27.795
81

Historicus en docent in het voortgezet speciaal onderwijs

Max van Lingen is bestuurslid van de Internationale Socialisten en medeorganisator van de manifestatie tegen racisme en uitsluiting van afgelopen 30 oktober.

Waarom de scholen dicht moeten blijven

Een beëindiging van de sluiting van de scholen brengt een heleboel volwassenen weer in contact met elkaar. Dat is een risico dat we niet moeten willen nemen.

Het kabinet heeft aangegeven pas op 31 maart een besluit te nemen over het wel of niet verlengen van de maatregel om de scholen in het primair-, voortgezet- en middelbaar beroepsonderwijs te sluiten. Het kabinet hoopt dat voor die tijd het RIVM-onderzoek naar de besmettelijkheid van het coronavirus onder kinderen is afgerond.

Dat is om meerdere redenen slecht nieuws. Het RIVM heeft er sinds het begin van de coronacrisis geregeld naast gezeten en meerdere keren verkeerde adviezen gegeven. Maar wellicht nog belangrijker is dat een beëindiging van de sluiting van deze scholen ook een heleboel volwassenen weer in contact brengt met elkaar. Dat is een risico dat we niet moeten willen nemen.

Kinderen
Wat kan het RIVM precies onderzoeken? Het is immers niet de vraag óf kinderen drager kunnen zijn van het virus en óf ze het virus verspreiden. Op die vragen weten we het antwoord al: ja, dat kan allebei. Het enige wat het RIVM kan onderzoeken is in welke mate kinderen het virus kunnen verspreiden.

Cc-foto: Wokandapix

Dit betekent dat er uiteindelijk een besluit moet worden genomen of het risico dat we lopen door de scholen weer te openen acceptabel is. Dit was ook het argument dat het kabinet in eerste instantie gebruikte om de scholen open te houden, terwijl in het grootste deel van de rest van Europa de scholen gesloten werden. De ‘maatschappelijke gevolgen’ zouden te groot zijn.

De officiële lijn tijdens de persconferentie van 12 maart was dat de scholen open moesten blijven, zodat ouders die werkzaam zijn in vitale sectoren – met name de zorg – naar hun werk konden blijven gaan. Maar toen onder maatschappelijke druk de scholen daadwerkelijk dicht gingen, bleek een simpele uitzonderingsregel voldoende. De groep leerlingen waarvan beide ouders werkzaam zijn in vitale sectoren is immers heel klein. In mijn eigen klas zit bijvoorbeeld slechts één leerling waarvan één ouder in een vitale sector werkt.

Volwassenen
Juist door de scholen opnieuw te openen, worden de risico’s voor mensen die in vitale sectoren werken vergroot. Het zijn immers niet enkel kinderen die naar school gaan. In totaal werken er 230.000 mensen in het primair en voortgezet onderwijs. Als de scholen weer zouden worden geopend, komen al deze mensen terecht in een situatie waarin het onmogelijk is anderhalve meter afstand te houden.

Daar komt nog eens bij dat veel kinderen – vooral in het primair onderwijs – naar school worden gebracht door hun ouders. Hierdoor is het voor aanvang en na afloop van een schooldag enorm druk rondom scholen. Ook hierdoor betekent het opnieuw openen van de scholen dat er onvermijdelijk situaties gaan ontstaan waarin volwassenen geen anderhalve meter afstand kunnen houden.

Tot slot moeten scholen die open zijn ook schoongemaakt worden. De schoonmaaksector is een vitale sector. Door de scholen weer te openen, wordt deze sector nog eens extra belast. Dit terwijl schoonmakers vanwege de aard van hun werk op dit moment een groter risico lopen ziek te worden dan de meeste andere mensen.

Van al deze groepen – leerlingen, docenten, ouders en schoonmakers – is een flink deel afhankelijk van het openbaar vervoer. Hierdoor neemt het risico dat zij mensen die in vitale sectoren werken, en die ook met het openbaar vervoer reizen, alleen maar toe. Willen we zorgen dat mensen in vitale sectoren hun werk kunnen blijven doen, dan moeten de scholen juist gesloten blijven, ongeacht de mate waarin kinderen het virus verspreiden.

In de praktijk
Sowieso lijkt het er op dat het RIVM bij zijn adviezen totaal geen rekening houdt met de praktijk op scholen. Tijdens de persconferentie van 12 maart kreeg Jaap van Dissel, directeur van het Centrum Infectiebestrijding van het RIVM, het voor elkaar het kabinetsbesluit de scholen open te houden te funderen op de wereldvreemde aanname ‘dat op scholen geen kinderen meer komen met klachten.’

Kinderen hebben echter om de haverklap klachten. Het is voor ouders altijd al een dilemma te bepalen wat de ernst is van bepaalde klachten. Kinderen hoesten, niezen en snotteren wat af door het jaar heen. Dat is heel normaal en heeft te maken met de ontwikkeling van hun immuunsysteem. Maar dat betekent ook dat ervan uitgaan dat ouders kinderen bij elke klacht thuishouden, regelrecht wensdenken is.

Daar komt nog eens bij dat wanneer de scholen weer open zouden gaan, ouders in een lastige positie komen ten opzichte van hun werkgever. Daar waar werkgevers er nu niet omheen kunnen dat hun werknemers met kinderen nu eenmaal te maken hebben met gesloten scholen, ontstaat bij heropening van scholen voor ouders een heel lastige situatie.

Als de scholen opnieuw worden geopend, zullen ouders zich weer moeten gaan verantwoorden wanneer ze kinderen thuishouden. In sommige gevallen zullen werkgevers rekening houden met de situatie. Maar in veel andere gevallen zal er – al dan niet impliciet – toch druk worden uitgeoefend op ouders. Het is onwaarschijnlijk dat alle ouders in die situatie zullen kiezen voor het thuishouden van hun kind.

Volksgezondheid of economie
De argumenten die het kabinet en het RIVM in eerdere instantie gebruikten om de scholen open te houden, lijken dus weinig hout te snijden. Maar waarom wordt nu dan toch weer overwogen de scholen vanaf 6 april te openen?

Petra van Haren, voorzitter van de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS), legde de vinger op de zere plek in haar reactie op de persconferentie van het kabinet: ‘Wat zet je bovenaan? De economie of de gezondheid van mensen?’ De afgelopen maanden hebben duidelijk gemaakt dat het kabinet er steeds voor terugschrikt maatregelen ten gunste van de volksgezondheid te nemen die grote economische gevolgen hebben.

De neoliberale hoogleraar Ira Helsloot verdedigde het openhouden van de scholen in een interview met de Volkskrant als volgt: ‘Als je nu ineens alle scholen vier weken dichtdoet, luidde een schatting van de schoolsluitingswerkgroep tijdens de Mexicaanse griep, moet zo’n tien procent van de mensen die normaal werkt thuis voor kinderen zorgen. Dat zijn enorm veel mensen die niet kunnen werken en die economische schade – en dus ook geld voor de gezondheidszorg – haal je later niet in.’

Het besluit of de scholen op 6 april weer opengaan, heeft niets te maken met de vraag in hoeverre kinderen het virus kunnen verspreiden. Zoals Jaap van Dissel al zei in een interview met de Volkskrant: ‘Als je alles op slot gooit, stopt de BV Nederland. Die afweging wil je toch koppelen aan de situatie waarin we ons bevinden. Daartussenin moeten de bestuurders laveren bij het maken van keuzen.’

Hier wordt duidelijk wat het kabinet daadwerkelijk bedoelt met de ‘maatschappelijke gevolgen’ van dichte scholen. Celbioloog Eelco van Anken, woonachtig in Milaan, kraakte die opstelling in een interview met de website voor onderzoeksjournalistiek Follow the Money: ‘Naar goed Nederlands gebruik sluiten we nu een compromis waarbij alle belangen zo goed mogelijk tegen elkaar afgewogen worden. Maar in dit geval is een compromis naar mijn mening totaal niet vruchtbaar.’

De scholen moeten dicht blijven
Gezien de ervaringen met de aanpak van de coronacrisis kunnen we er niet op vertrouwen dat het kabinet het belang van de bevolking voorop stelt. Net zoals in eerste instantie de sluiting van de scholen werd afgedwongen door toenemende maatschappelijke druk, moet nu ook de verlenging van deze maatregel worden afgedwongen.

De huidige situatie vraagt enorm veel van docenten, ouders en leerlingen. In een enquête van de AOb gaf tweederde van de respondenten aan ‘de afgelopen week meer tot veel meer werkdruk te hebben ervaren dan in een normale werkweek’. Dit is ook mijn eigen ervaring. Ik vind het ook verschrikkelijk om juist in de huidige situatie mijn leerlingen enkel via een computerscherm te kunnen zien en horen. Maar de gevolgen van laks beleid dat economische belangen boven volksgezondheid plaatst, zijn nog vele malen erger.

Geef een reactie

Laatste reacties (81)