Laatste update 23:52
2.888
98

Universitair hoofddocent, UvA

Joost van Spanje is universitair hoofddocent politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in onderzoek naar de reacties van de gevestigde orde op nieuwe politieke partijen. Dit omvat juridische reacties (bijv. strafvervolging), politieke reacties (bijv. cordons sanitaires) en media-reacties (bijv. doodzwijgen). Joost is winnaar van de Jaarprijs Politicologie 2010, van een NWO Veni-onderzoeksbeurs in 2012 en van een NWO Vidi-onderzoeksbeurs in 2015.

Waarom Bregret?

Zij zenden een signaal dat niet ongestraft genegeerd kan worden

cc foto: David Young
cc foto: David Young

Veel Britse kiezers hebben spijt van hun Brexit-stem. Dit ontlokte hoon en opluchting in het andere kamp: die sukkels wilden helemaal geen Brexit! Maar dat betekent nog niet dat hun stem geen ander signaal bevatte. En al helemaal niet dat dit signaal ongestraft kan worden genegeerd.

“Ik dacht dat mijn stem niet al te veel zou uitmaken omdat ik dacht dat we toch wel zouden blijven.” Deze en andere citaten van Brexit-spijtoptanten circuleerden op het internet, en de wijdverbreide “Bregret” kreeg aandacht in vele nieuwsmedia wereldwijd. De Bregret leidde tot allerlei soorten reacties. Rode draad: de spijtoptanten-stem was niet serieus. Maar dat is niet noodzakelijkerwijs het geval.

Enerzijds was de spijtoptanten-stem deels ondoordacht. Anderzijds hadden sommigen reden voor hun spijt: ze voelden zich bijvoorbeeld misleid door oud-politicus Nigel Farage, die zei dat EU-contributie na een Brexit zou worden aangewend ten bate van de gezondheidszorg. En anderen ging het niet om Brexit; ze dachten dat ze toch wel zouden blijven – zie bovenstaand citaat. Die groep is interessant.

Als voor hen EU-uittreding niet het doel was, waarom stemden ze dan voor een Brexit? Wellicht was een andere motivatie belangrijker. Op zich niets nieuws. Kiezers gebruiken regelmatig hun stem om een antwoord te geven op een nooit gestelde vraag. Dit wordt wel een ‘proteststem’ genoemd. Een ongelukkige term: zulk ‘protest’ kan immers weloverwogen en substantiële beleidskeuzes inhouden.

Zelf spreek ik liever van een ‘signaal’ van kiezers. Als bij het referendum het doel van veel kiezers was om louter een signaal af te geven, dan verklaart dat de spijt achteraf. Dan was het niet hun bedoeling om Brexit te bewerkstelligen, maar om iets anders duidelijk te maken. Liefst zonder dat de beurzen kelderden, de economie in een recessie belandde en zijzelf ruzie kregen met de kinderen.

Nederlands voorbeeld van een signaal: de overgrote meerderheid van de kiezers is het op veel punten oneens met Geert Wilders. Ook wil het leeuwendeel hem nimmer als premier. Waarom overweegt dan een fors deel van die kiezers een stem op Wilders? Precies – als signaal naar andere politici dat ze het op één thema met hem eens zijn en dit thema belangrijk vinden: immigratie.

Wat kan dan dat signaal zijn geweest bij het Brexit-referendum? Op 9, 23, 24 en 25 juni liet NRC Handelsblad Brexit-kiezers aan het woord. De helft noemde immigratie als reden. Vaak in klare taal, zoals: “geen plek voor al die immigranten,” “we zijn vol” en “we kunnen niet de hele wereld bij ons ontvangen.” Gezien de sociale onwenselijkheid van die taal is de helft welllicht een onderschatting.

Een klein aantal observaties, maar ze stroken met andere cijfers. In focusgroepen bleek immigratie een kernthema. En in een peiling onder ruim 12.000 kiezers zei een derde van de Brexit-stemmers dat het de hoofdreden was voor hun stem. Bovendien bleken voorkeur voor immigratierestrictie en afkeer van multiculturalisme beide sterk positief samen te hangen met een stem voor Brexit.

Het is bekend dat veel Britten minder immigratie wensen, en meer integratie. Dit blijkt uit veel onderzoek. In 2014 bijvoorbeeld vond 46% van een representatieve steekproef van zo’n 2.200 Britten dat immigranten (veel) beter werden behandeld dan zijzelf. Verder wilde 48% weinig of geen immigranten meer uit armere Europese landen, en 56% weinig of geen uit landen buiten Europa.

Gaven veel Britten een anti-immigratiesignaal? Ze hebben weinig andere manieren om zo’n signaal te geven: anti-immigratiepartijen spelen er nauwelijks een rol. Afgezien van dat signaal geloofden ongetwijfeld veel kiezers de bizarre logica van uittreding om immigratie – een internationale kwestie – op te lossen. Farages posters van haveloze immigranten in Oost-Europa hielpen daar vast bij.

Het is nog te vroeg om te zeggen hoe groot de invloed van immigratie was op de referendumuitslag. Maar vaststaat dat Brexit lang niet de 51,9% zou hebben gehaald als immigratie geen hoofdthema  was geweest. In de meeste andere EU-lidstaten zijn de kiezersvoorkeuren op gebied van immigratie niet milder. Dat belooft wat voor eventuele toekomstige volksstemmingen over exit van die landen.

Meer algemeen worden verkiezingen in Europa vaak bepaald door immigratievraagstukken. In Nederland hebben we dat gezien in 2002, toen tegen de achtergrond van verhit immigratiedebat een forse verschuiving naar rechts plaatsvond. Wat leverde die verschuiving op? Verrechtsing van beleidsuitkomsten op tal van terreinen, terwijl immigratie- en integratiekwesties onopgelost bleven.

En zo wordt Europa gegijzeld door immigratievraagstukken. Die kwesties zijn niet aangepakt op een slimme, rechtsstatelijke manier waar de meerderheid mee kan leven. Is dat het signaal dat de Britten afgeven: als grenzen niet goedschiks dichtgaan, gaan ze kwaadschiks dicht – desnoods ten koste van samenwerking en welvaart? Dat is wellicht niet wat u en ik graag horen. Maar dat heet democratie.

Terecht of niet, zo’n signaal kan niet ongestraft in de wind worden geslagen.

Geef een reactie

Laatste reacties (98)