1.293
12

Docent en publicist

Pascal Cuijpers is docent beeldende vorming en faalangstreductietrainer op een middelbare school. Daarnaast is hij publicist en auteur. Hij schrijft op vaste basis columns en opiniestukken over onderwijs en de maatschappij voor o.a. de Nationale Onderwijsgids, HetKind en Joop. Tevens verschijnen zijn artikelen regelmatig in diverse landelijke dagbladen en onderwijsmagazines. Van zijn hand verschenen eerder de educatieve scheurbundel '200 Dagen School & Scheuren!' en de onderwijsbundels 'Leraren hebben meer vakantie dan mensen die werken' - inmiddels vierde druk - en 'Leraren zijn net echte mensen' (per 1 september 2017). Allen bij uitgeverij Quirijn.

Waarom het ‘calimero-complex’ ons juist groot maakt

De scheidingslijn tussen 'on-Nederlands' succes, een minderwaardigheidsgevoel en vermeende arrogantie is flinterdun

We wonen in een land waarin we alleen boven het mondiale maaiveld uitsteken door onze gemiddelde lichaamslengte. Want, wij Nederlanders zijn namelijk het langste volk ter wereld. Ironisch genoeg staat daar tegenover dat we tevens gebukt gaan onder een, vaak fatalistische, minderwaardigheid ten opzichte van andere landen om ons heen.

Hierbij zijn we er vaak onbewust van overtuigd dat het (nood)lot onvermijdelijk is, waardoor er een passieve houding ontstaat met betrekking tot een bepaalde ontwikkeling. Daardoor maken we het voor onszelf alleen maar lastiger om grootse doelen te verwezenlijken en niet alleen maar letterlijk, maar ook figuurlijk boven het maaiveld proberen uit te steken.

Dit alles heeft te maken met een geëvolueerde Nederlandse mentaliteit, een landelijk cultuurtje, dat we ook wel het ‘Calimero-complex’ noemen. Dit complex, gebaseerd op de welbekende uitspraak van het gelijknamige zwarte kuikentje, geeft aan dat wij Nederlanders ons in het algemeen nederig opstellen tegenover heersende grootmachten als bijvoorbeeld de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, China of Australië. Iets wat in eerste instantie niet vreemd is, wanneer we de verschillende landen qua grootte met elkaar vergelijken. Maar moet dat tevens ook een uitgangspunt zijn voor nationale onderdanigheid en het laten stranden van ambities in het zicht van de landsgrenzen?

Gelukkig zijn er uitzonderingen. Medeburgers die het landelijk ver hebben geschopt, in wat voor discipline dan ook, en hun verdere ambities op een hoger niveau hebben kunnen verwezenlijken. Dit zijn de mensen die ons land telkens weer op de wereldkaart weten te zetten, door hun metaforische kuikenvacht van zich af te schudden en het eierdopje naast zich neer te leggen. Helden die door middel van tomeloze inzet, passie en doorzettingsvermogen, intrinsieke doelen aanpakken én deze ook vaak weten te vergulden met heroïsche resultaten. Vastbijters, die hun schare binnenlandse aanhangers oneerbiedig laten zeggen dat datgene wat zij presteren van ‘on-Nederlandse’ kwaliteit en klasse is. Denk hierbij bijvoorbeeld aan onze sporters, die ervoor zorgden dat we afgelopen jaar het meest succesvol ooit waren op grote toernooien, onze wereldberoemde Nederlandse dj’s en artiesten die internationaal succes hebben en aan onze kunstenaars en designers die de ‘Nederlandse school’ inmiddels wereldwijd weten te overtuigen met hun vernieuwende concepten en producties.

Deze mondiale successen maken ons natuurlijk trots. Ze vervullen een gevoel van ieders persoonlijke erkenning en zorgen daarnaast voor een landelijk eensgezindheidsgevoel. Typerend aan deze successen is het beeld dat we als Nederlanders graag opereren vanuit een ingebouwde bescherming, de zogenaamde ‘underdogpositie’. De gedachte dat er wellicht geen aanspraak zal of kan worden gemaakt op succes in het buitenland, werkt immers minder verlammend dan gezien worden als de absolute favoriet. Voor de meeste Amerikanen werkt dit principe gek genoeg juist andersom! Geïndoctrineerd door de gedachte en wetenschap dat men daar een aangeboren killer-instelling heeft, geeft hen daardoor al een psychologische voorsprong op het gebied van het uitspreken van ambities en het uitvoeren van hun kunstje.

In dit verband is een uitspraak van topzwemmer en Olympisch finalist (2012), Joeri Verlinden, treffend voor de Nederlandse successencultuur. Hij gaf als ervaringsdeskundige aan, dat in ons land ambitie nog te vaak wordt verwisseld met arrogantie. Daarnaast is het volgens hem gemakzuchtig om de ‘underdog’ te (willen) zijn. “Je hebt daarna immers gelijk of het valt mee wanneer de prestatie tegenvalt…”

De scheidingslijn tussen ‘on-Nederlands’ succes, een minderwaardigheidsgevoel en vermeende arrogantie is dus flinterdun en hypocriet in dit land. Grootse successen worden massaal gevierd in ons land. Uitspraken over toekomstvisies en ambities worden massaal de kop ingedrukt in het kader van arrogantie en grootheidswaan, voorafgaande aan eventuele prestaties van wereldformaat. Boven het figuurlijke maaiveld uitsteken was dus nog nooit zo gecompliceerd.

Al is dit dan weer wél een mooi voorbeeld van de uitdrukking: “waar een klein land, groot in kan zijn!”


Laatste publicatie van PascalCuijpers

  • Leraren zijn net echte mensen

    ‘De kunst van onderwijs is mogen plaatsmaken voor verbeelding en durven openstaan voor verwondering…’

    September 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (12)