landelijke dagbladen en onderwijsmagazines. Van zijn hand verschenen eerder de educatieve scheurbundel '200 Dagen School & Scheuren!' en de onderwijsbundels 'Leraren hebben meer vakantie dan mensen die werken' - inmiddels vierde druk - en 'Leraren zijn net echte mensen' (per 1 september 2017). Allen bij uitgeverij Quirijn.

Waardevolle en waardeloze beperkingen

Zolang mensen zich maar houden aan de wet, moeten er veel mogelijkheden zijn om uit te kunnen groeien tot autonoom mens

Voordat ik aan dit stuk begon raadpleegde ik eerst Google, voor het zoeken van achtergrondinformatie. Nadat ik ‘mag niet’ intypte, verscheen als eerste treffer de link van het digitale puzzelwoordenboek. Daar las ik het meest voor de hand liggende synoniem van de kreet ‘mag niet’, geschreven in kapitalen: FOEI. Ondanks deze korte maar heldere uitleg, voelde ik me enigszins betrapt en lichtelijk schuldig. Kwam het door de lading van het woord? De mogelijke associaties die het bij me opriep? Of door het lettertype geschreven in CAPSLOCK-letters, dat een klaarblijkelijk doodnormaal woord van een schreeuwerige dwang leek te voorzien? In elk geval paste de boodschap bij het opgezochte begrip: mag niet = FOEI.

Lijstje
De reden waarom ik deze term opzocht op Google was een tweet die ik onlangs voorbij zag komen. In die bewuste tweet beschreef PVV senator René Dercksen daadkrachtig wat er tegenwoordig allemaal ‘niet meer mag’. Dit resulteerde in een lijstje waar ik me als geboren en getogen Nederlander een beetje voor schaam en welke aangeeft dat we ons vooral druk maken over zaken die in de betrekkelijke marge van het leven spelen en waar we enigszins of wellicht daadwerkelijk stelling in nemen om uiteindelijk te kunnen zeggen: dat mag niet (meer)! FOEI!

kerstboomEnkele voorbeelden die hij benoemt zijn aantoonbaar discutabel, oftewel in elk geval objectief qua uitleg: vlees eten mag niet (meer) (want: dierenleed, onnodig watergebruik, belastend), plastic mag niet (meer) (want: milieubelastend), vliegen mag niet (meer) (want: zeer milieubelastend), autorijden mag ook niet (meer) (want: zeer milieubelastend). Daarna volgden gevoeligere zaken die reeds veel discussie teweegbrachten in, met name, de subjectiviteit van de social media-krochten en soms zelfs reikten tot het Journaal. Zoals: Zwarte Piet mag niet (meer) (want: racistisch), Kerstboom mag niet (meer) (want: kwetsend voor mensen die geloven in andere geloven dan het rooms katholieke geloof, geloof ik), blanke vla mag niet (meer) (want: racistische connotatie), jongens- en meisjeskleding mag niet (meer) (want: we groeien naar een genderneutrale samenleving toe, dus roze kan ook voor jongens zijn), heren/damestoilet mag niet (meer) (want: we groeien naar een genderneutrale samenleving toe en een pot is een pot, ongeacht of je daar nu voor staat of op zit).

Het moge duidelijk zijn dat het niet bleef bij deze tweet. Een dag en negentien uur later was zijn ‘mag niet-tweet’ reeds 740 keer geretweet, 1317 keer geliket en hadden 165 mensen de moeite genomen om erop te reageren, al dan niet met voorbeelden van wat er verder nog meer allemaal niet mag tegenwoordig, al dan niet voorzien van de nodige hilariteit en creativiteit.

Het hoge ‘FOEI-gehalte’ in dit berichtje was blijkbaar voor velen de aanleiding geweest om hun sympathie te uiten en de herkenbaarheid van de inhoud te delen. Dat er tegenwoordig veel niet (meer) mag, werd in één oogopslag inzichtelijk. En alhoewel de FOEI-tweet hoogstwaarschijnlijk sarcastisch was bedoeld, was het een eyeopener voor iedereen die weleens, waar dan ook en met wie dan ook, het debat aangaat over onder andere bovengenoemde zaken. En ergens waar luid ‘DAT MAG NIET’ wordt geroepen, daar zal onherroepelijk een tegenbeweging ontstaan die zich keert tegen datgene dat zogenaamd niet zou mogen. Iets wat zorgt voor nieuwe inzichten maar tevens ook voor opstandigheid, nonchalance en beperkingen.

onderwijsDat iedereen in meer of mindere mate bekend is met de ‘FOEI-term’, komt voort uit de opvoeding en het onderwijs dat we hebben genoten. Als pasgeboren, nieuwe wereldburger sta je immers blanco en neutraal in het leven en moet alles worden afgetast, onderzocht en aangeleerd. Dat proces heet opgroeien. En dat gaat gepaard met veel vallen en net zo vaak opstaan. In de jongste levensfase zal een kind dagelijks met een grote regelmaat krijgen te horen dat iets niet geoorloofd is en dus ook moet worden afgeleerd: “FOEI, dat mag niet!” Door dit te blijven herhalen zal een kind waarden en normen leren en overnemen van zijn of haar ouders, om hiermee vervolgens de wereld op een passende manier te laten zien dat het bestaat en iets kan gaan bijdragen aan de maatschappij. De regels die aangeleerd kunnen worden zijn deels wettelijk, cultureel of persoonlijk van aard en worden grotendeels ook onbewust door kopieergedrag overgenomen van de ouders. Tijdens de gehele schoolloopbaan van een kind zal de leefwereld vervolgens verder worden verrijkt. Ook daar heersen waarden en normen en zullen schoolregels en sociale contacten een kind verder vormen, in combinatie met de huiselijke opvoeding die een grote rol zal blijven spelen.

Als leraar sta ik bij de schoolse opvoeding van alle leerlingen, die onder mijn hoede mogen proeven aan het bedenken van concepten, het uitbeelden van deze ideeën in woord en beeld en het evalueren van deze processen, vaak ook voor bepaalde ad hoc beslissingen die een leerling al dan niet een bepaalde route doen inslaan. Afhankelijk van gedrag en inzet tijdens het vervaardigen van een opdracht, betrap ik mezelf nog regelmatig op functioneren vanuit de ‘FOEI-modus’. Hierbij moet onderscheid worden gemaakt tussen een noodzakelijke en pedagogisch ‘mag niet’ en een creatief beperkende ‘FOEI.’

Pedagogiek
De pedagogische variant komt voort uit het etaleren van bepaald ongewenst en/of onveilig gedrag van leerlingen, waarbij de schoolregels en/of de veiligheidsregels in het gedrang kunnen komen. Het is dus in feite een verlengde versie van de huiselijke corrigeeractie, waarbij maar weer eens naar voren komt dat school en thuis niet los van elkaar kunnen worden gezien en dat samenwerken nodig is. Een onveilige werkhouding in een praktijklokaal hoort gecorrigeerd te worden. Veiligheid staat namelijk voorop. Ongewenst gedrag zal ook worden gecorrigeerd, al komt dit al meer in de buurt van een coachend gesprek om de leerling te laten inzien dat er ander gedrag gewenst is.

Met creatieve beperkingen behoor je daarentegen als leraar soepel om te gaan en kun je opereren in een setting waar veel mogelijk is. Helaas is dat in veel gevallen nog not done. Het zijn met name de cognitieve langetermijndoelen en examenvoorschriften die een creatieve houding vaak in de weg kunnen staan en regelmatig een indirect en verlammend ‘FOEI’ laten horen. Het is hierbij jammer dat elke leerling moet voldoen aan de gestelde eisen die bijvoorbeeld een centraal schriftelijk examen van ze verlangt. Het is dan ook kwalijk dat tijdens het beantwoorden van (meerkeuze)vragen meestal maar één antwoord goed wordt geteld, dit terwijl er vaak andere manieren zijn die ook met een ander antwoord zijn op te lossen. Op een creatieve en niet voor de hand liggende manier dus. Het corrigeervoorschrift beslist in dat geval echter anders.

Er wordt geen ruimte gegeven voor andere inzichten die wellicht op een creatievere manier ook goed kunnen zijn. Er volgt dan meestal een ‘mag niet’, in de vorm van een rode streep door het antwoord. Een ontwikkeling onterende situatie, waarbij niet in het voordeel van de leerling wordt beslist, maar een autoritair doorgedrukt antwoord de doorslag geeft. Leerlingen moeten immers veelal voldoen aan de cognitieve eisen der eenheidsworst.

Het moge duidelijk zijn dat men met veel ‘mag niet’s’ in een maatschappij onnodig weerstand zal blijven oproepen. Weerstand die creativiteit en denken in andere oplossingen en mogelijkheden de kop in zal drukken. Laten we dan ook vanaf nu proberen af te spreken dat wanneer mensen zich houden aan de wet en kunnen instaan voor hun eigen én andermans veiligheid, er veel mogelijkheden moeten kunnen zijn om te ontplooien als autonoom mens, in een tijd waarin tolerantie en creativiteit hoogtij horen te vieren. En waarin het positieve meer benoemd mag worden dan het negatieve. Misschien dat René Dercksen binnenkort dan een tweet wil wijden aan alles wat wél mag. Kijken wat er dan gebeurt.

Cc-foto: Joe Coyle


Laatste publicatie van PascalCuijpers

  • Leraren zijn net echte mensen

    ‘De kunst van onderwijs is mogen plaatsmaken voor verbeelding en durven openstaan voor verwondering…’

    September 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (3)