961
21

Hoogleraar Openbare Financiën

Professor Harrie Verbon is econoom en momenteel werkzaam als hoogleraar Openbare Financiën en Sociale Zekerheid aan de Universiteit van Tilburg. Zijn onderzoek behelst onder meer de volgende terreinen: de macroeconomische effecten van vergrijzing, migratie, herverdeling en economische groei, overdrachten tussen generaties (inclusief pensioenen) en verhandelbare emissierechten. Professor Verbon is daarnaast lid van het bestuur van het Rathenau Instituut. Hij was eind jaren '90 lid van de programmacommissie van het CDA, maar heeft inmiddels het lidmaatschap van die partij opgezegd.

Waarom moet ik aan Haïti geven?

Kan minister Koenders dat niet zelf doen?

Graag doe ik me voor als een sociaal voelend mens. Zo vind ik dat we in Nederland aan iedere burger een hoog minimuminkomen moeten garanderen. Mensen hebben, wat mij betreft, recht op een uitkering als ze er zelf niets aan kunnen doen dat ze in een miserabele situatie zijn terecht gekomen. Geef aan die mensen genereus, het had immers ook jezelf kunnen treffen en als het je treft… Enfin, dat hoop ik dus niet en ik wil eigenlijk ook niets met dat geven te maken hebben.

Eén keer in mijn leven heb ik in de tram in Boston, vlak voor ik uitstapte bij het vliegveld, mijn laatste trammuntjes aan een hele jonge moeder met kleine kinderen gegeven. Ze keken blij verrast, maar ik voelde me alsof ik een oneerbaar voorstel had gedaan. Het heeft waarschijnlijk iets te maken met de ‘embarrassment of riches’, dat je je er eigenlijk voor schaamt dat jij het zo goed hebt en zij zo slecht.

Stel je voor dat onze arme medeburgers van private liefdadigheid rond zouden moeten komen. Dan zouden er om de zoveel tijd televisieacties nodig zijn omdat kennelijk mensen toch vooral willen geven als het een beetje zichtbaar is dat anderen ook geven en als er een kans is dat je als gulle gever een bekende Nederlander aan de telefoon krijgt. We moeten toch vooral van elkaar weten dat we ook echt wat geven.

Ik geef daarom liever niet om de bijstand intact te houden. Liever dan een overschrijving te doen aan het armenhuis, vul ik een keer per jaar mijn belastingformulier eerlijk in en hoop ik dat minister Donner ervoor zorgt dat mijn belastinggeld op een eerlijke wijze door de gemeenten aan de bijstand wordt uitgegeven. Als de bijstand van particuliere liefdadigheid zou afhangen, geeft dat de overheid trouwens ook maar een motief om zijn handen er van af te trekken en het aan kerken en burgers over te laten om de armen te voeden en te laven. Zie de VS.

Ook voor de steun aan landen zie ik niet in waarom dat van particuliere liefdadigheid af zou moeten hangen. Noodhulp is eigenlijk goed te vergelijken met de bijstand op nationaal niveau. Het gaat om het lenigen van nood waar het land zelf niets aan kan doen. Het parlement is dan de aangewezen plek om het gewenste bedrag te bepalen. Dat is een stuk efficiënter dan het particuliere initiatief waarbij ieder individu voor ieder land zou gaan beslissen op hoeveel hulp het recht heeft.

We nemen het geval van Haïti voor een rekenvoorbeeld. Eerst moeten alle Nederlanders bepalen hoeveel ze denken dat Haïti na de aardbeving nodig heeft. Stel, door een wonderlijk toeval komen we met zijn allen op hetzelfde bedrag van 83 miljoen euro uit. Dan moeten we nog een schatting maken van het bedrag dat de andere 16½ miljoen Nederlanders willen geven. Dan moet je er nog rekening mee houden dat minister Bert Koenders op alle tv-zenders glunderend verteld heeft dat hij bij ieder privaat gedoneerde euro er zelf ook een euro bijdoet. Dan krijgt u na deze ingewikkelde rekensom misschien een bedrag van 250 dat u zelf moet bijdragen. En ziedaar, na uw 250 euro gedoneerd te hebben, is aan het eind van de nationale TV-actie van 21 januari een bedrag van 83 miljoen euro opgebracht.

Was het niet een sympathiek gebaar van Bert  Koenders om die extra euro er bij te doen? Niet echt, nee. Hij maakte gebruik van zijn ‘first-mover advantage’, zoals speltheoretici dat noemen, om ons te doen geloven dat wij twee keer zoveel gaven als we echt gaven. Dat was natuurlijk misleiding. Die extra euro betaalden we ook zelf. Minister Koenders kwam er met een koopje van af. Hij had ook in één keer het bedrag van 83 miljoen euro op tafel kunnen leggen. Dan hadden wij niet anderhalf uur op de Verrekijk naar Jeroen Pauw met stropdas hoeven te kijken. 

Geef een reactie

Laatste reacties (21)