1.459
21

Lector openbare orde aan Politieacademie

Lector openbare orde en gevaarbeheersing aan de Politieacademie in Apeldoorn en gasthoogleraar aan de Universiteit van Liverpool. Als gedragswetenschapper is Adang geïnteresseerd in agressie, verzoening en collectief gedrag, speciaal in verband met openbare orde handhaving, voetbalvandalisme, gebruik van geweld en de interactie tussen politie en burgers.

Waarom Nederland geen etnische rellen kent

Het lijkt niet terecht de gebeurtenissen in Terweijde te duiden als etnisch conflict.

De afgelopen decennia is ook Nederland getransformeerd tot een multiculturele samenleving. Migratieprocessen verlopen zelden geruisloos en vrijwel vrijwel geen enkele samenleving waar sprake is van migratie ontkomt aan etnische spanningen. Soms monden die spanningen uit in gewelddadigheden tussen verschillende bevolkingsgroepen of is er sprake van confrontaties met de overheid en de politie als belangrijkste representant.

Toch hebben, ondanks de ongeregeldheden die na de jaarwisseling 2009 – 2010 uitbraken in de Culemborgse wijk Terweijde (die door sommigen als “rassenrellen” werden betiteld), collectieve geweldsuitbarstingen die qua schaal of heftigheid enigszins vergelijkbaar zijn met de rellen zoals die in de Franse banlieues of de binnensteden van Groot-Brittannië plaatsvonden, tot op heden in Nederland niet plaatsgevonden. Er zijn wel incidenten met een etnische component geweest, maar geen over een groter geografisch gebied verspreide met elkaar verbonden geweldsuitbarstingen of meerdaagse rellen op etnische grondslag.

Hoe komt het dat, hoewel er met enige regelmaat spanningen zijn tussen groepen onderling en tussen etnische groepen en de politie, er de laatste decennia geen sprake is geweest van grootschalig etnisch geweld in Nederland? Zijn “wij” anders dan de ons omringende landen waar wel sprake is geweest van grootschalig etnisch geweld? Doen we iets goed in Nederland of hebben we tot nog toe geluk gehad en kan die grote rel ieder moment plaatsvinden?

We hebben onderzoek gedaan naar die vraag en zijn tot de conclusie gekomen dat het niet alleen maar geluk is geweest dat er de afgelopen jaren geen grootschalige etnische rellen zijn geweest in Nederland. Hoewel de multiculturele samenleving bepaald niet zonder problemen is, is er structureel geen sprake van een zodanige cumulatie van etnisch gerelateerde risicofactoren dat een vanzelfsprekende voedingsbodem voor etnische rellen aanwezig is.

De wijze waarop in Nederland overheid, maatschappelijke partners en politie gebiedsgebonden op sociale cohesie gericht beleid voeren en achterstanden proberen weg te werken draagt, met vallen en opstaan, bij aan relaties die minder conflictueus zijn en meer op samenwerken gericht. We hebben specifiek gekeken naar een vijf situaties die zich in de afgelopen jaren in Nederland hebben voorgedaan waarbij diverse ingrediënten voor het uitbreken van ongeregeldheden aanwezig waren (zoals Oosterwei in Gouda, en het neerschieten van een Marokkaanse Nederlander op een politiebureau in het Amsterdamse Slotervaart). Het blijkt dat de de-escalerende aanpak die gevolgd wordt in een combinatie van preventie en repressie, empathie en handhaven cruciaal is om rellen te voorkomen. Zo’n aanpak is alleen mogelijk met een politie die stevig verankerd is in de lokale samenleving en die een beroep kan doen op bestaande contacten en relaties.

En hoe zit het dan met Culemborg? Was en is er in Terweijde daadwerkelijk sprake van een etnisch conflict? Hoe meer we er van weten, hoe duidelijker het wordt dat het in feite niet gaat om een conflict tussen twee gemeenschappen en dat slechts een beperkt aantal personen verantwoordelijk zijn voor de ontstane problemen. Het lijkt daarom niet terecht de gebeurtenissen in Terweijde te duiden als etnisch conflict.

Tegelijkertijd maken de gebeurtenissen in Culemborg duidelijk hoe makkelijk een incident of serie incidenten kan leiden tot processen van solidarisering op groepsniveau en kan escaleren tot een etnisch conflict tussen – in dit geval – Nederlanders van Marokkaanse en Molukse afkomst. Hoe sterker betrokkenen en niet-betrokkenen (bijvoorbeeld nationale politici) het conflict als etnisch van aard of etnisch gemotiveerd etiketteren, des te waarschijnlijker wordt het dat solidarisering plaatsvindt langs etnische lijnen. Dat kan leiden tot een selffulfilling prophecy. Wekenlange inzet van ME bleek onvoldoende en de oplossingsrichting moest uiteindelijk, met een belangrijke faciliterende rol voor de gemeente, burgemeester en politie, door de bewoners zelf geformuleerd en vormgegeven worden. Dat kon alleen maar gebeuren omdat er sprake is van een lokale verankering van de politie en andere betrokken instanties en het beleid niet eenzijdig gericht was op handhaving.

Dit stuk is gebaseerd op de studie: ‘Zijn wij anders? Waarom Nederland geen grootschalige etnische rellen heeft’ van Otto Adang, Ronald van der Wal en Hani Quint. Reedbusiness/ Politieacademie, 2010

Geef een reactie

Laatste reacties (21)